dinsdag 17 september 2013

De laatste kans voor Oslo? (IPI)

 
Kerry-dinner-cartoon

~ door Wouter ~

Volgens sommigen is het de laatste kans op een vredesakkoord, omdat het alsmaar groeiende aantal Joodse kolonisten over de Groene Lijn een twee-staten-oplossing steeds moeilijker tot onmogelijk maakt. En ook omdat de Palestijnen er steeds meer naar lijken te neigen om het onderhandelen met Israel volgens de Oslo formule op te geven. De Oslo akkoorden zijn inmiddels 20 jaar geleden en hebben hen nog steeds geen eigen staat opgeleverd. Er is al gezinspeeld of gedreigd met het opheffen van de Palestijnse Autoriteit (een vrucht van Oslo), een nieuwe intifada, het afdwingen van de Palestijnse staat via de Verenigde Naties, of het kiezen voor een één-staat-oplossing met volledige gelijke rechten voor de Palestijnen binnen Israel.

Voorstanders van een vredesakkoord en een twee-staten-oplossing steunen dan ook met de moed der wanhoop de huidige onderhandelingen. Utopieën over een vreedzaam samenleven in hetzelfde land ten spijt, is de twee-staten-oplossing de enige weg naar vrede. Geen van beide volken wil immers leven als minderheid in een staat die door het andere volk wordt gedomineerd, zeker niet na alle strijd en leed van de afgelopen 100 jaar. Een gedeelde staat zou ongeveer evenveel Joden als Arabieren tellen, en als een substantieel deel van de nakomelingen van de Palestijnse vluchtelingen zouden worden toegelaten, al snel een Arabische meerderheid hebben. Een machtsstrijd en burgeroorlog zoals die Libanon lange tijd teisterde zou onvermijdelijk zijn.

Tegenstanders van een vredesakkoord menen dat vrede ofwel onmogelijk is ofwel geen haast heeft. De verschillende posities grof samengevat:

Veel groot-Israel aanhangers leven in de illusie dat de huidige status quo (inclusief groeiende nederzettingen) nog wel een hele tijd kan doorgaan, daar het Palestijnse geweld grotendeels beteugeld is en wereldmacht VS (of anders wel boven-wereldmacht G-d) Israel niet zal laten vallen; voor een Palestijnse staat verwijzen ze naar de overkant van de Jordaan.

Een nog grotere groep Israeli's en sympathisanten hecht niet echt aan het behoud van de Westelijke Jordaanoever of de nederzettingen, maar mist alle vertrouwen in de Palestijnse vredeswil en is daarom tegen een (opgedrongen) akkoord.

Veel islamisten menen dat de tijd aan hun kant is, en de zionisten op termijn overwonnen zullen worden zoals ooit de Kruisvaarders overwonnen zijn; zij kunnen (nog afgezien van Allah) wijzen op de afbrokkelende macht van de VS en het hogere Arabische geboortecijfer.

Ook als de voorstanders van onderhandelingen in de meerderheid zijn, wil dat nog niet zeggen dat er een vredesakkoord mogelijk is dat aan beide zijden een meerderheid achter zich krijgt. Een aantal 'rode lijnen' overlapt elkaar, met name:

Voor veel Israeli's is een deling van Jeruzalem onacceptabel, terwijl voor de Palestijnen een staat zonder Oost-Jeruzalem onbespreekbaar is. Met name rechtse politici en religieuze sympathisanten hameren op de ondeelbaarheid van Jeruzalem; het is twijfelachtig of enig akkoord (compromis) door een meerderheid geaccepteerd zou worden.

Veel Palestijnen menen dat een vredesakkoord alleen acceptabel is als dit het recht op terugkeer omvat naar plaatsen in het huidige Israel, wat voor Israel onbespreekbaar is. Elke uitkomst van de onderhandelingen zal voor hen daarom onacceptabel zijn; zowel de PA als de UNRWA houden de illusie van terugkeer in stand.

Sommige mensenrechtenactivisten menen dat Oslo van meet af aan een valstrik was om de Palestijnen hun (onvervreemdbare) rechten te laten opgeven in ongelijke onderhandelingen die nooit meer dan bantoestans zouden opleveren. Vooral uit de links-activistische hoek wordt vaak gepleit voor sancties tegen Israel. Door druk van buitenaf zouden de onderhandelingen eerlijker worden, of men vindt dat Israels handelen van meet af illegitiem was, en het zich zonder voorwaarden moet terugtrekken uit de bezette gebieden en de nederzettingen ontruimen, en het recht op terugkeer moet erkennen. De Palestijnen zouden dan hun belangrijkste eisen al ingewilligd zien, en de onderhandelingen zouden alleen over de details gaan zoals de precieze grenzen en veiligheidsafspraken, compensatie voor de vluchtelingen die niet terug naar Israel willen, en misschien een regeling voor de Joodse heilige plaatsen in Oost-Jeruzalem.

Ook de voornoemde één-staat-oplossing heeft aanzienlijke aanhang gekregen in met name linkse kringen, waar een tendens bestaat de stichting van Israel als een historische vergissing en onrecht naar de toenmalige Arabische meerderheid in het gebied te zien, of zelfs als een kolonialistische en racistische onderneming.

Daarmee wordt de bestaansgrond van Israel miskend of afgewezen. Zowel het zionisme, het VN-delingsplan als de stichting van Israel zijn geworteld in het idee dat de Joden een volk zijn, dat behoefte heeft aan, en recht heeft op, een eigen staat waar zij de meerderheid hebben en die zij daarmee naar hun inzichten kunnen vormgeven (géén 'exclusief Joodse staat', zoals tegenstanders steeds weer beweren). Deze Joodse aspiraties zijn minstens even legitiem als het Palestijns-Arabische streven naar een eigen staat, en waar ze elkaar uitsluiten, omdat ze grotendeels hetzelfde grondgebied claimen, moet door beide zijden een compromis gesloten worden.

Pas met het Oslo vredesproces kwam dit compromis met twee staten voor twee volken in zicht. In 2000 en 2008 hebben de Israelische onderhandelaars vredesvoorstellen gedaan die zeer dicht bij een acceptabele oplossing kwamen. Jeruzalem zou hierbij gedeeld worden, maar het Palestijnse leiderschap durfde op haar beurt niet aan het geclaimde recht op terugkeer te laten vallen.

Dat de huidige onderhandelingsronde meer kans van slagen heeft lijkt niet waarschijnlijk: premier Netanyahu zal moeilijk zover te krijgen zijn als Barak en Olmert voor hem. Toch moet wie daadwerkelijk voor vrede is, deze onderhandelingen alle kans geven. Het is wellicht de laatste kans voor Oslo.

 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen