zondag 19 februari 2017

Een illegale legaliseringswet? (IMO)

 

 

Minister van Justitie Ayelet Shaked, oppositieleider Isaac Herzog en onderwijsminister Naftali Bennett in de Knesset

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2017/02/17/een-illegale-legaliseringswet/

 

= IMO Blog =  

Vorige week nam de Knesset een omstreden wet aan waarmee huizen in nederzettingen op Palestijnse privégrond gelegaliseerd worden. Uiteraard was er veel kritiek; de VN en de bekende gremia deden de bekende verklaringen uitgaan. Maar dit keer was er ook felle kritiek in Israel, en niet alleen van de linkse oppositie. Ook Likoed leden als president Rivlin, Benny Begin en Dan Meridor zijn tegen. De procureur-generaal heeft al gewaarschuwd dat het hooggerechtshof hier niet mee kan instemmen en gezegd dat hij de wet daar niet wil verdedigen.

Wat maakt deze wet zo anders dan al het gebouw in de nederzettingen dat al jaren aan de gang is?, vragen sommigen zich wellicht af. Ofwel: is het niet hypocriet nu opeens te roepen dat er een grens is overschreden terwijl Israel al jaren steeds meer land van de Palestijnen ‘afsnoept’?

Het grote verschil is dat nederzettingen normaliter niet op privé grond van Palestijnen mogen worden gebouwd; Israel kan als bezetter niet zomaar grond van Palestijnen confisceren. Dit is wel gebeurd voor de bouw van de afscheidingsbarrière, maar op verschillende plaatsen heeft men de route daarvan moeten bijstellen omdat Palestijnen die met succes aanvochten bij het hooggerechtshof.

Volgens The Times of Israel heeft Israel de afgelopen 20 jaar nauwelijks privéland van Palestijnen geconfisceerd zonder dat het gebruik ervan ook vooral de Palestijnen ten goede zou komen. De media geven wat dit betreft vaak een ander beeld, omdat volgens de gangbare interpretatie van het internationaal recht alle nederzettingen illegaal zijn en al het land op de Westbank eigenlijk de Palestijnen toebehoort. Maar Israel maakt wat dit betreft een scherp onderscheid en gaat ook redelijk soepel om met de bewijsvoering dat land in bezit is van Palestijnen (dit dateert vaak nog van voor 1967 toen de Westbank onder Jordanië viel, en er zijn geen kadasters zoals wij die kennen).

Volgens het CIDI zijn zo’n 2000 huizen op privé grond gebouwd en die zijn ook volgens de Israelische wet niet legaal. Andere media spreken van 4000 huizen, en de NRC presteerde het zelfs in een artikel van 4000 nederzettingen te spreken, maar dat zal wel een vergissing zijn geweest.

De recente ontruiming van Amona is de trigger voor deze wet; de buitenpost Amona was gebouwd op privégrond en moest daarom van het hooggerechtshof ontruimd worden. Veel nederzettingen zijn gebouwd zonder duidelijke goedkeuring van de regering vooraf. Soms werd pas naderhand stilzwijgend steun verleend in de vorm van het leveren van diensten en faciliteiten voor bepaalde nederzettingen. In 2005 werd het Sasson rapport gepubliceerd, dat deze steun voor – soms ook volgens Israel illegale – nederzettingen (buitenposten) kritisch onderzocht en in kaart bracht (“unacknowledged government assistance to illegal settlement construction”). Sindsdien is het moeilijker geworden om op deze half legale wijze buitenposten te bouwen die dan later alsnog worden gelegaliseerd, of om nederzettingen uit te breiden.

De nieuwe wet beoogt feitelijk precies het tegenovergestelde als het Sasson rapport: alle huizen die oorspronkelijk illegaal werden gebouwd, want op privé grond van Palestijnen, dienen alsnog te worden gelegaliseerd. Daarvoor moet aan een van de volgende voorwaarden worden voldaan: de kolonisten moeten de huizen in ‘good faith’ hebben gebouwd, dat wil zeggen zonder zich ervan bewust te zijn dat de grond in privébezit was van Palestijnen, of de regering moet ‘de facto’ toestemming hebben gegeven er te bouwen. Dat laatste wordt heel ruim genomen:

And article 2 of the law ensures that it won’t be hard to demonstrate such support. It defines “agreement of the state” thus: “Explicitly or implicitly, beforehand or after the fact, including assistance in laying infrastructures, granting incentives, planning, publicity intended to encourage building or development, or financial or in-kind participation” in the settlement’s establishment.

If any state agency paved a road, provided electricity or, arguably, merely sent security or law enforcement forces to protect a settlement, the squatters may be able to claim “agreement of the state.”

Dit geldt voor veel buitenposten, en die moeten volgens deze nieuwe wet dus allemaal gelegaliseerd worden. De Palestijnse landbezitters krijgen vervolgens een royale compensatie van Israel van 125% van de waarde van het land. Overigens is lang niet alle privégrond van Palestijnen in gebruik. Voorstanders van de wet wijzen er vaak op dat koning Hussein van Jordanië indertijd nogal royaal was en stukken land op de Westbank uitdeelde aan mensen om hen te bedanken voor bewezen diensten of anderszins wou plezieren. Die mensen woonden er niet en deden verder niks met het land.

Het grote gevaar van en probleem met deze wet is volgens veel tegenstanders echter dat Israelisch civiel recht nu wordt toegepast in gebied dat niet soeverein Israelisch is. Tot nu toe werd op de Westbank gebruik gemaakt van de oude Jordaanse wetten en van militair recht. Daarbij worden de Palestijnen behandeld als levend onder een bezetting, en gelden de regels die het internationaal recht daarvoor heeft opgesteld (Vierde Geneefse Conventie).

Hoewel Israels officiële positie is dat het gebied betwist is en niet bezet, neemt Israel de verplichtingen die een bezetter heeft in acht. Daarbij hoort dat de bevolking niet onder het civiele recht kan vallen van de bezettende mogendheid, daar zij niet kan stemmen voor de regering van die mogendheid en dus op geen enkele manier invloed kunnen hebben op het beleid. Talia Sasson stelde het in The Times of Israel heel helder:

“A state can only legislate where it is sovereign,” Talia Sasson told The Times of Israel in an interview Tuesday. “The basic theory is that the people are sovereign, we choose representatives and they decide the way we behave within this [sovereign] territory.”

Israel verdedigt de bezetting onder andere met het argument dat die tijdelijk is in afwachting van een vredesverdrag. Een situatie die nu al 50 jaar duurt, maar dat is niet voornamelijk Israels schuld: er zijn diverse vredesvoorstellen gedaan en onderhandelingen gevoerd, maar deze voldeden niet aan de Palestijnse eisen. Ook stellen de Palestijnen steeds voorwaarden vooraf om te gaan onderhandelen, waardoor deze geregeld stil komen te liggen. De rechtse regering in Israel is op het moment ook niet erg happig op serieuze onderhandelingen en de mogelijkheid allerlei concessies te moeten doen.

Op plaatsen waar de Palestijnen met Israelische wetten te maken hebben, zoals in Jeruzalem, is hun het Israelisch staatsburgerschap aangeboden en hebben Palestijnen meer rechten dan op de Westbank (de meesten wezen het om principiële redenen af en hebben nu ‘residentie status’). Dit alles om een vorm van ‘apartheid’ te voorkomen: dat verschillende bevolkingsgroepen in hetzelfde gebied onder verschillende wetten vallen. Zelfs president Reuven Rivlin waarschuwt hiervoor, en ziet liever dat Israel de Westbank annexeert en de Palestijnen volledige burgerrechten geeft, omdat daarmee Israels democratische karakter behouden blijft:

“Applying sovereignty to an area gives citizenship to all those living there,” he said repeatedly. “There is no [separate] law for Israelis and for non-Israelis. It must be clear: If we extend sovereignty, the law must apply equally to all,” the president said.

The speech came a day after the president was quoted expressing concern that any unilateral annexation moves that infringed on Palestinians’ rights could be tantamount to apartheid.

Het grote probleem met annexatie is dat zowel Israel als de Palestijnen dat niet willen omdat het neer komt op een gedeelde staat voor beide volken, waarmee binnen afzienbare tijd een einde zal komen aan Joodse zelfbeschikking en/of een burgeroorlog zal uitbreken. De miljoenen nakomelingen van de Palestijnse vluchtelingen kunnen dan ook alleen naar Israel terug, waar ze ook stemrecht zouden krijgen en zorgen voor een Palestijnse meerderheid in het land.

Dat maakt Rivlins kritiek op de nieuwe wet echter niet minder steekhoudend: het feit dat een deel van de grond die in bezit is van Palestijnen niet door hen wordt gebruikt, maakt nog niet dat Israel die zomaar kan confisceren om het vol te bouwen met nederzettingen. Nederzettingen die de stichting van een Palestijnse staat danig in de weg zullen zitten, en in een vredesregeling (als die er ooit komt) waarschijnlijk weer afgebroken moeten worden.

De Israelische regering steunt officieel nog steeds de tweestatenoplossing, al zijn sommige partijen faliekant tegen en is ook Netanyahu bepaalt niet enthousiast. Bouwen in Jeruzalem of in de grote blokken dichtbij de Groene Lijn zou nog grotendeels via een uitruil van gebieden kunnen worden ‘opgevangen’, maar deze wet maakt het volgens tegenstanders mogelijk om ongebreideld te gaan bouwen, overal op de Westbank. Daar is niemand bij gebaat.

Ratna Pelle

 

vrijdag 17 februari 2017

Reguleringswet nederzettingen: een draak van een wet

 

Of de juridische implicaties die Bart Schut hieronder schetst juist zijn, weet ik niet, maar evident is dat de 'Reguleringswet' die Palestijnse grond onteigent waarop nederzettingen zijn gebouwd (indien kolonisten 'niet wisten dat ze op privégrond bouwden'), desastreus is voor Israels verhoudingen met de rest van de wereld. Om te beginnen zal het indienen van de wet er sterk aan hebben bijgedragen dat de regering Obama er in december vanaf zag om een resolutie tegen de nederzettingen van de VN Veiligheidsraad te blokkeren.

 

Wouter

____________

 

Een draak van een wet

De kersverse 'Regulation Law' maakt het mogelijk dat de Israëlische regering land onteigent dat Palestijns privébezit is. De juridische, morele en diplomatieke schade van de wet is nauwelijks te overschatten.

Buiten Israël is nauwelijks steun te vinden voor de onteigeningswet die deze week door de Knesset werd aangenomen. De VN, de EU en haar machtigste staten (Frankrijk, Groot-Brittannië, Duitsland), eerder al de regering-Obama en uiteraard de hele Arabische wereld, zijn unaniem in hun afwijzing van de maatregel, die een schier onbeperkte uitbreiding van de Joodse nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever mogelijk maakt.

De Israëlische politiek zelf is tot op het bot verdeeld. De gehele oppositie stemde deze week tegen, aan coalitiezijde schaarde alleen Likoed-veteraan Benny Begin zich bij de tegenstanders. Advocaat-generaal Avichai Mandelblit heeft laten doorschemeren bij het Hooggerechtshof tégen de wet te pleiten, een bijna unieke actie. Aan de andere kant kunnen de kolonisten op de Westbank hun geluk niet op. De nieuwe regel maakt de legalisering van 4000 illegaal gebouwde woningen mogelijk, waardoor ontruimingen – zoals die van Amona vorige week – definitief tot het verleden zouden behoren.

Te goeder trouw
De Regulation Law bepaalt dat wanneer kolonisten 'te goeder trouw' (lees: wanneer zij niet weten dat het land waarop zij bouwen Palestijns privébezit is) bouwen op de Westelijke Jordaanoever, de regering in Jeruzalem de eigenaar schadeloos stelt met 125 procent van de commerciële waarde van het land of met de waarde van twintig jaar huuropbrengst. De Palestijnse eigenaar is daarmee zijn land kwijt, voorgoed. De wet geldt voor alle toekomstige en de (naar schatting zo'n 4000) bestaande bouwwerken op Palestijns privéland. De sloop van de door het Israëlische Hooggerechtshof illegaal verklaarde woningen in Amona is met onmiddellijke ingang stopgezet, dit tot grote vreugde van rechts Israël.

De wet komt dan ook uit de koker van Naftali Bennett, leider van het uiterst rechtse Habayit Hayehudi (het Joodse Huis) en minister van Onderwijs. Bennett pleit al jaren voor volledige annexatie van de Westelijke Jordaanoever en het vrijwel onbeperkt kunnen bouwen van nederzettingen lijkt een belangrijke stap in de verwezenlijking van dit doel. Zijn partijgenoot in de Knesset Shulli Muallem-Refaeli zei voor de stemming van afgelopen maandag dat de wet 'is opgedragen aan de moedige bewoners van Amona die zijn gedwongen een lot te ondergaan dat geen Joodse familie ooit nog zal bedreigen'.

Rugdekking
In ieder geval kan (en moet) de Regulation Law worden gezien als een escalatie van het nederzettingenbeleid. Sinds het begin van dit jaar kondigde de regering-Netanyahu ook al de bouw van meer dan 7000 woningen op de Westbank en in Oost-Jeruzalem aan. Het is moeilijk deze ramkoers los te zien van de nieuwe rugdekking die Netanyahu verwacht vanuit het Witte Huis. Maar de vraag is of zelfs de zo Israël-verliefde Trump-regering deze wel zeer unilaterale stap van Jeruzalem zal waarderen. Washington heeft Netanyahu vriendelijk gevraagd niet te vaak met dit soort verrassingen te komen. Er zal een moment zijn waarop de Amerikaanse toon in een waarschuwing verandert en de Regulation Law zou hier weleens het eerste voorbeeld van kunnen worden. Volgende week bezoekt Netanyahu voor het eerst de kersverse president in Washington.

De reden dat de internationale gemeenschap zo scherp reageert is dat de Regulation Law elke kans op een tweestatenoplossing om zeep lijkt te helpen. Hoewel dit ongetwijfeld ook de bedoeling is van Bennett en zijn rechtse bondgenoten, is elke andere uitkomst onbespreekbaar voor zo ongeveer iedereen buiten Israël. Met dit soort maatregelen dreigt Jeruzalem het laatste restje steun en sympathie in met name de Europese hoofdsteden – waar het nederzettingenbeleid als grootste obstakel voor vrede wordt gezien – te verliezen.

Betwist of bezet
Dat de nieuwe wet een duidelijke schending van internationaal recht is, lijdt geen twijfel. De Vierde Conventie van Genève verbiedt uitdrukkelijk de bouw van nederzettingen in bezet gebied. Normaal gesproken verweert Israël zich hiertegen met het argument dat 'Judea en Samaria' niet bezet maar betwist zijn. Maar op het moment dat de regering in Jeruzalem een Israëlische onteigeningswet van kracht maakt in dat gebied, is van betwisting geen sprake meer. Nationale wetgeving is immers alleen van kracht in het eigen territorium. De wet ondermijnt dus Israëls sterkste (en wellicht enige) argument tegen de illegaliteit van de nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever. Het is heel simpel: of het gebied is 'betwist' en dan is de Regulation Law er niet geldig, of de wet geldt en dan is het gebied niet langer betwist maar 'gewoon' bezet. Israël kan juridisch net zo min Palestijns privéland onteigenen als Nederland de maximumsnelheid op de Duitse Autobahn kan beperken.

Waar de meerderheid van de Knesset dit argument tegen de Regulation Law niet ziet of wenst te zien, richten tegenstanders hun hoop op het Hooggerechtshof in Jeruzalem. Verwacht wordt dat de raadslieden grote moeite met de wet zullen hebben, niet alleen op bovenstaande juridische gronden, maar ook omdat de wet specifiek gericht lijkt te zijn tegen jurisprudentie van het Hof. Bennett probeerde met indiening ervan ontruimingen zoals die in Amona te voorkomen en daarmee uitspraken van het Hooggerechtshof in de wielen te rijden. Zelfs minister van Defensie Avigdor Liberman, toch niet bepaald een vredesduif, weet het zeker: "De kans dat de wet wordt afgeschoten door het Hooggerechtshof is 100 procent." Misschien is dat wel het beste dat Israël op dit moment kan overkomen.

 

donderdag 16 februari 2017

Israël tussen hoop en vrees: onevenwichtige boekrecensie door Marcel Hulspas

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2017/02/16/israel-hoop-en-vrees-onevenwichtige-boekrecensie-marcel-hulspas/

 

– Door Tjalling –  

Tijdens zijn langdurige correspondentschap in Israël zag journalist Salomon Bouman de Israëlische maatschappij een gedaanteverwisseling ondergaan. Van een sobere, op socialistische leest geschoeide samenleving, zag hij die veranderen in een steeds meer individualistische en kapitalistische maatschappij. In zijn meest recente boek ‘Israël tussen hoop en vrees’ doet Bouman aan de hand van zijn persoonlijke ervaringen als correspondent in Israël verslag van de politieke geschiedenis van het land.

Bouman is somber gestemd over de ontwikkeling die hij heeft waargenomen en aan de hand waarvan hij zijn boek ‘Hoop en vrees’ heeft geschreven. Marcel Hulspas schreef er een recensie over op 11 februari in de Volkskrant, maar wel met veel eigen interpretatie. Zo schrijft hij o.a. dat ‘Israël na de Zesdaagse Oorlog in 1967 zijn ideale gedroomde omvang had bereikt en tegelijk ook een bezettingsmacht was geworden’. In werkelijkheid viel er toentertijd voor Israël weinig te dromen. Het land viel weliswaar als eerste aan op 5 juni van dat jaar, maar had daarvoor wel een zeer dringende reden, namelijk om verdere opbouw van een overmacht aan Arabische troepen te voorkomen. Egypte, dat op 22 mei de Straat van Tiran had geblokkeerd voor Israëlische schepen, had al op 27 mei Israël willen aanvallen en zag daar op het laatste moment van af. Israël kon de grootscheepse mobilisatie van haar leger intussen niet meer lang volhouden.

Voorts merkt Hulspas in zijn recensie op ‘dat blijvende vrede alleen maar mogelijk was door het veroverde bezette gebied deels weer over te dragen’. Zo’n gedeeltelijke overdracht is echter bij lange na niet genoeg voor Israëls vijanden. Dit is in het verleden al duidelijk gebleken. Na een conferentie van de leiders van acht Arabische staten werd op 1 september 1967 de Resolutie van Khartoem uitgegeven. Daarin werd eensgezind verklaard: ”Geen vrede met Israël, geen erkenning van Israël, geen onderhandelingen met Israël”. Tegen het einde van dat jaar riep VN resolutie 242 op tot onderhandelingen om te komen tot een permanente vrede en terugtrekking van Israël uit bezette gebieden. Het benadrukte ook het recht van alle staten in de regio op veilige en erkende grenzen (een duidelijke verwijzing naar Israël). Israël accepteerde deze resolutie, maar de Arabische staten niet. Pas na nog een oorlog, de Jom Kippoer Oorlog van 1973 waarbij Israël volkomen verrast werd door haar vijanden, kwam uiteindelijk de Likoed van Begin aan de macht.

In de jaren ’90 begon met de formele erkenning van Israël door de PLO het vredesproces met de Palestijnen, maar door de jaren heen liepen Palestijnse onderhandelaars meermaals weg van de onderhandelingstafel en werd in 2000 het verstrekkende vredesaanbod van premier Ehud Barak op basis van voorstellen van V.S. president Clinton, waarbij zelfs delen van Oost Jeruzalem zouden worden opgegeven, geweigerd door Jasser Arafat.

In de westerse wereld heeft de optimistische sfeer die heerste na de val van de Berlijnse muur, plaats gemaakt voor een meer kapitalistische en rechtsere samenleving met sterke populistische tendensen. De sombere stemming van Bouman komt natuurlijk mee omdat hij van Israël houdt, maar Hulspas had er in zijn recensie niet moeten negeren dat de ontwikkeling binnen de Israëlische samenleving grote raakvlakken heeft met die in de hele westerse wereld.

 

maandag 6 februari 2017

Ontslag Abou Jahjah was niet laf, maar juist heel moedig (reactie NRC)

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2017/02/02/ontslag-abou-jahjah-was-laf-juist-heel-moedig/


Abou Jahjah legitimeerde geweld tegen onschuldige mensen, schrijft Ratna Pelle. De Standaard trok terecht een grens.

 

Ratna Pelle

NRC Handelblad – Opinie, 31 januari 2017 om 22:38

 

Jan Kuitenbrouwer hekelt in NRC (30/1) het ontslag van Dyab Abou Jahjah door De Standaard. De Belgische krant stopte in januari met de column van de Belgisch-Libanese publicist na zijn reacties op de aanslag in Jeruzalem. Volgens Kuitenbrouwer zouden we solidair met Jahjah moeten zijn, zoals we dat ook waren met de vermoorde cartoonisten van Charlie Hebdo. Kuitenbrouwer maakt meer gekke vergelijkingen, en heeft het over „soortgelijke verzetsdaden” in de Tweede Wereldoorlog in Nederland waar wij juist een voorbeeld aan zouden moeten nemen. Dit zou legitiem verzet zijn omdat het om soldaten ging en de aanslag in bezet Oost-Jeruzalem plaatsvond.

 

Dat laatste is onjuist: de aanslag vond plaats op een heuvel die tijdens de Onafhankelijkheidsoorlog in Israëlische handen kwam en bij de onderhandelingen in 1949 een gedemilitariseerde zone werd tussen de wapenstilstandslijnen van Israël en Jordanië. Het voormalige Britse Gouvernementshuis op de heuvel werd toen een waarnemerspost van de VN. Tijdens de Zesdaagse Oorlog nam eerst Jordanië de heuvel in en vervolgens Israël.

Dat het Israëlische soldaten betrof en geen burgers, doet niet ter zake voor de ernst van de aanslag. De soldaten waren niet op missie maar op een toeristisch uitstapje, en daarmee in feite burgers. Maar zelfs als zij op missie waren, mogen ze niet zomaar gedood worden volgens het oorlogsrecht. Onlangs nog is een Israëlische soldaat veroordeeld voor het doodschieten van een reeds uitgeschakelde terrorist. Je mag een aanvaller immers alleen doden als hij een gevaar vormt voor jou of anderen.

Kuitenbrouwer meent onterecht dat de VN alle geweld tegen een bezetter legitimeert, en haalt daartoe resolutie A/RES/37/43 uit 1982 aan. Dit is een resolutie van de Algemene Vergadering en daarmee geen internationaal recht. Daarnaast stelt het oorlogsrecht wel degelijk allerlei voorwaarden aan het gebruik van geweld, ook als je wordt aangevallen of tegen een bezetting strijdt.

Volgens veel Arabieren is heel Jeruzalem overigens bezet gebied dat de Palestijnen toebehoort, net als heel Israël. Ook Abou Jahjah denkt er zo over, en zet het woord ‘Israël’ daarom doorgaans tussen aanhalingstekens. Hij ontkent daarmee het recht op zelfbeschikking van het Joodse volk, een grondrecht dat door de VN wordt bevestigd.

Abou Jahjah legitimeert in zijn uitlatingen geweld tegen onschuldige mensen en zet mensen op tegen ‘zionisten’, te weten alle Joden die Israëls bestaansrecht niet ontkennen. Hij zet zich niet „weloverwogen” in voor de „bevrijding van een onderdrukt volk” zoals Kuitenbrouwer beweert, maar ageert tegen het bestaan van een legitieme staat die een thuis en veiligheid biedt aan een eeuwenlang vervolgd volk, en vergelijkt dit volk vervolgens met zijn eigen vroegere beulen om het dit basale recht te ontzeggen.

Kuitenbrouwer volgt Abou Jahjah ook in zijn onjuiste verhaal over zijn geboortedorp Hanin. Dit Libanese dorp werd volgens hem in 1976 door Israël aangevallen waarbij 120* burgers werden „afgeslacht”. Israël zat toen echter nog helemaal niet in Libanon en voerde daar geen grootschalige aanvallen uit. In 1976 vonden er grote moordpartijen plaats door Palestijnse, Libanese en Syrische eenheden. Deze aanval werd waarschijnlijk uitgevoerd door (met Israël samenwerkende) christelijke Libanese milities en de dodenaantallen zijn schromelijk overdreven. Pro-Palestijnse bronnen spreken van 20 tot 30 doden, en van „Israël en haar handlangers”. Met deze verdraaiing van de feiten wordt de Israëlhaat en actieve deelname aan Hezbollah door Abou Jahjah gerechtvaardigd.

Het ontslag van Abou Jahjah door De Standaard was niet laf maar juist heel moedig. Men snoert ook niemand de mond, maar trekt wel een grens in wie men aan het woord laat in het publieke debat in kwaliteitsmedia, en wie iets te zeggen heeft dat daaraan bijdraagt en wiens visie te extreem of haatdragend is.

Nederlandse media zouden hier een voorbeeld aan kunnen nemen.

Ratna Pelle is medewerker van de website Israel-Palestina.info

 


* Abou Jahjah zegt in Zomergasten “honderd en twintig” of “onder de twintig”; dat is (bij nader inzien) moeilijk te onderscheiden in de uitzending. Kuitenbrouwer nam het getal 120 over van mijn IMO blog en heeft het op de NRC website inmiddels met een voetnoot gecorrigeerd naar 20.

 

woensdag 1 februari 2017

Eindigt door Trump de Israelische terughoudendheid? (IMO)

http://www.israel-palestina.info/actueel/2017/01/30/eindigt-trump-israelische-terughoudendheid/

 

= IMO Blog = 

 

Niet alleen Trump, ook Israel lijkt voortvarend te werk te gaan sinds er op 20 januari een andere wind is gaan waaien in de VS. Afgelopen week werd twee keer kort na elkaar de bouw van nieuwe woningen in Oost-Jeruzalem en de grote nederzettingenblokken aangekondigd. Volgens een verklaring van minister Lieberman gaat het om woningen in nederzettingen die Israel nooit zal opgeven voor een vredesverdrag met de Palestijnen (In de meeste voorstellen zouden deze gebieden worden geruild tegen andere grond). De extra woningbouw zou nodig zijn om ‘het dagelijkse leven in de nederzettingen te handhaven’.

Dat zou kunnen kloppen, want de NOS meldde dinsdag in het journaal dat Israel de afgelopen jaren terughoudend was in het bouwen in de nederzettingen. Opvallend om dat uit de mond van de NOS presentator te horen, want de afgelopen tijd werd een andere indruk gegeven. Deze Israelische regering zou de nederzettingen in steeds sneller tempo uit de grond stampen en daarmee een lange neus trekken naar de rest van de wereld, aldus de teneur in onze kranten en journaals.

Terughoudenheid

Dat blijkt dus toch net iets anders te liggen, vernemen we nu Israel onder een de nederzettingen gunstig gezinde president in de VS inderdaad lijkt los te gaan. Verschillende kranten schreven dat Israel plannen de afgelopen maanden uitstelde in afwachting van het vertrek van Obama. Ook de NRC heeft het over ‘jaren van terughoudendheid’, waar men wel aan toevoegt dat tijdens Obama’s presidentschap de bevolking in de nederzettingen flink groeide. Wat weer past in de verklaring die Israel gaf voor de voortvarende uitbreidingsplannen: er is woningnood, juist ook vanwege het uitstel van de afgelopen jaren.

Ik heb hier vaker betoogd dat Israel wel degelijk rekening houdt met de VS, mede omdat zij, in tegenstelling tot de EU, vaak evenwichtig is in haar kritiek en eisen aan de partijen. Die evenwichtigheid stond onder Obama overigens wel onder druk, zoals nu de andere kant op onder Trump het geval is. In beide gevallen draagt dat niet bij aan vrede maar versterkt het juist de hardliners aan beide kanten. Trump heeft inmiddels wellicht Israel al wat afgeremd en een hand gehad in het uitstel van de voorgenomen annexatie van Maale Adumim, aldus BNR:

Hammelburg: ‘Trump heeft geen moeite met het nederzettingenbeleid, wat blijkt uit het feit dat Israël gisteren de bouw van zeshonderd extra huizen in Oost-Jeruzalem heeft goedgekeurd, vermoedelijk met steun vanuit de VS. Maar annexatie is iets anders. Waarschijnlijk heeft Washington achter de schermen laten weten dat het dat nog niet goedkeurt, en dat ze daar eerst eens rustig over willen praten.’

Kan zijn dat Trump heeft laten weten dit geen goed idee te vinden, maar dit was geen door de regering goedgekeurd plan dat anders rap uitgevoerd zou worden, terwijl dat wel wordt gesuggereerd. Het is een voorstel van Bennett en zijn radikaal-nationalistische partij ‘het Joodse Thuis’. Ook de NRC meldde dit plan en het opschorten daarvan door de regering, al gaf men geen reden voor de opschorting. Als het waar is dat Trump zijn afkeuring heeft laten blijken laat het wel zien dat een ‘rauwdouwer’ als Trump soms juist meer voor elkaar kan krijgen. Zoals Sharon de kolonisten uit Gaza haalde en Begin de Sinaï aan Egypte teruggaf. Maar dan moet je wel verder kunnen kijken dan je eigen ego en je iets aantrekken van wat adviseurs met verstand van zaken ergens over zeggen. Ik ben daar allerminst gerust op.

 

Kritiek

Uiteraard kan de kritiek op deze plannen niet lang uitblijven. Of de Veiligheidsraad er over bij elkaar komt betwijfel ik omdat een veroordeling nu kansloos is, maar een woordvoerder van secretaris-generaal Antonio Guterres zei dat “de secretaris-generaal erg bezorgd is over elke eenzijdige beslissing die een tweestatenoplossing in het Midden-Oosten in het gedrang brengt” en “Beide partijen moeten een begin maken met onderhandelingen over een tweestatenoplossing. Het doel moet twee staten zijn. Israël en Palestina: twee staten voor twee volkeren.”

Mooi gezegd. Ik hoop dat hij zich die woorden herinnert wanneer Abbas weer eens verkapt oproept tot geweld en geld overmaakt naar door Israel gevangen gezette terroristen, of wanneer de PA benadrukt dat de miljoenen nakomelingen van de vluchtelingen staatsburger van Israel moeten kunnen worden.

Ook de EU heeft direct afkeurend gereageerd en noemde de besluiten „een nieuwe, ernstige ondermijning van een levensvatbare tweestatenoplossing. Het is betreurenswaardig dat Israël dit beleid voortzet, ondanks de serieuze internationale zorgen en bezwaren die constant op allerlei niveaus worden opgeworpen”, liet de EU-buitenlanddienst weten.” Daarnaast liet het Duitse ministerie van Buitenlandse zaken zich behoorlijk kritisch uit over de Israelische bouwplannen, en “plaatste vraagtekens bij het engagement van Israël om te streven naar een tweestatenoplossing”. De wat ongebruikelijk felle kritiek uit Duitsland zou weleens te maken kunnen hebben met het feit dat de Israel kritische Sigmar Gabriel sinds kort minister van buitenlandse zaken is.

 

PvdA

Ook de PvdA reageerde fel: men vindt dat de EU stappen tegen Israel moet overwegen omdat de tweestatenoplossing in direct gevaar komt. Buitenlandwoordvoerder Servaes denkt daarbij aan opschorting van het associatieverdrag en wil ook dat Nederland een Palestijnse staat gaat erkennen. Opvallend is de eenzijdigheid en selectiviteit van deze woede. Toen Abbas vorig jaar zei dat iedere druppel bloed die voor ‘Al Quds’ wordt vergoten heilig is, hoorde je de PvdA niet, en na de laatste aanslag in Jeruzalem die door veel Palestijnen werd bejubeld heb ik ze ook niet gehoord. Ik geloof niet dat Abbas nog de moeite neemt dergelijke gruwelijke aanslagen te veroordelen. Waarom zou hij ook; er wordt niks van hem verwacht, en onder zijn eigen volk kost het hem punten. De constante verheerlijking van geweld en opruiing tegen Israel hebben ertoe geleid dat een groot deel van de bevolking alle geweld tegen Israel als legitiem verzet ziet.

Een beetje zoals Abou Jahjah, Abulkasim Al Jaberi en Anja Meulenbelt hier. En Maarten Jan Heijmans en VARA opiniesite JOOP, waar ik tot mijn verbazing het volgende las (betreffende een ingetrokken uitnodiging om aan een EO praatprogramma deel te nemen):

Of de afzegging iets te maken heeft met het standpunt van Abou Jahjah over verzet in Oost-Jeruzalem (door Israël illegaal bezet gebied), kon de EO-woordvoerder niet bevestigen: over inhoudelijke redenen om gasten wel of niet uit te nodigen wordt nooit in het openbaar gesproken.

Zoals eerder toegelicht was het niet in Oost Jeruzalem maar in voormalig niemandsland dat in 1948 door Israel was veroverd, en in de tweede plaats is geweld tegen burgers en soldaten die niet in functie zijn geen legitiem verzet. De PvdA maakte met NIDA, GroenLinks en de SP bezwaar tegen het feit dat op het stadhuis van Rotterdam een paar dagen de Israelische vlag halfstok hing vanwege die aanslag, want die vond, aldus een boze brief, plaats in Oost Jeruzalem en was gericht tegen soldaten. Waarom nog verontwaardigd zijn als de Palestijnen geweld tegen Israel en Joden verheerlijken en snoep uitdelen na een aanslag? Ook in Nederland doen dergelijke ideeën in light vorm opgeld.

 

Evenwicht

De PvdA beweert dat zij een evenwichtig beleid voorstaat en beide partijen aangesproken moeten worden op zaken die de vrede niet bevorderen. Tegelijkertijd neemt men de Palestijnse versie van zaken en manier van denken al zozeer over dat een idiote brief van NIDA wordt ondertekend die een onschuldig en positief gebaar naar Israel ter discussie stelt. Ook staat de PvdA achter het subsidiëren van organisaties die zich naar eigen zeggen inzetten voor de mensenrechten, zelfs als zij ook de radikale BDS beweging steunen die juist vrede en een tweestatenoplossing afwijst.

Het is mooi dat men achter Israels bestaansrecht staat en de kritiek op de aangekondigde nederzettingenbouw is zeker begrijpelijk; een evenwichtig beleid houdt echter in dat men niet alleen reflexmatig iedere stap van Netanyahu met argusogen volgt, maar ook de PA en Fatah eens goed onder de loep neemt. Ook moet niet met twee maten worden gemeten. Nederland heeft associatieverdragen met een aantal landen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika, waar op de mensenrechten het nodige aan te merken is. Toch worden die zelden ter discussie gesteld.

Net zoals het niet kies is om producten uit de nederzettingen anders te behandelen dan producten uit andere bezette c.q. omstreden gebieden, zo moeten we er ook voor waken niet steeds Israel aan hogere normen te willen houden en harder op fouten af te rekenen dan andere landen buiten de EU. Israel noemt zichzelf democratisch, zeker. Maar het ligt ook in een instabiel gebied en wordt omringd door landen waarmee het op zijn best een koude vrede heeft.

In tegenstelling tot veel anderen die Israel een warm hart toedragen hoop ik niet dat de peilingen uitkomen en de PvdA verwordt tot een kleine, onbelangrijke partij. Ik hoop daarentegen dat zij werkelijk evenwichtig wordt wat betreft Israel en de Palestijnen, en niet langer eenzijdige tegen Israel gerichte maatregelen bepleit. Die staan vrede namelijk eerder in de weg dan dat ze die bevorderen.

Ratna Pelle

 

Een EAPPI vrijwilligster blogt over Israël-Palestina

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2017/01/30/eappi-vrijwilligster-blogt-israel-palestina/

 

– Door Tjalling –

 

Sinds november vorig jaar heeft het Ecumenical Accompaniment Programme in Palestine and Israel (EAPPI) een nieuwe vrijwilliger naar Jeruzalem uitgezonden, Margriet. Zij schrijft regelmatig weblogs waarin zij haar persoonlijke mening geeft. EAPPI is een programma van de Wereldraad van Kerken en ook een project van Kerk in Actie. EAPPI “begeleidt Palestijnen en Israëli’s bij geweldloze acties. Het spant zich in voor bevordering en handhaving van het recht en voor de beëindiging van de bezetting van de Palestijnse gebieden door het Israëlische leger.”

Het lijken zulke goede doelstellingen en het is fraai opgeschreven, maar deze mooie doelstellingen en woorden gelden in de praktijk vrijwel alleen voor Palestijnen. Iets wat we wel zijn gewend van vrijwilligers van EAPPI. Het programma staat immers enkel open voor de Palestijnse verhalen en gaat voorbij aan oorzaak en gevolg ergens van. Natuurlijk worden er onschuldige Palestijnen onjuist bejegend bij bijvoorbeeld checkpoints, maar daar staat tegenover dat die er niet zonder reden zijn gekomen (namelijk na een golf van terroristische aanslagen). En natuurlijk heerst er bij tijden een grimmige sfeer in sommige delen van het oosten van Jeruzalem, maar is dat enkel te wijten aan Israël? Nee.

Margriet trekt zich het lot van Palestijnen erg aan, ziet en beschrijft onder meer hoe hun huizen ( die deels zonder bouwvergunning zijn gebouwd) worden gesloopt, Men kan en mag zich het lot van de underdog aantrekken, maar Margriet doet dit in haar blogs op een wel heel subjectieve manier. Zo schrijft zij in ‘Jeruzalem week 7’ o.a.: “ ’s Middags hadden we twee verhalen, één verhaal over hoe Israël een gemilitariseerde samenleving is, waar kinderen tellen wordt geleerd met geweren en granaten.” Verhalen van mensen zijn nu eenmaal persoonlijk en zouden bij de luisteraars vragen moeten oproepen. In dit geval al helemaal, want hoe zit dat eigenlijk in de Palestijnse samenleving? Margriet had hier bij moeten opmerken dat de Palestijnse Autoriteit er in zijn scholen voor zorgt dat de haat tegen Israël wordt versterkt en terroristen en martelaren worden vereerd. Meteen daarna in hetzelfde blog blijkt Margriet haar bezwaar tegen de Joodse staat: “Een staat voor de Joden betekent volgens mij dat er geen plek is voor Moslims, Christenen, anders gelovigen,….” Zo’n uitspraak is absurd als je de diversiteit in de Israëlische samenleving bekijkt, en de vele voorbeelden van harmonieus samenleven. Israël is de meest multiculturele staat in het Midden Oosten. De president van beoogd Palestina, Abbas, zei op een persconferentie in Caïro, 29 juli 2013 zelfs dat er geen Israëli zal mogen wonen in de Westbank of Gaza, in de beoogde Palestijnse staat. Bovendien, en in dit verband zeker niet onbelangrijk, juist in moslimlanden worden andersgelovigen in toenemende mate vervolgd, en Israël lijkt het enige land in het M.O. waar christenen nog veilig kunnen leven.

Het ligt voor de hand dat er heel wat mensen zijn die de blogs van Margriet lezen. Bij een deel daarvan zullen die vragen oproepen en de behoefte om te reageren. De mogelijkheid om dat rechtstreeks te kunnen doen is echter uitgeschakeld. Reageren kan nog wel maar dan via een e-mailadres waardoor andere mensen de reacties niet kunnen lezen.

Waarom de mogelijkheid tot rechtstreeks reageren is weggehaald is niet duidelijk. Maar een ding is wat mij betreft zeker; de manier waarop Margriet schrijft in haar blogs is te persoonlijk en ook dermate subjectief dat die niet meer onder de verantwoordelijkheid van de PKN kan vallen.

Margriet blijft nog tot ongeveer half februari als vrijwilligster betrokken bij EAPPI.

 

zondag 29 januari 2017

Het Israëlisch-Palestijns conflict en de keuze van de PvdA

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2017/01/29/het-israelisch-palestijns-conflict-en-de-keuze-van-de-pvda/

 

Samenvatting van een gesprek tussen de heer Michiel Servaes, Tweede Kamerlid en buitenlandwoordvoerder PvdA, en Tjalling Tjalsma als bestuurslid werkgroep WAAR, op 30 november 2016.

(Dit gesprek was een vervolg op een gesprek wat een oud bestuurslid van WAAR, dhr. Meindert Leerling, eerder had gehouden met Michiel Servaes.)


Doelstellingen

* De keuze van de PvdA in het Midden Oosten

“De PvdA kiest in het Midden-Oosten partij voor eenieder die vrede, vrijheid, stabiliteit en rechtvaardigheid dichterbij wil brengen.

We veroordelen hen die denken dat terroristische aanslagen, geweld tegen burgers, en schendingen van internationaal recht de oplossing zijn. Dat geldt ook voor het conflict tussen Israël en Palestina. Zowel Israëli’s als Palestijnen moeten hun eigen staat hebben zodat ze in vrede, veiligheid en voorspoed naast en met elkaar kunnen leven. Wij zijn voor een actieve en politieke rol van de Europese Unie in het vredesproces in het Midden-Oosten. In dat kader zijn het stimuleren van een constructieve opstelling van beide partijen, erkenning van de Palestijnse Staat en het stoppen van de bouw van illegale nederzettingen in de bezette gebieden onmisbaar. Indien partijen structureel niet meewerken aan het vredesproces moet de druk worden opgevoerd, bijvoorbeeld door het heroverwegen van het Associatieverdrag van Israël met de EU. In Syrië steunen we de gematigde oppositie en bestrijden we het gewelddadige Assad-regime en fundamentalistische terreurbewegingen zoals ISIS.”

* De doelstelling van de werkgroep WAAR:

De Werkgroep voor Accuratesse en Authenticiteit in Reportages (WAAR) streeft naar een publieke opinie en een politieke besluitvorming over het Midden-Oosten conflict, die ook recht doen aan standpunten van Israël. Volgens WAAR is met kritiek op Israël niks mis, maar wel met het geven van onjuiste, en/of uit de context gehaalde informatie, en het doen voorstellen van Israël als de enige verantwoordelijke in het conflict.

WAAR gaat er van uit dat het bestaansrecht van Israël mèt recht op veilige grenzen het uitgangspunt is voor een oplossing van het M.O. conflict. ”

Raakvlakken

De keuze van de PvdA voor eenieder die vrede, vrijheid, stabiliteit en rechtvaardigheid in het Midden Oosten dichterbij wil brengen en het streven van WAAR naar een publieke opinie en een politieke besluitvorming over het Midden-Oosten conflict die ook recht doen aan standpunten van Israël, hebben een heel belangrijk raakvlak, namelijk het bijdragen aan de oplossing van het M.O. conflict. Dit raakvlak nodigt uit tot het leggen en onderhouden van contacten tussen de PvdA en WAAR.

Tjalling wees aan het begin van het gesprek erop dat WAAR vrede nastreeft en extremisme afwijst. Sommige extreme opvattingen vanuit zowel de linker als ook de rechter politieke hoek baren in zijn algemeenheid ernstige zorgen. WAAR is echter ook bezorgd over het feit dat, ook vanuit gematigder, links georiënteerde kringen wandaden van Palestijnse kant opvallend weinig of mild worden veroordeeld. Tjalling zei dat hij persoonlijk veel politieke opvattingen met de PvdA deelt en aanzienlijke raakvlakken met deze partij heeft, maar maakte bewaar tegen de, volgens hem en uiteraard WAAR, toch wel opvallende kritische benadering van Israël die vaak eenzijdig overkomt.

Michiel Servaes wees erop dat de PvdA uitgaat van de gelijkwaardigheid van beide partijen en wanneer nodig ook de Palestijnse wandaden benoemt.

Twee belangrijke aspecten uit de keuze van de PvdA

1.    ‘Israëli’s en Palestijnen hebben recht op een eigen staat, zodat zij in vrede, veiligheid en voorspoed naast elkaar kunnen leven’.

Michiel Servaes lichtte een stukje beleid van de PvdA omtrent de M.O. politiek van die partij toe.

Volgens de opvattingen van de PvdA hebben Joden recht op een eigen staat en in die zin erkent de PvdA Israël àchter de Groene Lijn. De PvdA hecht daarbij nadrukkelijk aan de gelijkwaardigheid en belangen van Israël èn de Palestijnen. Zowel het Palestijnse als het Joodse volk hebben immers recht op een eigen staat. Moeilijkheden zijn o.a. het – volgens de PvdA begrijpelijke – recht op terugkeer van Palestijnse vluchtelingen, het terrorisme van Arabische zijde, de status van Jeruzalem, het kolonialiseren van Palestijnse gebieden en het streven van rechtse Israëlische politici die onderscheid maken tussen Joodse en niet Joodse inwoners van Israël.

Tjalling wees op de Balfourverklaring maar ook op het feit dat de staat Israël er niet alleen is gekomen als enkel het gevolg van de Shoa. De immigratiegolven (Alija) zijn al begonnen vanaf ongeveer het jaar 1882, als gevolg van heftige pogroms in het toenmalige Rusland van de Tsaren. Bovendien is zionisme een variant van de nationale bewegingen/ideologieën in de negentiende eeuw als een gevolg van de Verlichting. De Palestijnen hebben uiteraard ook recht op een eigen staat.

De politieke verrechtsing is een verschijnsel dat zich momenteel in àlle westerse democratieën voordoet, dus niet alleen voorbehouden aan Israël. Bovendien – en niet onbelangrijk – discriminatie in Israël valt eerder te vergelijken met die in Nederland en zeker niet met de vroegere Apartheid in Zuid Afrika omdat discriminatie niet is verankerd in de wetgeving van Israël.

De vluchtelingenorganisatie van de Palestijnen (UNRWA) wijkt af van die van de VN (UNHCR) en hanteert een veel ruimere definitie van ‘vluchtelingen‘. Daardoor vallen er veel meer Palestijnse mensen onder de noemer van vluchteling en is het probleem vrijwel onoplosbaar geworden. Israël zou echt in demografische problemen komen wanneer aan die eis van Palestijnse kant zou worden toegegeven.

2.    ‘De PvdA is voor een actieve en politieke rol van de Europese Unie in het vredesproces in het Midden-Oosten.’

Tjalling merkte naar aanleiding hiervan op dat Israël een militair overwicht heeft, maar dat dit niet alleen de reden kan zijn dat er enkel aan Israël voorwaarden worden gesteld. Als er werkelijk gestreefd zal worden naar een duurzame vrede zullen ook aan beoogd/toekomstig Palestina eisen gesteld moeten worden, zoals erkenning van de Joodse staat, afzien van terrorisme en die toch werkelijk onmogelijke eis op terugkeer. Kortom, als de PvdA uitgaat van de gelijkwaardigheid van beide bij het conflict betrokken partijen, en dat doet zij, dan dient de partij zich kritisch op te stellen naar beide partijen.

In dit verband kwam ook de Boycot, Desinvestering en Sancties (BDS) beweging ter sprake. De BDS zegt over zichzelf o.a. dat ‘het een legitieme vorm van geweldloos verzet is’, maar in werkelijkheid is de BDS radicaal, tegen verzoening, tegen onderhandelingen, tegen vrede en tegen normalisatie van betrekkingen met Israël zelfs als dat gunstig is voor de Palestijnen. Minister Koenders, ook lid van de PvdA, heeft gezegd dat ‘Nederland niet achter een boycot van Israël staat’.

Tjalling attendeerde op de motie van SGP Tweede Kamerlid Van der Staaij die op 16 juni 2016 werd aangenomen om een einde te maken aan het financieren van organisaties die ijveren voor een boycot van Israël. De PvdA heeft die motie niet gesteund.

De heer Servaes wees erop dat de PvdA tegen een boycot van Israël is. Wel steunt de PvdA het zogenaamde ontmoedigingsbeleid voor bedrijven of organisaties die samenwerking met de (‘illegale’) nederzettingen over de Groene Lijn. Of organisaties BDS publiekelijk steunen valt wat hem (en Koenders) betreft onder de vrijheid van meningsuiting.

De vraag of de Nederlandse overheid bepaalde activiteiten al dan niet moet steunen hangt dus niet van deze opvattingen af, maar van het doel dat met de activiteiten wordt nagestreefd, bijvoorbeeld dialoog of respect voor mensenrechten bevorderen. Als concreet voorbeeld hiervan werd de Tent of Nations genoemd. In een Kamerbrief van 7 juli lieten minister Koenders en minister Ploumen weten dat de regering geen BDS activiteiten zal subsidiëren, maar daarbij betrokken organisaties niet uitsluit van andere subsidies.

Tjalling bracht in dat diverse mede met Europees geld gefinancierde organisaties Palestijnse terreur steunen en/of goedpraten. Bovendien worden Europese hulpgelden door de PA misbruikt, onder meer door in Israël gevangen zittende terroristen een vergoeding te betalen. Ook hierover werd in juni 2016 een motie aangenomen.

Volgens de heer Servaes is de PvdA van mening dat hulpgelden nooit naar Palestijnse terroristen mogen. Minister Koenders stelt dat de veroordeelde terroristen niet uit Nederlands of Europees hulpgeld worden betaald, en dat men de PA probeert te bewegen haar beleid in deze te veranderen.

Gezamenlijke intentie

Aan het eind van dit – goed verlopen – gesprek benadrukte de heer Servaes nogmaals de gelijkwaardigheid van twee partijen, Israël en de Palestijnen. Tijdens het bezoek van Netanyahu aan Nederland afgelopen september had hij een kritisch gesprek met hem gevoerd, maar een jaar daarvoor een al evenzeer kritisch gesprek met president Abbas. Kortom, Israël is een bevriend land, maar moet als zodanig wel aan de westerse maatstaven worden gehouden.

Maar heel belangrijk is dat de PvdA niet twijfelt aan het bestaansrecht van Israël, beide partijen in het conflict gelijkwaardig zijn en worden behandeld. Beide onderdelen zijn essentieel in het beleid van de PvdA inzake het Midden-Oosten.

Gelet op het belangrijke raakvlak tussen de visies van de PvdA en WAAR is het wenselijk om in contact te blijven. De gezamenlijke intentie om te komen tot vrede is en blijft daarbij een juiste basis om van daaruit elkaar op de hoogte te blijven houden over de manier waarop die vrede kan worden bereikt. Ondanks de gezamenlijke intentie, en in geval van de gesprekspartners ook politieke raakvlakken, zijn er toch verschillen geconstateerd over de wijze van benadering van het M.O. conflict.

De PvdA is een gerenommeerde partij met ruim 70 jaren expertise in de politiek. WAAR is een werkgroep die beschikt over een gerichte kennis en kundigheid op het gebied van negatief getoonzette berichtgeving in de media over Israël. WAAR kan door het nastreven van accurate en authentieke berichtgeving m.b.t. Israël en het M.O. conflict bijdragen tot het doel van het PvdA beleid inzake het M.O.