donderdag 17 december 2015

Israelische hulpverleners mogen geen onderscheid maken tussen slachtoffers en daders


Er is grote onenigheid in Israel over een nieuwe medisch-ethische richtlijn die bepaalt dat de meest ernstig gewonden het eerst geholpen moeten worden, ook als dat de aanslagpleger is.
Een terrorist medisch behandelen voordat je zijn slachtoffers behandelt, lijkt in te druisen tegen elk rechtvaardigheidsgevoel. Ik vraag me ook sterk af of internationaal humanitair recht en de medische ethiek dit daadwerkelijk voorschrijven. Ik heb nog over geen enkele discussie hierover in enig ander land gehoord.

Wat er enigszins voor zou kunnen spreken, is dat in de chaos na een aanslag niet altijd meteen is op te maken wie dader en wie slachtoffer is. Na een aanslag in Bersheva in oktober werd een Eritreeër voor dader aangezien en aangevallen, en overleefde het niet...

Wouter
_______________

Israeli medics told to treat terrorists the same as victims

New rules from Israeli Medical Association require that the wounded be aided in order of severity of injury, even if that means helping assailants before victims

  December 16, 2015, 3:21 pm

Israeli medics evacuate a Palestinian terrorist after he stabbed two people in an attack near the Ammunition Hill light rail station in Jerusalem, October 30, 2015. Yonatan Sindel/Flash90)


Medics at terror sites must treat the wounded according to the severity of their injuries, even if that means helping an attacker before his victims, the Israeli Medical Association said in rules published this week.
The new rules, formulated by the IMA’s Ethics Bureau, came into effect at the beginning of the week and replace an earlier directive based on the principle of “charity begins at home,” which enabled medical professionals to treat victims first, the Hebrew-language Israel Hayom newspaper reported Wednesday.
The decision to change the directive was made during a heated meeting last week held at the request of Physicians for Human Rights, which appealed to the bureau, claiming the previous rules contradicted accepted medical ethics and international humanitarian laws.
Senior doctors in the IMA told Israel Hayom that the change in guidelines was not publicly announced for fear of a political backlash amid almost daily Palestinian attacks for the past three months.
While Israeli doctors and medical staff see it as an ethical duty to attend to the injuries of terrorists and treat them the same as victims, until the recent change they could give priority when doing triage to victims rather than perpetrators.
Tammy Karni, who heads the ethics panel, said the previous rules required doctors to verify who was an attacker and who was a victim, a sometimes impossible task.
“Doctors are not judges. The implication of leaving the [previous] directive was that the doctor needs to investigate who was responsible and punish him by not giving him treatment,” she told Israel Hayom.
According to the report, the Ethics Bureau is the only body that decides ethical standards for Israeli medical staff and its rulings apply to doctors, paramedics, emergency services and nurses.
There have been a number of cases of innocent people being attacked amid the chaos in the aftermath of a terror attack. In October, an Eritrean national was mistakenly shot, beaten and only later attended to after a terror attack in Beersheba. Doctors said the delay may have contributed to his death.
Palestinians have alleged that Israeli medics often ignore wounded assailants after attacks, which sometimes leads to their deaths.
The “charity begins at home” rule was laid down in 2008 by a group of doctors in the Ethics Bureau, including Pini Halperin, director of Emergency Medicine at Ichilov Hopsital in Tel Aviv, who lamented the change in orders.
“If there is, for example, a decision of life or death for the casualties, it is appropriate to first treat ‘what matters to me,’ that is to say the victims of terror, Jews and Arabs alike — and only after the enemy who is carrying out a terror attack,” he told Israel Hayom.
Halperin added that the ethics bureau should instead have clarified the terms of the “charity begins at home” rule according to the rules for dealing with enemy forces rather than canceling it altogether.
Leader of the Yisrael Beytenu party MK Avigdor Liberman slammed what he called a “disgraceful decision.”
“This is a non-humanitarian decision, that testifies that those who made it simply don’t live in reality,” he wrote on his Facebook page. “Doctors must rise up against this decision and change it.”
More than 20 Israelis have been killed in three months of near-daily stabbing, shooting, and car-ramming terror attacks by Palestinians targeting civilians and security forces.
More than 100 Palestinians have also been killed, a large proportion of them assailants shot as they carried out attacks, including some who were teenagers.
Other Palestinians have been killed during violent clashes with Israeli security forces.

zaterdag 12 december 2015

Artistieke Jodenhaat moet kunnen volgens rechter (IMO)

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2015/12/12/artistieke-jodenhaat-moet-kunnen-volgens-rechter/  

= IMO Blog =  

Afgelopen dinsdag oordeelde de rechtbank dat de uitspraken van rapper Ismo niet strafbaar zijn. Hij had in een rap onder andere gezegd “Ik haat die focking Joden nog veel meer dan de Nazi’s” en “flikkers geef ik geen hand”. Daarop volgden verschillende aangiftes, onder andere van het CIDI en het COC. Uit het persbericht van het CIDI, dat het OM oproept in hoger beroep te gaan:

De rechtbank oordeelde 8 december dat de tekst over Joden “op zichzelf wel beledigend van aard” is, maar dat hij valt onder het recht op vrijheid van meningsuiting omdat hij werd gedaan in het kader van de “artistieke expressie”. Onnodig grievend vindt de rechtbank de tekst niet. De rapper is naar het oordeel van de rechtbank boos, doet de uitlating maar één keer in het lied, en overdrijven hoort bij rappen. Volgens de rechtbank ‘was uit de tekst niet duidelijk dat “flikkers geef ik geen hand” over homo’s ging’ en was de tekst bovendien niet beledigend.

CIDI en COC vinden dit vonnis verontrustend: het lijkt een vrijbrief voor discriminerende uitspraken als die maar in een rap worden gedaan. ‘Boos zijn’ mag geen excuus zijn voor het kwetsen van Joden en homo’s, die niets te maken hebben met ‘de woede van Ismo’.

Men wijst voorts op het feit dat de rap 4,7 miljoen keer is bekeken op Youtube en de vele antisemitische tweets van Ismo en retweets, ook juist van de gewraakte tekst. Dit soort beledigende teksten zouden de stemming tegen Joden en homo’s bovendien verder vergiftigen en vallen blijkbaar in vruchtbare aarde. Ismo is voor veel jonge Marokkanen een voorbeeld en een held.

Veel mensen zijn dan ook verontwaardigd over de vrijspraak. Terwijl Joden liever niet zichtbaar van buiten hun kaarsjes voor chanoeka branden, en Joodse instellingen en bijeenkomsten zwaar beveiligd worden, hitsen rappers als Ismo en Appa en ‘opiniemakers’ als Ouaali hun fans op om hun Jodenhaat, sorry, hun begrijpelijke woede en frustratie, openlijk te ventileren. En als zo’n tekst over Joden en homo’s niet beledigend is, wat dan wel? Het is natuurlijk altijd aan de persoon zelf of die zich door zo’n k*tmarokkaantje beledigd voelt, maar de tekst lijkt wel geschreven met het doel om grof en beledigend te zijn. Het lijkt me sowieso onnodig grievend, want waar is het voor nodig om dit te roepen? Als Ismo kwaad is, kan hij rappen over de problemen die hij om zich heen ziet in zijn eigen buurt, over onrecht in de maatschappij of discriminatie. Waarom daar Joden en homo’s bijhalen? Ik durf te wedden dat hij er zelden een heeft ontmoet. Bovendien zijn juist dit kwetsbare groepen die zoals gezegd zelf met discriminatie en bedreigingen te maken hebben. Ik vind het onbegrijpelijk dat de rechtbank dat niet zwaarder heeft laten meewegen.

Ismo kan buiten zijn eigen gemeenschap op tenminste één steunbetuiging uit onverwachte hoek rekenen. Annabel Nanninga neemt het op voor zijn recht om wie dan ook te beledigen. Zij noemde onlangs Natascha van Weezel een ‘naïef gordelkipje met masochistische redderscomplexen’ en verweet haar een mes in de rug van de Joodse gemeenschap te planten. Nanninga heeft minder moeite met grove, extreme meningen dan met genuanceerde. Van Weezel had haar mond moeten houden tegenover rabbijn Yanki Jacobs die bij Pauw uitlegde waarom hij tegen opvang van asielzoekers nabij de Joodse wijk in Amstelveen is, het CIDI moet ook niet zeuren en vooral niet aan de vrijheid van meningsuiting komen, maar Ismo en Wilders mogen naar hartenlust beledigen “want beledigen mag gewoon in een vrije, open samenleving. Wij hebben niet het recht om gevrijwaard te blijven van beledigingen, en gelukkig maar, want anders is het einde zoek.”  

Beter staken het CIDI en het COC de juridische strijd en gaan zij een rap battle (snelgesproken, ritmische verbale belediging op beatmuziek, red.) aan met rapper Ismo, waarin zij lelijke dingen zeggen over de persoonlijke hygiëne, de moeder en/of het intellect van antisemitische homohater Ismo.

Zo vervolgt ze. Oftewel: word zelf even grof als Ismo, beantwoord beledigingen met nog ergere beledigingen. Waarop er geheid nog extremere beledigingen terug komen, want daar kunnen rappers en k*tmarokkaantjes wat van. Nanninga voelt zich in zo’n maatschappij wel thuis. Ze moet blijkbaar niks hebben van genuanceerde en doordachte meningen, van het respectvol met iemand van mening verschillen en je mening met feiten onderbouwen. Wilders (ze hint in haar stukje nog even subtiel op de aanklachten die tegen hem lopen) is een goed voorbeeld van deze houding. Hij gaat ieder inhoudelijk debat uit de weg, hij mijdt interviews waar hij met lastige feiten wordt geconfronteerd. Hij haalt uit, krachtig en snel, vaak ook op de persoon, de media springen er bovenop en hij heeft weer gescoord. Als andere politici dit zouden overnemen zouden debatten in de Tweede Kamer vol zitten met grof taalgebruik, journalisten zouden a la Rutger Castricum iedere diepgang vermijden maar hun onwelgevallige politici genadeloos afserveren. Lastige onderwerpen zouden worden gemeden, het zou alleen nog maar om effectbejag gaan en punten scoren. Soms is dat nu ook al het geval, en serieuze media en politici zijn in hun taalgebruik en stijl al een behoorlijk stuk richting Wilders, Castricum en Jan Roos opgeschoven. Daar hebben sociale media behoorlijk aan bijgedragen. Iedere halve gare kan anoniem met een paar muisklikken zijn gal spuwen, en het blijft maar al te vaak staan omdat dit nou eenmaal ‘vrijheid van meningsuiting is’.

Toen ik op internet veel begon te lezen over Israel-Palestina, kon ik mijn ogen vaak nauwelijks geloven als weer eens werd geschreven dat de Joden net nazi’s zijn, dat Hitler er een paar was vergeten, dat ze uit zijn op macht en geld en het logisch is dat ze werden vervolgd, etc. etc. Na klagen werd het soms na een paar dagen verwijderd. Verschillende blogs heb ik gewijd aan de grove reacties op doorgaans nette sites, het vaak nauwelijks verhulde antisemitisme. Ook op Facebook stikt het van de antisemitische pagina’s, en het kost vaak veel moeite ze uit de lucht te krijgen, terwijl men bij klachten tegen onschuldige pro-Israel pagina’s soms voortvarender lijkt te zijn. Maar Nanninga vindt dat blijkbaar allemaal prima, en besluit haar column met:

En laten zij de vrijheid van meningsuiting met rust, die gaan we natuurlijk niet beperken voor mensen die last hebben van kwetsgevoelens omdat een non-valeur provocatieve dommigheden debiteert.

Zij doet het voorkomen alsof het overgevoeligheid betreft wanneer je je gekwetst voelt door grove teksten, en dat moeten we allemaal maar verdragen. Feit is echter dat mensen dat niet eindeloos kunnen. Het maakt mensen ongelukkig, bang en gefrustreerd om telkens weer te worden beledigd en op je meest zwakke plek gepakt. Veel Joden hebben het gevoel in Nederland (en andere Europese landen) niet meer thuis te zijn, ze voelen zich hier niet meer veilig, ze denken dat het halve land antisemitisch is. Ik schrik soms wanneer goed opgeleide mensen met een flink netwerk dingen zeggen als dat het misschien tijd wordt om hun koffers te pakken. Of na in Israel geweest te zijn nog maanden op Facebook posten dat ze Nederland wel beu zijn en terug verlangen.

En wat zouden de antisemieten doen wanneer de Joden (en anderen die ervan balen) hun met gelijke munt zouden terugbetalen? Ze zouden dat niet op zich laten zitten. Natuurlijk zou het aantal bedreigingen en antisemitische incidenten fors toenemen. Als het CIDI die beledigende tegenrap zou maken zouden de bedreigingen binnenstromen, persoonlijke bedreigingen van mensen die weten waar men woont en waar de kinderen op school zitten. Dat is niet met politiebewaking op te lossen. Dat hakt erin, ook als de politie de zaak serieus neemt.

Ik wil niet in zo’n land wonen. De rechtstaat is er om iedereen te beschermen tegen geweld, tegen discriminatie, tegen oproepen tot geweld en ophitsing en tegen grove belediging. Want voor je het weet worden aan woorden daden verbonden. Daarom is het goed dat het CIDI naar de rechter stapt en niet terug gaat schelden. En wanneer het tot geweld komt men zich tot de politie went en niet zelf wraak gaat nemen. Dat werkt natuurlijk alleen zolang dergelijke zaken ook serieus worden genomen en er een goede afweging plaatsvindt.

Joden en homo’s moeten zich in Nederland thuis blijven voelen, ook (of misschien juist) nu er steeds meer mensen van Arabische komaf in ons land wonen, die – helaas – vaak het antisemitisme en de homofobie uit de Arabische wereld mee nemen. Dat is ook de enige remedie tegen verdere polarisering. Alle minderheden en kwetsbare groepen moeten zich in Nederland thuis voelen en beschermd weten. Dat kan niet als we erop los mogen beledigen.

Ratna Pelle

 

Vermeende schending mensenrechten geen grond om EBS uit te sluiten van concessie OV Fryslân

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2015/12/12/vermeende-schending-mensenrechten-geen-grond-om-ebs-sluiten-concessie-ov-fryslan/   

 

– Door Tjalling –    

 

Afgelopen 8 december werd op een bijeenkomst van Gedeputeerde Staten van Fryslân besloten om de concessie voor het openbaar vervoer in Zuidoost Friesland, Vlieland, Terschelling en Ameland te gunnen aan Arriva. Dit vervoersbedrijf was echter niet de enigste deelnemer. Onder de vier gegadigden was ook EBS, een dochteronderneming van het Israëlische bedrijf Egged.

Als een Israëlisch bedrijf, of een dochteronderneming daarvan, gading maakt naar een concessie o.i.d. dan is dit meestal aanleiding voor een partij als de SP of individuele mensen, die zichzelf labelen (…) met predicaten als bijvoorbeeld bevlogen of humaan, om daarover stennis te maken.

Zo had de SP inzake de deelname van EBS al tijdenlang voordat deze aanbesteding aan de orde zou komen,schriftelijke vragen gesteld aan Gedeputeerde Staten. De SP vindt namelijk dat Fryslân ‘alleen zaken moet doen met bedrijven die de mensenrechten respecteren’. De Israëlische nederzettingen in bezet Palestijns gebied zijn volgens de SP een schending van het Internationaal Humanitair Recht. Dit zou dan betekenen dat Egged en dochterbedrijven daarvan, profiteren van de militaire bezetting.

Daarnaast heeft een groep burgers een petitie gestart en in een paar dagen tijd waren er ruim duizend handtekeningen gezet. Deze petitie werd aangeboden aan Gedeputeerde Staten. De groep wees onder andere op het Nationaal Actieplan Bedrijfsleven en Mensenrechten. Hierin staat dat overheden geen zaken mogen doen met bedrijven die mensenrechten schenden. En alsof het niet op kon, het ‘Samenwerkingsverband voor Palestina in Friesland’ stuurde op afgelopen 16 november eveneens een brief, waarin de leden van G.S. Fryslân nadrukkelijk werd gevraagd ‘nee te zeggen tegen medeplichtig OV’. Een ingekorte/aangepaste versie van de brief is te lezen op de blog van Wim Minnaard, medewerker van EAPPI.

Het is bekend dat er t.a.v. Israël zeer onterecht een dubbele moraal wordt gehanteerd, vooral door mensen die begrippen als humaniteit en mensenrechten hoog in hun vaandel hebben. Landen als China, Marokko en niet te vergeten Saoedi Arabië, die werkelijk een loopje nemen met de mensenrechten, mogen van hen kennelijk hun gang gaan, maar Israël dus beslist niet.

Gelukkig keken de leden van G.S. Fryslân bij de beslissing over de concessie voor het OV wel verder dan hun neus lang is. Gedeputeerde Johannes Kramer zei voor de microfoon van Omrôp Fryslân o.a. dat ‘het aspect “mensenrechten” wat volgens sommige mensen bij een Israëlisch vervoerder een rol zou spelen, geen grond is om op te beoordelen’.

 

donderdag 10 december 2015

Bruine Palestijnen

 

Een interessante column over (Duitse) nazi’s in Palestina, maar met twee, wat zijdelingse, beweringen ben ik het niet eens:

Niet alleen kon vrijwel de gehele Arabische bevolking zich prima vinden in de nazi-plannen tot uitroeiing van alle joden...” – Verreweg de meeste Arabieren waren tegen de Joodse immigratie naar Palestina, maar uitroeiing zal niet in het hoofd van de gemiddelde Palestijnse boer hebben gezeten.

Die lokale bevolking echter, grotendeels bestaand uit Arabieren die parallel aan het zionistisch herontwikkelen van het land uit de belendende Arabische landen daarheen waren getrokken op zoek naar seizoensarbeid...” – De meeste Arabieren bleken bij volkstellingen wel degelijk geboren binnen het Britse mandaatgebied. Ik dacht dat hooguit een derde van daarbuiten stamde. Wel was er ook illegale Arabische immigratie, en trokken veel arbeiders vanuit het heuvelachtige binnenland (zeg maar de Westelijke Jordaanoever) naar de kuststrook vanwege de toenemende ontwikkeling daar. De toenemende welvaart en voorzieningen leidden ook tot een lagere kindersterfte en snellere bevolkingsgroei, waarmee de Arabieren profiteerden van de zionistische ontwikkeling.

 

Wouter

_______________

 

BRUINE PALESTIJNEN

8 december 2015

http://www.joodseomroep.nl/bruine-palestijnen/

 

Britse militairen poseren met de buitgemaakte Palestijnse nazi-vlaggen na het oprollen van de NSDAP-Jeruzalem

Voor een zoon van een vooraanstaand historicus had Bibi Netanyahu zich wel wat voorzichtiger kunnen uitdrukken, toen hij onlangs de voormalige grootmoefti van Jeruzalem het uitvinden van de sjoa, de holocaust, in de schoenen schoof. Die grootmoefti, Mohammad Amin al-Hoesseini, directe familie van de bekende Egyptenaar Jasser Arafat, had zo'n hekel aan joden dat de Engelse mandaat-beheerders hem al in 1920 tien jaar cel gaven voor de pogroms die hij leidde. Maar hoewel hij een huisvriend was van Hitler, had de laatste de Palestijnse potentaat niet nodig om zelf voor zes miljoen dode joden te zorgen.
Want wie denkt dat het Heilig Land land in de jaren dertig van de vorige eeuw vrij was van nazistische smetten, vergist zich deerlijk. Niet alleen
kon vrijwel de gehele Arabische bevolking zich prima vinden in de nazi-plannen tot uitroeiing van alle joden, ook andere nieuwe bewoners van het toenmalige Eretz steunden de plannen voor een zo joodloos mogelijk Palestina. Nadat vanaf medio 19e eeuw de eerste grote joodse immigratiebewegingen vanuit Oost-Europa daarheen op gang kwamen, lieten christelijke bewonderaars van het Avondland zich niet onbetuigd. Als het Godsrijk nabij was, wat was daarvoor dan een betere plek dan het land dat toch al heilig heette? Vanaf 1868 stroomden vanuit Duitsland protestanten van het 'Tempelgeselschaft", een vrome afscheiding van de kerk van Württemberg, naar het onder Osmaans bewind staande Palestina Ze stichtten een 'Wilhelma' gedoopte landbouwnederzetting ten oosten van Jaffa, het huidige Tel Aviv. Wilhelma-Hamîdije heette de plek voluit: naar zowel de koning van Württemberg als de Duitse keizer Wilhelm II, terwijl het tweede deel gedienstig verwees naar de Ottomaanse sultan Abdul Hamid II, met een iets minder krijgshaftige snor dan zijn Duitse evenknie.

Met de lokale Arabische bevolking hadden de Duitsers weinig op. De nieuwkomers combineerden hun protestantse arbeidsethiek met de door de vroege zionisten geïntroduceerde moderne techniek, zoals de stoomaangedreven olie- en korenmolens.
Maar ook het toenemend antisemitisme van de Duitse kolonisten hield gelijke tred met de uitbreiding van kibboetsiem door de steeds groter wordende joodse bevolking. De 'Jekken' (Duitsers, jiddisj) zagen door de getalsmatige toename der joden hun droom van een Christelijk Avondland in Palestina langzaam vervliegen. En hoewel de Engelsen, onder wiens mandaat Eretz na de Turkse nederlaag in WO1 immers viel, er alles aan deden om die joden de toegang te ontzeggen, nam de stroom immigranten in de jaren dertig alleen maar toe. Niet vreemd daaraan was de befaamde Balfourverklaring van 1917, waarin de Engelse minister van buitenlandse zaken had verklaard dat joden het land als thuisland mochten beschouwen, mits ze de lokale bevolking niet voor de voeten liepen.
Die lokale bevolking echter, grotendeels bestaand uit Arabieren die parallel aan het zionistisch herontwikkelen van het land uit de belendende Arabische landen daarheen waren getrokken op zoek naar seizoensarbeid, pretendeerden dat het land als vanouds moslimgebied was en bestreden joden waar ze konden. Ideologisch konden ze daarbij rekenen op de steun van de aanwezige Rijksduitsers, waarvan uiteindelijk een derde lid was van de nazi-partij NSDAP, het hoogste aantal van alle 'buitenlandse' nazi-broederpartijen in de 'Auslands-NSDAP'.
Zo kwam ene Ludwig Buchhalter daarheen als leraar aan de Duitse school en wat later 'Ortsgruppenleiter' van de lokale NSDAP in Jeruzalem. De Hitlerjeugd afdeling-Haifa bood zelfs cursussen Hebreeuws aan om de lokale joden beter te begrijpen én te bestrijden. Niettemin leefden de Rijksduitsers strikt gescheiden van alle niet-Duitsers. De joden, dat was nog tot daaraan toe, daar zou mee afgerekend worden. Maar Arabieren die in Duitse ogen slechts genadebrood aten van die perfide zionisten en het ontwikkelen van het land aan diezelfde zionisten overlieten, die konden in de ogen van de Arische afdeling van het Avondland ook op weinig waardering rekenen.
Volgens der Palestijnse nazi's werd de toestroom van joden veroorzaakt door 'de macht van het joodse goud'. Volgens hen inspireerde de macht van de harde valuta in combinatie met de 'zionistische propaganda' de joden meer tot emigratie dan de wérkelijke redenen: de pogroms, de vervolging, de discriminatie, de massamoord. Het is een fabel die nog wel eens opduikt als 'verklaring' van de massale emigratie van joden na '48 uit Arabische landen: niet de vervolging maar zionistische propaganda en poen deden hen vertrekken naar Israël.
Bij de Palestijnse Rijksduitsers werd hun toch al religieus geïnspireerde antisemitisme – de joden die immers Jezus vermoord hadden – versterkt door hun rassenbiologische ideeën. De strijd zou gaan tussen het wereldjodendom dat naar totale macht streefde, versus de Arische wereld, de Arabische inbegrepen, die tot taak had de joden te bestrijden door totale uitroeiing. In hun huisblad, de 'Warte des Tempels' werd de rassenleer van bloed en bodem dan ook aangeprezen als een godsgeschenk. Vormde Hitler-Duitsland de eerste renaissance van een nieuw Duitsland, in Palestina moest hetzelfde bereikt worden met de Arabieren.

De Auslands-Organisation (AO) der NSDAP groeide als kool. Binnen een jaar meldden zich vanaf 1932 honderden Duitse kolonisten in Haifa bij de architect Karl Ruff, die de contacten met het thuisland onderhield. Een derde was lid, terwijl de NSDAP elders in de wereld onder Duitse emigranten krap de vier procent haalde. Daarom kon in maart '33 de latere NSDAP-Landesgruppenleiter Cornelius Schwarz vanuit Jeruzalem opgewekt aan zijn zoon Erwin in Caïro melden: 'er is hier al een redelijk goede Hitlergemeente hier, waar steeds meer jongelui naartoe stromen.' Dat was te merken in het straatbeeld van vooral de havenstad Haifa. Hoewel een overwegend joodse stad, wisten de Rijksduitsers van Haifa vanaf hun hoofdkwartier op de Carmelberg (thans Beit Hecht) het straatbeeld te verlevendigen met met regelrecht uit het derde rijk gekopieerde symboliek. Zo waaide bizar genoeg de hakenkruisvlag boven Haifa. Gek genoeg deed de lokale SA echter vrij weinig om het toch ruim aanwezige joodse gespuis in te dammen. Op hun beurt deed de Arabische bevolking er wél alles aan om de herkenbaarheid van de Hiterlerfans te verhogen: zo moesten in de door het beheerste gebieden Duitse auto's nadrukkelijk hakenkruisvlaggen meevoeren om ze te kunnen onderscheiden van joodse en Britse bolides. De lokale NSDAP droeg om diezelfde reden álle Duitsers op om hakenkruisspeldje te dragen, of ze nu lid waren of niet.
De Duitsers werden verdacht van, of maakten zich ronduit schuldig aan collaboratie met de Arabieren, zeer tegen de zin van joden en Britten in. Ludwig Buchhalter beschrijft in zijn memoires hoe zijn gehakenkruiste wagen ongehinderd de Arabische dorpen door kon rijden, maar tegen Tel Aviv door het joodse huisleger der Haganah beschoten werd. En zo kwam het tot de absurde situatie dat de tussen de nazi-nederzetting Wilhelma en Jeruzalem pendelende melkwagens een groot hakenkruis op hun tank hadden staan, maar nogal vaak door meeliftende joden beschermd moesten worden tegen nationalistische joodse aanslagen.
En ja, broeders onder elkaar, toen moest het er maar es van komen: op 9 december 1941 werd de grootmoefti vorstelijk ontvangen door de Führer te Berlijn. Dat was nog rijkelijk laat want al in 1933 had de grootmoefti de moffen zijn diensten aangeboden met handige tips hoe zo veel mogelijk joden te verdrijven dan wel om zeep te brengen. Hij had daartoe zelfs een Arabisch bataljon (nr.845) laten samenstellen, dat hij aan Hitler aanbood om samen de strijd aan te gaan. Eventueel ondersteund door het eveneens uit de koker van de moefti afkomstige 'Oostturkse SS-Regiment' en de SS-moslim-divisies 'Skanderberg' (Albanië) en 'Kama' (Kroatië). Men ziet: de grootmoefti kwam niet met lege handen.

Zijn aanhoudende Palestijnse strijd tegen communisten en joden, waarbij een zekere nadruk op de strijd tegen de laatsten hem niet ontzegd kon worden, leidde in Eretz Israël tot een scheiding van zowel geesten als mensen. De dienstplichtige Duitsers moesten terug naar het thuisland, de rest werd ofwel geïnterneerd door de Britten of achterna gezeten, zoals ook de genoemde Buchhalter, die over zee kon ontsnappen. Toen 'woestijnvos' Erwin Rommel in Noord-Afrika wel érg ver doorstootte naar het oosten, leek het de Britten raadzaam de nog aanwezige Rijksduitsers te verschepen naar Australië. Daar brachten circa 500 van hen een redelijk welvarende oorlogstijd door, waarbij zelfs in het kamp in april 1945 nog gelegenheid was de verjaardag van Adolf Hitler te vieren. Aan deze vrolijkheid kwam een einde bij de stichting van de staat Israël, toen hen verdere toegang tot het land verboden werd. Immers, de jonge staat had al genoeg te stellen met de Arabische opstandelingen om niet nog eens hun collaborerende medestanders onderdak te bieden.

Ze waren er immers steeds op uit geweest na de overwinning der bruine broeders op het Westen, van Palestina een geheel op arisch-arabische grondslag gebaseerde staat te maken. Maar het is, zoals u wel weet, anders gelopen: de Arabieren, of zo u wil Palestijnen, gokten op het verkeerde paard en verloren mét de nazi's de oorlog. De joden verloren veelal hun hele familie. Toch werden gek genoeg de voormalige nazi's na de oorlog beter gecompenseerd dan menig joods oorlogsslachtoffer. In de zogeheten Luxemburger Overeenkomst kwamen de Bondsrepubliek en de Jewish Claims Conference (JCC) overeen van de in totaal 3,5 miljard D-mark compensatie voor joods oorlogsleed zo'n 54 miljoen vrij te maken voor de schadeloosstelling van de Palestina-Duitsers. En zelfs die ruime beloning voor collaboratie leverde in Duitsland zoveel oppositie op -men vond dat de Palestijnse Duitsers nooit Israël uitgewezen hadden mogen worden- dat de CDU-Bondskanselier Konrad Adenauer de deal in de Bondsdag tegen de wil van zijn eigen fractie en met de steun van de sociaaldemocraten erdoorheen moest drukken.
Ook die voormalige 'NSDAP-Ortsgruppenleiter' van Jeruzalem, Ludwig Buchhalter, pakte daar een graantje, zeg maar gerust een grote bak graan van mee. Voor het verlies van zijn huis in Jeruzalem werd hij, tot aan zijn pensioen in 1975 in dienst van Baden-Württemberg als leraar, door de staat Israël met een vijfcijferig bedrag per jaar schadeloos gesteld.

Zijn mede-geesteskind, de nederzetting Wilhelma bestaat nog. Tegenwoordig heet het Bnei Atarot en zijn de huisjes met hun typische Duitse chalet-uitstraling, op letterlijk een steenworp afstand van de luchthaven Ben Goerion, zeer gewild bij de nouveau-riches die de voormalige Duitse kolonie langzaam restaureren en veranderen in een yuppenbuurt. Een grotere gruwel is er niet voor de voormalige nazi's: hun wijk geheel bewoond door joden. En nog rijke ook.

 

Paul Damen 2015

 

vrijdag 4 december 2015

Palestijnse daders worden slachtoffers in krantenkoppen (IMO)

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2015/12/04/palestijnse-daders-worden-slachtoffers-krantenkoppen/

= IMO =  

Al ruim twee maanden vinden er zowat dagelijks steekpartijen plaats in Israel, dat wil zeggen: Palestijnen, vaak nog tieners, belagen willekeurige Joods uitziende mensen in West Jeruzalem of elders in Israel of op de Westbank en beginnen op ze in te steken. Meestal worden ze kort daarop overmeesterd of doodgeschoten. Op nieuwssites verschijnt dan een klein artikeltje onder de kop: ‘Palestijn doodgeschoten, Israelier gewond na steekpartij’ of ’16-jarige Palestijnse doodgeschoten na steekpartij’. Daarna pas wordt de toedracht duidelijk:

 

Een 16-jarige Palestijnse is maandag doodgeschoten door de politie nadat ze op een drukke straat in het centrum van Jeruzalem een man met een schaar te lijf was gegaan.

Het zeventigjarige slachtoffer raakte lichtgewond door de steekpartij. Het meisje had de man vermoedelijk aangezien voor een Israëliër.

 

Ze bedoelen: voor een Joodse Israelier, maar ieder verband met Joden wordt altijd angstvallig vermeden. We zouden eens kunnen gaan denken dat Palestijnen het niet zo op Joden hebben. De Volkskrant meldde wel het slachtoffer eerst, maar is ook misleidend.  Men kopt: ‘Tienermeisjes steken Palestijn neer in Jeruzalem’. De kans is groot dat mensen bij het lezen van die kop denken dat Joodse tieners de Palestijn hebben gestoken. Blijkbaar was er geen ruimte om ´Palestijnse tieners´ te schrijven, of leek het dan te verwarrend dat Palestijnen een Palestijn staken, maar zo was het natuurlijk wel. Het artikeltje sluit af met de veel gebruikte zin:

 

De spanningen tussen Israëli’s en Palestijnen zijn sinds oktober hoog opgelopen. Bij aanvallen met messen, vuurwapens of voertuigen zijn tientallen Israëliërs en Palestijnen om het leven gekomen.

 

Verhullender kan bijna niet. Palestijnen staken of reden in op Joodse Israeli’s en probeerden hen te doden. In reactie daarop werden zij vaak doodgeschoten. Blijkbaar is dat te ingewikkeld? Of misschien wil men vooral niet de indruk wekken dat men op de hand van Israel is, en daarom moet het zo geformuleerd dat totaal onduidelijk is wat voor aanvallen van wie dat waren en hoe mensen daarbij om het leven kwamen. Er is weer geweld en er vielen slachtoffers, merendeels aan Palestijnse kant, dat is blijkbaar het enige wat we hoeven te weten. De krantensite als desinformatiebron.

De Belgische Metro maakt het nog bonter met de kop: ‘Drie Palestijnen bij mesaanvallen gedood’. Je zou denken dat Israel drie Palestijnen met messen heeft gedood, of dat kolonisten dat deden. Daarna lezen we: ‘Drie Palestijnen zijn vandaag op de Westelijke Jordaanoever na aanvallen op Israëli’s gedood.‘ Het artikel eindigt met: ‘Mesaanvallen, confrontaties tussen jonge Palestijnen en Israëlische soldaten en geweld tussen Israëlische kolonisten en Palestijnse inwoners hebben langs Palestijnse kant al meer dan 90 mensenlevens geëist en aan Israëlische kant vielen 16 doden.‘ Ook hier weer moet ten stelligste de indruk worden vermeden dat Palestijnen doorgaans beginnen met het geweld en zomaar lukraak Israeli’s aanvallen. Ook wordt gesuggereerd dat een aantal doden door geweld van kolonisten is gevallen, terwijl het bijna uitsluitend gaat om Palestijnen die aanvallen plegen en vervolgens werden gedood, en Palestijnen die bij rellen op de Westoever door het leger werden gedood (vaak eveneens na eerst zelf te hebben aangevallen).

Een bericht op NU.nl van vorige week is niet veel beter: ‘Twee Palestijnen dood bij nieuwe confrontatie met soldaten Israël’, aldus de kop. Het artikel is misleidend en bevat idiote fouten:

 

Bij nieuwe botsingen tussen Israëlische soldaten en Palestijnen zijn donderdag twee Palestijnen omgekomen.

Een man probeerde bij een controlepost in de buurt van Nablus Israëlische veiligheidstroepen met een mes aan te vallen en werd vervolgens doodgeschoten, aldus een politiewoordvoerster.

Eerder op donderdag overleed een 21-jarige man in een dorp ten westen van Jeruzalem. Hij maakte deel uit van een groep jongeren die met stenen gooiden naar soldaten. De man werd in zijn hoofd geraakt door een kogel. Volgens een militaire woordvoerder was de man een dreiging voor de soldaten.

Sinds begin oktober zijn ministens honderd Palestijnen gedood door geweld en bijna twintig Israëlische soldaten. Het oplaaiende geweld komt door een geschil over omgangsrecht en gebed op de Tempelberg.

 

Botsingen is een enorm eufemisme voor het belagen van soldaten met een mes. Het lijkt me redelijk voor de hand liggen dat wanneer je soldaten met een mes probeert te lijf te gaan, ze weleens kunnen gaan schieten. En ook hier weer worden de Palestijnse doden (de aantallen wisselen per artikel lijkt het wel) op een lijn gesteld met de Israelische. De oorzaak van het geweld tot slot is geen ’geschil over omgangsrecht’ (het lijkt wel een echtscheiding!) maar het feit dat de Palestijnen geen enkele Jood op de Tempelberg dulden. Joden die zich er toch laten zien, biddend of niet, worden belaagd en moeten daarom beschermd worden door veiligheidsmensen. Sommige Joden zijn hier nijdig om en willen daarom juist naar de Tempelberg, die immers ook voor hen heilig is. De PA, Fatah en Hamas voeren een niet aflatende propagandacampagne tegen de aanwezigheid van Joden op de Tempelberg, en beweren dat zij de Al Aqsa Moskee willen vernietigen om de derde Tempel te bouwen. Deze leugen werkte in de jaren ’30 al om de Arabieren tegen de Joden op te hitsen en doet het anno 2015 ook nog steeds goed. Maar dat lees je nergens. De enige die ik dat een keer heb horen verkondigen is good old Ankie Rechess, die helaas nog maar zelden te zien is.

Aan het einde van een vreselijk eenzijdige en suggestieve reportage van Monique van Hoogstraten op Nieuwsuur afgelopen maandag, meldde Twan Huys dat bij het geweld van de afgelopen 2 maanden 95 Palestijnen en 19 Israeli’s omkwamen. Iedereen die zoiets, zonder enige verdere uitleg hoort, denkt natuurlijk: Israel doodt weer eens veel meer Palestijnen dan andersom, en is dus de agressor. De werkelijkheid van Palestijnse terreur die door Israel wordt bestreden, om van de vele verijdelde aanslagen nog maar te zwijgen, blijft zo netjes verborgen.

 

Over de misleidende koppen zag ik op facebook een aardig filmpje. Het begint met een paar koppen in internationale media: CBC News kopte ‘Jerusalem police fatally shoot two after apparent synagogue attack’, de BBC meldde‘Palestinian shot dead after Jerusalem attack kills two’. Daarna laat hij willekeurige mensen in Parijs de volgende (gefingeerde) kop zien: ‘7 men shot dead during Paris attack: 129 dead’. Uiteraard reageert het publiek verontwaardigd. Eerder al zag ik eens een verzonnen kop van kort na 9-11 in dezelfde trant. Het lijkt misschien lichtelijk overdreven, maar het idee is hetzelfde: vaak komen bij terroristische aanslagen ook (een deel van) de daders om, en het is ongepast om hun dood voor die van de slachtoffers te vermelden. Ook wanneer het de aanvallers niet lukt hun slachtoffers te doden en zijzelf wel worden gedood, werkt het vertekenend om hun dood eerst te melden, zodat lijkt alsof dat het belangrijkst is, en wat zij daarvoor deden slechts bijzaak. Alleen bij Israel en de Palestijnen zien we dit soort bizarre taferelen, bang als men is de Palestijnen te negatief af te schilderen en zo -god beware- over te komen als te pro-Israel.

 

Tot slot nog een paar cijfers uit een infographic over de terreur in oktober en november. Cijfers die je nooit in de krant zult lezen of op het journaal zult horen, want het zou veel te veel de aandacht vestigen op het Palestijnse geweld. Er vielen 21 doden en 189 gewonden. 58 aanvallers werden door Israel gedood, 40 gearresteerd, en verreweg de meeste aanvallers kwamen van de Westelijke Jordaanoever en niet uit Oost Jeruzalem zoals de reportage op Nieuwsuur suggereerde.

Op internet zijn weer rijkelijk voorbeelden te vinden van Palestijnen die de aanvallen verheerlijken. UN Watch bericht over UNRWA leraren die de daders op Facebook prijzen en cartoons en zelfs oorbellen met messen plaatsen. Een kledingzaak in Gaza met de onpasselijke naam ‘Hitler 2’ kleedde etalagepoppen in gevechtstenue met messen in hun hand. Ook op facebookpagina’s van bijvoorbeeld Fatah worden vaak messen afgebeeld. Messen zijn het symbool geworden van de nieuwe ‘intifada’ en veel Palestijnen zijn er trots op.

 

Ratna Pelle

 

donderdag 3 december 2015

Nieuwsuur betreurt suggestieve reportage Jeruzalem (IMO)



= IMO Blog = 

Beste kijkers van Nieuwsuur,
Afgelopen maandag heeft u van ons een reportage gezien over Palestijnse tieners in Oost Jeruzalem die opgroeien zonder hoop. Wij hebben veel kritiek op deze reportage gekregen en willen daarom wat zaken rechtzetten. Tot onze spijt zijn er een aantal onjuistheden in terecht gekomen. Zoals de bewering dat de Arabieren in Oost Jeruzalem geen stemrecht hebben en slechts bewoner zijn. Zij kregen na de annexatie van Jeruzalem wel degelijk het Israelisch staatsburgerschap met stemrecht aangeboden maar weigerden dit. Zij hebben desondanks wel lokaal stemrecht, maar een groot deel van de Arabieren weigert daarvan gebruik te maken en boycot de verkiezingen. Het gevolg is dat zij slecht vertegenwoordigd zijn bij de gemeente en minder goed voor hun belangen opkomen.
In de reportage werd inderdaad een erg eenzijdig beeld geschetst van onschuldige Palestijnen die getreiterd worden door gemene Israelische soldaten en alleen uit pure wanhoop tot geweld overgaan. De enige Israeli die we opvoerden werd neergezet als een onsympathieke op expansie gerichte kolonist.
De werkelijkheid is natuurlijk ingewikkelder, met ook vriendelijke Israelische soldaten en ook provocerende Palestijnse jongens die terecht worden tegengehouden. Daarbij hebben we verzuimd aandacht te geven aan de dagelijkse aanvallen met messen door Palestijnen en de gevolgen daarvan voor de slachtoffers. We lieten u op nogal sentimentele wijze een Palestijns gezin zien; een huilende moeder omdat zij bang was dat haar lieve zoon Bakr, die weleens met stenen schijnt te gooien, door de gemene bezettingssoldaten wordt opgepakt en in elkaar geslagen. Ze deed het voorkomen alsof dit aan de lopende band gebeurde, terwijl daar geen enkel bewijs voor is. Wij hadden dit dan ook niet zo in beeld mogen brengen zonder wederhoor toe te passen van Israels kant en navraag te doen bij onafhankelijke organisaties. Zo hadden we bv. bij Israelische ziekenhuizen gegevens kunnen vragen over aantallen gewonde Palestijnse jongens die daar binnen worden gebracht nadat zij op weg van school naar huis langs een checkpoint moesten gaan.
Later verscheen het jongere zusje van Bakr in beeld, huilend omdat haar lieve broer vast zat voor het gooien van stenen. Ze had een tekening voor hem gemaakt en werd door haar moeder getroost. Een hartverscheurend beeld. De camera laat een huiselijk tafereel zien, terwijl de commentaarstem zegt dat ‘het nog niet duidelijk is hoe lang hij hier weg zal zijn’. Ook lieten we de kijker een familieportret van het gezin zien met lieve lachende kinderen, om maximaal sympathie op te wekken. In plaats van dit sentimentele gedoe hadden we beter wat cijfers kunnen geven over stenen gooien, en enkele slachtoffers daarvan in beeld kunnen brengen; het is immers niet voor niets dat Israel dit zwaarder wil bestraffen. Stenen zijn een potentieel dodelijk wapen.
Het indringende persoonlijke portret van dit Palestijnse gezin leidt er haast vanzelf toe dat de kijker zich met hen identificeert en hun visie en vijandbeeld overneemt. Moeder Dalal zei dat ze haar zoon ‘nooit wapens of een bom zou geven’. Bakr zelf zei ook dat hij nooit een mes zou gebruiken. Veel Palestijnen doen dat wel, zoals blijkt uit de dagelijkse aanvallen en uit het grote aantal geplande aanvallen dat wordt verhinderd. Wel zegt Dalal dat als Bakr wordt vernederd hij iets zal zoeken om zijn woede en frustratie te uiten, zoals een steen. Alleszins begrijpelijk, zult u als kijker waarschijnlijk hebben gedacht. U had hem aan het begin van de reportage gezien zoals hij naar school loopt en over betonnen blokken moet klimmen om langs een roadblock te komen. U had hem later gezien toen hij toonde hoe de rubberkogels van het leger je treffen en showde vervolgens zijn paard, dat hij had gekregen om hem van de straat te houden.
Wanneer hij van streek is maakt hij soms huiswerk bij zijn paard, zo liet hij u weten. Kortom,  in alles een schattige jongen die warmte en sympathie opwekte. Wanneer hij dan toch naar stenen grijpt dan moet dat wel zijn omdat hij tot wanhoop wordt gedreven door de Israelische bezetter, aldus de impliciete maar onmiskenbare boodschap van de reportage. Moeder Dalal en zijn kleine zusje waren echte tranentrekkers, met hun voor iedereen begrijpelijke zorgen en verdriet.
Wij lieten vervolgens een Palestijn aan het woord die voorzitter was van de ouderenraad. Hij hekelde de vele checkpoints in Oost Jeruzalem (‘wat je hier ziet, is het ware gezicht van de bezetting’) maar negeerde de reden ervoor, namelijk de vele aanvallen met messen. Hij had het over de achterstelling van de wijken in Oost Jeruzalem en vertelde dat de kinderen het vertrouwen in hun ouders en ook in de vrede hadden verloren. Dat laatste is niet zo gek gezien de ophitsing en propaganda op de Palestijnse tv, maar dat vermeldde hij niet en werd ook door ons niet aangevuld.
Aan het einde van de reportage kwam Bakr nog eens in beeld en legde uit waar het recente geweld volgens hem door werd veroorzaakt. “We vragen maar één ding. Ga niet de Al Aqsa Moskee binnen. Zij zeggen dat die van hen is, niet van ons. Maar als ze hier minder rellen willen moeten ze de Al Aqsa met rust laten”. Dit is uiteraard onzin, maar in plaats van u uit te leggen hoe het wel zit lieten we daarna  de onsympathieke ‘kolonist’ uit Oost Jeruzalem, Arieh King, vertellen dat men zo dicht mogelijk bij deze heilige plek wil wonen, en daar bidt voor de herbouw van de Tempel. Zo leek het net of Bakr toch wel een beetje gelijk had. In tegenstelling tot Bakr kreeg u Kings gezin niet te zien, zijn angsten om zijn kinderen die dagelijks door Palestijnen met messen kunnen worden belaagd, onthielden we u. U zag niet hoe hij zijn dochter troostte nadat haar schoolvriendje gewond was geraakt bij een Palestijnse aanslag. U zag niet hoe hij op zijn zoon inpraatte dat lang niet alle Arabieren zo zijn en geweld nooit met geweld moet worden vergolden.
We vertelden dat er een paar honderd Joden wonen in Ras Al Amud, de wijk waar Bakr woont, te midden van 20.000 Palestijnen, en lieten King triomfantelijk vertellen dat men nog meer grond in bezit had om verder te bouwen. We schetsten zo een beeld van nare, bezitterige Joden die de arme Palestijnen daar verdrijven. In werkelijkheid hebben zij evenzeer recht om woningen in het oosten van de stad te kopen als Arabieren; zoals Arabieren ook in sommige ‘Joodse’ wijken intrekken. We lieten welbewust een beeld ontstaan waarin rijke, streng religieuze en onsympathieke Joden het leven van een grote groep Palestijnen miserabel maken. De checkpoints zouden er slechts zijn om hun te beschermen. Dit hadden wij nooit mogen doen, ook gezien de negatieve stereotypen die er onder een deel van de Nederlandse bevolking heersen over de Joodse medemens. De meeste Joden in Jeruzalem voldoen dan ook totaal niet aan het stereotype beeld dat we van King lieten zien, maar leven met grote gezinnen in kleine flatjes en moeten net als veel Palestijnen de eindjes aan elkaar knopen.
Zoals gezegd hadden we de leugen van Bakr dat de Joden de Al Aqsa willen hebben niet onweersproken mogen laten. De Joden hebben niks met de moskeeën op de Tempelberg, maar wel met de berg zelf, waar, zoals de naam al suggereert, ooit hun heilige Tempel heeft gestaan. De Klaagmuur is daar het enige overblijfsel van. Sommige Joden zeggen dat je niet op de berg mag bidden, anderen wel, maar feit is dat de Palestijnen daar geen Joden dulden en ze vaak belagen als ze zich er wagen, biddend of niet. De Palestijnse propaganda verspreidt daarbij de mythe dat Israel de Al Aqsa wil vernietigen om de Tempel te herbouwen, iets wat geen enkele Israelische regering ooit heeft overwogen. Bakr lepelde deze propaganda op, en wij versterkten dat beeld door vervolgens de kolonist hardop over de tempel te laten dromen. In plaats daarvan hadden we beter kunnen toelichten wat het standpunt van de regering is en welke regeling er geldt voor bezoek van de berg door Joden en Arabieren. Het is namelijk best bijzonder dat Israel juist de moslims zoveel ruimte geeft en de mogelijkheden voor Joden (en toeristen) sterk inperkt. Deze zeer pragmatische houding staat in schril contrast met de positie van Abbas, die een paar maanden geleden nog zei:“Wij zegenen elke druppel bloed die voor Jeruzalem is vergoten, dat is schoon en zuiver bloed, bloed vergoten voor Allah, als Allah het wil.”

Het druist in tegen onze journalistieke normen zoals onpartijdigheid en hoor en wederhoor om u een dergelijk zeer gekleurd verhaal voor te schotelen. Een verhaal waarin de feiten ondergeschikt waren aan de emotie, het effectbejag, en we u tegen onze principes in subtiel maar onmiskenbaar een kant op stuurden. We onthielden u belangrijke informatie over hoe Palestijnse jongens al jong leren dat het een eer is voor je land te sterven en dat het doden van Joden een heldendaad is, omdat Joden door Allah vervloekt zouden zijn. In talloze clips op tv, cartoons in kranten en preken van imams wordt opgeroepen tot geweld tegen Joden omdat zij de vijanden van de islam zijn.
Wij kunnen gezien dit alles dan ook niet anders zeggen dan dat we schromelijk de mist in zijn gegaan met onze reportage van afgelopen maandag. Deze was een serieus nieuwsmedium als de NOS, dat ook nog eens wordt betaald uit publieksgeld, onwaardig. Wij zullen dan ook passende maatregelen treffen om te zorgen dat dit niet weer gebeurt en dat onze reportages voortaan gebaseerd zijn op feiten en gemaakt vanuit de drive om u zo onpartijdig en volledig en waarheidsgetrouw mogelijk te informeren over de gebeurtenissen in de wereld, waaronder het Israelisch-Palestijns conflict. Wij hopen op korte termijn met een reportage te komen waarin de slachtoffers van de dagelijkse steekincidenten en ander geweld gepleegd door Palestijnen tegen Joodse burgers in Israel, centraal staan. Wij bieden nogmaals onze excuses aan voor deze grove misstap.
De redactie


[NB: Deze excuusbrief had ik graag ontvangen van de Nieuwsuur redactie, maar helaas heb ik hem zelf moeten schrijven. RP]

zaterdag 28 november 2015

Terreur in de straten (IMO)

 

Twee gewonden in Jeruzalem, 12 oktober 2015

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2015/11/28/terreur-in-de-straten/

 

= IMO Blog =  

 

Het komt nauwelijks meer op het nieuws, maar dagelijks vinden er in Israel steekincidenten plaats, of wordt zo’n incident, vaak op het allerlaatst, verijdeld. In twee maanden tijd waren er bijna 60 aanvallen met messen, 67 waarbij stenen werden gegooid, 13 waarbij auto’s op onschuldige burgers inreden en 7 schietincidenten (cijfers van 25 november). Daarbij werden 22 mensen gedood en meer dan 200 raakten gewond. Het Israelische Rode Kruis, Magen David Adom, meldt:

 

MDA forces treated a total of 203 wounded victims from car, stabbing and shooting attacks, including 21 seriously wounded, five moderately to seriously wounded, 28 moderately wounded, three lightly to moderately wounded, and 146 lightly wounded victims.

Daarnaast zijn veel aanslagen verijdeld, en zijn veel aanvallers snel uitgeschakeld voordat zij meer doden en gewonden konden maken. Laatst las ik dat iemand in Israel zijn leven riskeerde om de aanvaller te stoppen. Hij voorkwam dat die een synagoge binnendrong om meer mensen te doden:

Earlier today I received a text message from my best friend who said: Her brother has been stabbed in the Panorama Building in Tel Aviv while trying to stop a terrorist who killed two Jews and tried to enter a synagogue and kill more.
David was stabbed in the neck and other parts of his body luckily the stabber missed the main arteries. After intense struggle his cousin managed to kick the knife out of the terrorist’s hand and tie him with a belt until police arrived. He was rushed to Ichilov hospital in critical condition.
Pray for his speedy recovery!

 

Dit gebeurt vaker, en zonder zoveel moedige mensen en ook bewapende mensen in de buurt zouden er een veelvoud aan slachtoffers zijn gevallen. Het spreekt voor zich dat dit alles een zware wissel trekt op het dagelijkse leven in Israel. Iedereen kent mensen die zijn gedood door terreuraanvallen of in het leger, vaak beide, en is zelf soms (bijna) slachtoffer geweest. Wat ons zo schokte bij de aanslagen in Parijs van eerder deze maand (het kan ons allemaal overkomen, wat als ik daar toevallig op dat moment was, of mijn beste vriend?) is in Israel al decennia realiteit. En wat in Brussel gebeurde, waar het openbare leven een paar dagen stil lag omdat men op zoek was naar een voortvluchtige terrorist, evenzeer, en soms voor langere tijd. Israel heeft gelukkig betere inlichtingen dan België, en niet te maken met soms gebrekkige communicatie tussen de veiligheidsdiensten in verschillende landen, anders kon daar nooit een kind naar school en zou er geen tram meer rijden in Jeruzalem. Israeli’s zijn min of meer gewend geraakt aan deze toestand, en leven hun leven, waarbij er een grote bereidheid is om zich op te offeren voor de bestrijding van terreur. Burgers doen dat, maar ook het vele veiligheidspersoneel dat gewapend rondloopt.

Israel wordt vaak fel bekritiseerd om haar anti-terreur maatregelen. Het land zou sowieso te militaristisch zijn en geweld zou nooit de oplossing zijn en terreur niet kunnen verslaan, omdat we daarmee de ‘echte’ oorzaken niet aanpakken. Ondertussen weet Israel redelijk te overleven met een dreigingsniveau waarvoor in Brussel het hele openbare leven werd platgelegd. In Israel lopen continu potentiële terroristen rond. Bijna de helft van de Palestijnen staat volgens een recente peiling achter het gebruik van geweld waaronder messen, en vanuit Oost Jeruzalem kunnen Arabieren probleemloos naar het Joodse deel van de stad, en van daaruit verder Israel in. Tussen de honderdduizenden Arabieren in Jeruzalem lopen er genoeg rond die hiertoe bereid zijn; vandaar ook de vele aanvallen in Jeruzalem. Met goede inlichtingen, een grote alertheid van het publiek en relatief veel bewakers en soldaten op straat weet men het aantal slachtoffers dat terroristen proberen te maken redelijk te beperken. Dit heeft de onbedoelde bijwerking dat er buiten Israel weinig oog en begrip is voor de ernst van de situatie. De media negeren de huidige ‘messenintifada’ grotendeels en als er al over wordt bericht dan worden gedode Palestijnse daders vaak als eerste slachtoffer genoemd en pas later vermeld dat er eerst Israeli’s werden neergestoken.

 

Bij geweld in Israel roepen we  al snel dat beide partijen moeten ophouden en dat tegengeweld nooit de oplossing is. Ook is er vaak scepsis over het doodschieten van de daders. De daders zouden moeten worden berecht, en hooguit in de benen geschoten, als het echt niet anders kan. Ik weet niet zeker hoe diezelfde mensen denken over de daders in Parijs, en of die ook beter berecht hadden kunnen worden, maar ik heb zo’n vermoeden dat het dan opeens iets anders ligt. Ook de media behandelen terreur in Israel en terreur in Europa als twee volstrekt verschillende zaken. Hoewel ook bij terreur in Europa de artikelen je om de oren vliegen waarin de daders ook als slachtoffers worden gezien (uitzichtloze situatie in de banlieus, discriminatie, armoede etc. etc.) is er nauwelijks discussie over het feit dat het om terrorisme gaat. Op genuanceerde toon wordt gepraat over hoe we radikalisering onder moslimjongeren in achterstandswijken kunnen tegengaan, sneller opmerken, de netwerken van deze jongeren beter in de gaten houden etc. Er is daarbij ook erg veel aandacht voor de dreiging en voor wat dit voor ons dagelijks leven betekent. En de behoefte aan ‘wraak’, aan militaire actie tegen IS, wordt niet veroordeeld zoals bij Israel altijd het geval is. Wederom wordt op redelijk genuanceerde toon gepraat over of en hoe IS te verslaan is, zonder dat Frankrijk, dat begrijpelijkerwijze IS nu hard wil aanpakken, in de beklaagdenbank wordt gezet.

Hoe anders is dat bij Israel. Israelische tegenmaatregelen worden altijd, zonder uitzondering, veroordeeld als averechts en leidend tot meer geweld. Alle nuance is weg. Voor ‘geradikaliseerde Palestijnen’ (ca. 50% of nog meer) is geen aandacht. Zij strijden tegen de bezetting en hun terrorisme wordt daarom gezien als geweld dat nou eenmaal bij het conflict hoort. En daarbij leidt meer geweld van een partij bijna automatisch tot meer geweld van de ander, waarbij vooral Israel als de ‘sterkere partij’ de wijste moet zijn en geweld met concessies in plaats van tegengeweld moet beantwoorden.

In werkelijkheid zijn de verschillen niet zo groot. Natuurlijk, Israel en de Palestijnen hebben een territoriaal conflict, wat bij ons geen rol speelt bij terrorisme. De Arabieren in Palestina maar ook de omliggende landen zagen Israel vanaf het begin niet zitten en hebben zich vanaf het begin tegen de vestiging van Joden en de stichting van de staat gekeerd, vaak met grof geweld. Daarom is het ook twijfelachtig in hoeverre meer concessies zouden helpen, omdat die per definitie nooit ver genoeg kunnen gaan.

Er is echter een grote overeenkomst tussen islamitisch gefundeerd terrorisme in Europa, in Afrika en in het Midden-Oosten. De ideologie van waaruit de aanslagen worden gepleegd, een extreme vorm van de islam waarbij de rest van de wereld moet worden onderworpen, is vaak nagenoeg gelijk. Soms worden daar lokale punten of eisen aan toegevoegd, of wil men zich wreken voor eerdere aanvallen op de eigen groep. Ook het doel en de methode vertonen veel overeenkomsten: door angst en terreur te zaaien onder de bevolking wil men een politiek doel bereiken, de vijand verzwakken, tot concessies bewegen. Die concessies kunnen op het eerste gezicht redelijk lijken: het Westen moet zich niet meer met het Midden-Oosten bemoeien en er zijn belangen najagen, de Palestijnen hebben recht op een eigen staat naast Israel, zonder muur en checkpoints. Maar daar blijft het niet bij. Palestijnse leiders hebben redelijke vredesvoorstellen verworpen en braken onderhandelingen af. Terrorisme nam toe wanneer er uitzicht was op vrede en er een gematigde regering zat in Israel. IS zal ook niet stoppen wanneer wij ophouden met bombarderen, men kan hooguit tijdelijk zijn terrein verleggen.

Alleen geweld is inderdaad niet de oplossing. Vandaar dat de vraag naar de oorzaken en hoe zo’n organisatie wordt gevoed, qua ideologie maar ook in materieel opzicht, zeer relevant is. Maar repressie, goede inlichtingen, scherpe controles etc. helpen wel om de dreiging te verminderen. Ondertussen blijkt dat de inlichtingen waardoor vorige week een aanslag in Hannover is vermeden, van Israel afkomstig waren. Het zou mooi zijn wanneer we, juist nu we zelf met de dreiging van terreur worden geconfronteerd, wat meer begrip zouden opbrengen voor Israel. Want ook dat zouden wij allemaal kunnen zijn, wanneer we er met vakantie zijn en een terrasje pakken in Tel Aviv of met de tram gaan in Jeruzalem. Er zijn eerder Nederlanders gedood bij terreuraanslagen in Israel. En de kans is groot dat het niet de laatsten zijn.

 

Ratna Pelle