donderdag 24 september 2015

Eeuwige Joop tegen stedenband met Tel Aviv (IMO)

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2015/09/24/eeuwige-joop-tegen-stedenband-met-tel-aviv/  

= IMO Blog =  

Op de website Joop.nl, een soort opinieforum van de Vara, wordt de laatste tijd een ware hetze gevoerd tegen Israel. Nieuwste steen des aanstoots is de voorgenomen stedenband dan wel samenwerking van Amsterdam met Tel Aviv. Afgelopen twee weken verschenen liefst drie artikelen op Joop tegen dit plan, naast diverse andere anti-Israel stukken.

Ja, er is het nodige aan de hand in Israel, wie wil zou dagelijks meerdere kritische stukken erover kunnen schrijven zonder te liegen. Hetzelfde geldt voor de Palestijnen, voor Turkije, Marokko en Rusland, maar ook voor westerse democratieën als de VS of Frankrijk. Je zou Joop helemaal kunnen vullen met artikelen over misstanden in de VS, van racisme tot armoede, milieuvervuiling, geweld in gevangenissen, mensen die onterecht vastzitten, machtsmisbruik door politici, het moddergooien door politici, de weinige rechten van mensen met een minimumloon, etc. etc. Dit zou ook prima passen binnen het ideologische kader van Joop, waar de nadruk ligt op problemen die door het westen worden veroorzaakt en misstanden in het westen. Maar het gebeurt niet. Ook Duitsland, Frankrijk, Italië of Hongarije kunnen zich niet in een dergelijke belangstelling verheugen. En zelfs ons eigen Nederland wordt niet zo veelvuldig door het slijk gehaald. De meeste binnenlandse berichten zijn – in tegenstelling tot ook nieuwsberichten over Israel – neutraal van toon, behalve wanneer Wilders erin voorkomt, de nationale kop van jut van Joop.

In een artikel van 17 september tracht Carl Stellweg enkele veelgebruikte argumenten voor de stedenband onderuit te halen. Voorstanders hebben het eigenlijk makkelijk, zou je denken: een stedenband tussen twee liberaal-progressieve steden in democratische landen, waar Amsterdam economisch ook voordeel van heeft. Na de stedenbanden met Hanoi, Peking, Sisli (Turkije) en Casablanca zou je in een normale wereld immers niet opeens enorme morele bezwaren tegen Tel Aviv verwachten. Toch is er al maanden een zeer actieve lobby gaande tegen deze stedenband, alsof daar alleen het lot en welzijn van de Palestijnen vanaf hangt, en daarmee van de rest van het Midden-Oosten, en daarmee de rest van de wereld. Het feit dat direct al Ramallah aan het voorstel werd toegevoegd mocht niet baten. Wat nog eens onderstreept dat het niet erom gaat de Palestijnen te helpen en vrede en verzoening te bevorderen, maar Israel zwart te maken.

Stellweg kan niet anders dan erkennen dat Israel opener en democratischer is dan China, en ook dan de rest van het Midden-Oosten. Hoe dan toch te rechtvaardigen dat juist een stedenband met Tel Aviv zo’n groot moreel probleem is? Dat gaat via een wat vergezochte redenering: democratieën zijn alleen beter voor de eigen burgers; voor de rest van de wereld is er geen verschil met dictaturen, zo begint die. Dat lijkt me onjuist. Het is waar dat ook democratieën hun belangen op het wereldtoneel verdedigen en ‘realpolitik’ bedrijven, wat soms behoorlijk ver kan gaan. Tegelijkertijd weten ze dat ze harder worden afgerekend op hun daden dan dictaturen, en komt er een moment waarop de burgers in opstand komen, zoals in Amerika tijdens de Vietnam Oorlog en in Israel na het (door Libanese christenen aangerichte) bloedbad in Sabra en Shatila. De suggestie dat Israel evenveel rottigheid uithaalt als China is idioot. China heeft oneindig veel meer invloed en gebruikt die ook ten volle om landen en volken die het niet zint dwars te zitten. De eigen bevolking wordt basale rechten onthouden, en op grote schaal gedwongen verplaatst, er is geen vrijheid van meningsuiting, werkomstandigheden zijn ver beneden onze (en ook Israels) normen, mensen worden zonder aanklacht gevangen gehouden en gemarteld, de kerk dwars gezeten, etc. etc. etc.

Stellweg erkent overigens later in zijn stuk dat Israel onevenredig de maat wordt genomen, en dat dat mede komt omdat het als klein land ‘makkelijk onder druk te zetten is zonder dat het ons schaadt’. Een opportunistisch argument maar ‘het alternatief is dat je niets tegen enig onrecht uithaalt’, en dus gerechtvaardigd, aldus Stellweg. Daar zou misschien iets in zitten als het inderdaad om een groot onrecht ging vergelijkbaar met dat van reuzen als China, Rusland, Saudi-Arabië, Iran of Turkije, allemaal landen waar het de burgers aan basale vrijheden ontbreekt, minderheden worden onderdrukt, journalisten vermoord of vastgezet, buurlanden binnengevallen en gebombardeerd. Wanneer je echter zoveel onrecht negeert omdat het je niet uitkomt er echt wat tegen te doen, om dan de enige Joodse staat, een kwetsbaar land dat vanaf het begin voor zijn bestaan heeft moeten vechten, eruit pikt, bevind je je wel degelijk op een moreel bedenkelijk niveau. Het heeft iets lafhartigs om in EU verband de Russische beer (een speler die aan ons gewaagd is) met rust te laten om het kleine Israel eruit te pikken. ‘Zie je, we hebben echt nog wel moraal en ruggengraat, want we durven het tegen de machtige Joden en hun lobby op te nemen’. Dat dit onze zaken in de Arabische en islamitische wereld bepaald niet schaadt, is mooi meegenomen.

Volgens Stellweg is het erger als een democratie zich misdraagt omdat de burgers invloed op het landsbestuur kunnen uitoefenen, en kan het hen dus worden aangerekend. In Stellwegs woorden:

Een stedenband met Peking is een politiek signaal aan de inwoners dat de Chinese dictatuur hun niet wordt aangerekend. Afzien van samenwerking met Tel Aviv kan juist worden opgevat als een oproep aan de Israëlische bevolking het beleid van haar politici te veranderen, aangezien zij daartoe in principe in staat is, en de internationale gemeenschap dit beleid afkeurt.

Het is welhaast hilarisch om te zien in welke bochten mensen zich wringen om de selectieve verontwaardiging wat betreft Israel te rechtvaardigen. Alsof stedenbanden bedoeld zijn als signaal aan de burgers en ook zo worden opgevat. Ik heb me er nog nooit druk om gemaakt met welke zustersteden mijn woonplaats is verbonden en wat voor signaal die daar evt. mee zouden willen afgeven. Ook heb ik kort voor de verkiezingen, wanhopig omdat ik nog niet wist waarop ik moest stemmen, nog nooit opgezocht met welke steden Nijmegen verbonden is, in de hoop daardoor van mijn twijfels te worden verlost. De politieke betekenis die Stellweg in stedenbanden met bepaalde landen legt, is beyond absurd. Bovendien stemmen de burgers van Tel Aviv overwegend links en dus tegen het huidige beleid, maar de stemmen van Tel Aviv alleen zijn nou eenmaal niet voldoende om de regering Netanyahu naar huis te sturen. Tot zover Stellwegs begrip van de democratie.

Maar Stellweg heeft nog een argument in petto, voor het geval de andere snel zouden sneuvelen (wat blijk geeft van een vooruitziende blik): Israel heeft zoveel ‘hartstochtelijke pleitbezorgers’ en daarmee hebben wij ons in het westen ‘nauw met Israel verbonden’. Dit in tegenstelling tot dictaturen die niemand verdedigt en waarmee de betrekkingen dus pragmatisch zijn. Zie hoe het hebben van pleitbezorgers wordt gelijkgesteld met het hebben van ‘innige banden’. De banden met Israel zijn echter niet ‘inniger’ dan die met de Palestijnse Autoriteit en met een aantal andere landen die net buiten de EU vallen waarmee zogenaamde associatieverdragen zijn gesloten. Het toenemende vingertje wijzen van Europa heeft de glans er bovendien behoorlijk afgehaald.

Dat Israel ook veel meer vijanden heeft dan de gemiddelde dictatuur, laat Stellweg voor het gemak buiten beeld. Hij vindt het ‘oneigenlijk’ om Israel met dictaturen te vergelijken vanwege het ontbreken van sympathisanten daarvan, maar is het niet veel opvallender dat de meest vreselijke dictaturen zoveel minder weerstand oproepen dan het democratische en kwetsbare Israel? Voor het bestaan van de ‘hartstochtelijke pleitbezorgers’ van Israel zijn allerlei redenen aan te voeren, van haar kwetsbaarheid, de wortels van het christendom in het ‘heilige land’ tot de Jodenvervolging en onze schuldgevoelens vanwege de Holocaust. Veel mensen vinden het rechtvaardig dat er in het Midden-Oosten ook een bescheiden plekje is waar de Joden zelfbeschikking hebben, al staat deze visie steeds meer onder druk. Voor het verdedigen van het enorme Chinese rijk of Rusland gaat dat niet op; deze landen en volken worden immers niet in hun bestaansrecht bedreigd door een serie veel grotere buurlanden.

Als je aan stedenbanden al een politieke betekenis wilt toekennen, denk ik dat juist van een gecombineerde stedenband van Amsterdam met Tel Aviv en Ramallah het signaal uitgaat dat men geen partij wil kiezen maar met beide volken wil werken aan vrede en een betere toekomst. Dat dit plan (nog voordat Ramallah, waar men kennelijk niet zo in vrede en samenwerking is geïnteresseerd, het afwees) door de tegenstanders direct werd afgewezen, is veelzeggend. De tijd en energie die de tegenstanders van een stedenband in al hun schrijfsels, lobbywerk, en acties hebben gestoken had men ook kunnen steken in constructieve acties om de partijen nader tot elkaar te brengen, concrete steun voor vredesprojecten of de Palestijnse economie. Maar dat is allemaal veel te pragmatisch. Principieel Israel dwarszitten is blijkbaar aantrekkelijker.

Ratna Pelle

 

vrijdag 18 september 2015

Israel-discussie op brievenpagina Trouw (WAAR mediablog)

 
 
In het protestants-christelijke Trouw wordt net als in  andere Nederlandse kranten regelmatig ruimte geboden aan lezers om hun opinie te geven over het Israëlisch-Palestijns conflict. Zo werd onlangs (18 aug.) ruimte gegund aan Albert Brandsma die - in een reactie op Willem-Gert Aldershoff - betoogde dat wij in het Westen voortdurend Israël onder druk willen zetten, terwijl er nauwelijks eisen worden gesteld aan de tegenpartij. Niet Israëls vijanden in de regio maar wij zijn eigenlijk de grootste vijanden van de Joodse staat, aldus Brandsma. Want Israël wordt gedemoniseerd, geboycot en geïsoleerd. Citaat: “De Palestijnen zien rustig toe hoe wij, de nazaten van de uitvoerders van de Holocaust en van degenen die te weinig deden om hun Joden te redden, Israël ondermijnen en murw beuken.”


Brandsma vervolgt verder met de vraag: “Zijn we daarmee antisemieten?” Om te antwoorden met: “Welnee! We gedenken jaarlijks Auschwitz, Ravensbrück en Bergen Belsen.” En hij noemt nog meer voorbeelden waaruit blijkt dat we dol zijn op dode Joden, maar “enig begrip en empathie voor de levende nakomelingen van de slachtoffers van de Holocaust kunnen we, zeventig jaren na de oorlog, niet meer opbrengen.”







Zelf scherm ik niet graag met de Sjoa als het gaat om het legitimeren van de historische rechten van Joden op Israël, wetend dat Joden een lange periode grotendeels weg waren uit dat gebied na de verwoesting van de Tweede Tempel door de Romeinen. Maar er hebben eigenlijk altijd Joden gewoond in dat gebied en er zijn ook steeds kleine groepjes Joden terug gekeerd naar het oude thuisland. Driemaal daags hebben Joden gebeden om terugkeer waarbij vertrouwd op de komst van de Masjiach (Messias) om hen voor te gaan. Toen die maar niet kwam en Joden na de gelijkberechtiging als uitvloeisel van de Franse Revolutie maar moeizaam burgerrechten kregen in Europa, en het antisemitisme gelijktijdig weer de kop opstak, namen de Europese Joden het heft in eigen hand en begon het politiek zionisme. De zionistische leiders hebben steeds via formele weg hun rechten bepleit, landaankopen gedaan en hebben zich aldus gevestigd in het oude thuisland dat door hen in ontwikkeling werd gebracht. Voor de heden ten dage steeds meer geldende gedachte dat Joden land hebben afgepakt van Palestijnen (“de oorspronkelijke bewoners”) bestaat eigenlijk geen grond. Er was nu eenmaal geen Palestijnse staat, het gebied was een Turks protectoraat en later Engelse mandaatgebied. Kom daar tegenwoordig maar eens om, Joden en in ieder geval Israëli’s worden weg gezet als dieven en zelfs moordenaars.


Het is moeilijk opboksen tegen dit soort ideeën die worden gevoed door het pro-Palestijnse kamp, ook door foute figuren uit Joodse kring.


Ik was dan ook benieuwd hoe zou worden gereageerd op het pro-Israëlische verhaal van Brandsma. De tweede antireactie was doortrapt van aard. Jan van der Kolk uit Voorburg (Trouw 20 aug.) stelde dat van Arabische en Palestijnse zijde bij voortduring vredesvoorstellen waren gelanceerd maar dat de wereld al jaren wacht op een vergelijkbaar gebaar van Israël. (Iemand met diezelfde naam is nauw betrokken bij de Kaïrosgroep, Palestijnse christenen die fel anti-Israël zijn en op de keeper beschouwd ook anti-Joods, want ze stellen o.a. dat Joden niet meer Gods volk zijn, omdat christenen die plaats hebben ingenomen en Joden/Israëli’s daden verrichten die een gruwel zijn in Gods ogen.)





Dat zette me aan tot het schrijven van een kort ingezonden stuk waarin werd betoogd dat tal van Israëlische leiders verregaande vredesvoorstellen hebben gedaan, zoals Barak, Sharon en zelfs Netanyahu. Olmert ging misschien nog wel het verst door een deling van Jeruzalem aan te bieden naast de gebieden die Israël in bezit kreeg na de zesdaagse oorlog met grenscorrecties.


Trouw heeft mijn stukje niet geplaatst, terwijl het verhaal van Van der Kolk bol stond van onwaarheden. In plaats daarvan koos men voor meer algemene reacties in de trant van: wordt het niet tijd om minder te focussen op het Israëlisch-Palestijnse conflict want er zijn toch ergere conflicten in de wereld? Waarna een reactie kwam die neerkwam op: men wil geen onevenredige aandacht voor Israël om critici de mond te snoeren. De laatste in die reeks betoogde dat de  druk op Palestijnen naast druk op Israël weinig zin heeft, omdat Hamas zijn eigen gang gaat en de Palestijnse Autoriteit weinig in te brengen heeft.


Redacties hebben het niet makkelijk met de stroom van pro-Palestijnse en pro-Israëlische bijdragen, maar één ding hoort steeds voorop te staan: als ingezonden stukken pertinente onjuistheden bevatten, zoals het stuk van Van der Kolk uit Voorburg dan moet ruimte worden gegeven aan tegenreacties. Dat dit niet gebeurt, wijst op een zeker onvermogen om de reacties naar inhoud te beoordelen. Journalistiek is geen makkelijk vak.




Mijn niet geplaatste brief:

Jan van der Kolk (Opinie 20 augustus jl.) verwijt Albert Brandsma die eerder een opiniestuk over Joden en Israël instuurde dat hij geen kranten leest. Vervolgens geeft Van der Kolk voorbeelden van Arabische vredesvoorstellen en stelt dat er geen vergelijkbaar gebaar van Israël is geweest. Wat krijgen we nou? Van der Kolk is kennelijk niet verder gekomen dan de krantenkoppen want anders had hij geweten dat van Israëlische zijde talloze malen, al vanaf 1948, verregaande voorstellen zijn gedaan om tot vrede te komen. O.a. Barak, Olmert, Sharon en zelfs Netanyahu hebben allerlei belangrijke vredesvoorstellen gedaan. Maar het loopt elke keer stuk op  de eis om Palestijnen uit het buitenland massaal toe te laten tot de staat Israël, wat het demografisch einde betekent van Israël als Joodse staat. De Arabische en Palestijnse initiatieven waar Van der Kolk hoog over opgeeft zijn om die reden door Israël niet opgepakt.


Harry Polak  Amsterdam
 
 

donderdag 17 september 2015

NRC ontmaskert Israelisch complot tegen Betselem (IMO)

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2015/09/17/nrc-ontmaskert-israelisch-complot-tegen-betselem/  

= IMO Blog = 

Bij NRC Handelsblad hebben ze nog tijd voor echte onderzoeksjournalistiek. Redacteuren speuren daar nog ouderwets naar misstanden en nemen politici en machthebbers onder de loep. Zo ontrafelt men de sinistere machtsstructuren en lobbies die via sluwe manipulaties het leven van de gewone burgers beheersen. Een geliefd doelwit van de NRC is de oppermachtige en zeer goed geoliede zionistische lobby. De macht en tentakels van deze lobby zijn een goed bewaard geheim, omdat de Wijzen een zeer gesloten bolwerk vormen waar buitenstaanders nauwelijks in kunnen doordringen. Je moet je dan ook tot onorthodoxe methodes wenden om haar werkwijzen en macht bloot te leggen.

Gelukkig staan de onderzoeksjournalisten van de NRC er niet alleen voor, maar kunnen ze rekenen op de steun van een leger aan moedige en gemotiveerde vrijwilligers, die deze lobby graag helpen ontmaskeren. Deze vrijwilligers hebben tal van organisaties opgericht met soms prachtige namen, zoals DocP, het Nederlands Palestina Komitee, United Civilians for Peace, The Rights Forum, Palestine Link, Een Ander Joods Geluid, Gate48, Kairos, Stop de Bezetting, en tal van lokale Palestina Platforms. In al die organisaties gaat heel wat geld om, deels van ontwikkelingsorganisaties zoals Oxfam-Novib of ICCO, soms direct van de overheid (voor bepaalde projecten) en vaak van tal van donateurs die immers graag de goede zaak steunen.

Met dat geld heeft men professionele organisaties opgericht, met kantoren waar betaalde krachten lokale initiatieven ondersteunen met geld, middelen en advies. Zo popten er een paar maanden geleden ineens in talloze plaatsen zogenaamde ‘inspectieteams’ op die supermarkten gingen ‘inspecteren’ op zoek naar door de zionistische lobby geïnfecteerde producten. Alles wat ook maar iets met Israel te maken heeft is ‘verdacht’. De supermarkten kregen een keurig opgestelde brief, het publiek werd geïnformeerd en de lokale media benaderd.

Maar interessanter is misschien wel wat er achter de schermen gebeurt. Hoe kan het dat bedrijven als Royal Haskoning, Vitens, Veolia en PGGM opeens hun aandelen of activiteiten in Israel afstoten, en die uit veel grovere mensenrechtenschenders zoals China, Rusland, Saudi-Arabie etc. wel behouden? Wat zit daarachter? En hoe kan het dat de voorgenomen stedenband van Amsterdam met Tel Aviv zoveel weerstand oproept, en de stedenbanden die Amsterdam al tijden heeft met Hanoi (waar de minderheidsgroepering de Cham worden onderdrukt en het in het algemeen met de mensenrechten niet best is gesteld), Peking (de hoofdstad van een land dat vierduizend doodstraffen per jaar voltrekt en Tibet bezet houdt), Sisli in Turkije (het land waar de meeste journalisten ter wereld gevangen zitten) en Casablanca in Marokko (dat de Westelijke Sahara bezet houdt), nauwelijks protest oproepen? Wat zit daarachter? En hoe kan het dat tal van organisaties en media die voor een heel ander doel zijn opgericht, zoals de AbvaKabo, vredesgroepen, Kerk in Actie, opiniesite Joop, zich zo voor het karretje van de pro-Palestina scene laten spannen? Hoe krijgt men dat voor elkaar? Hoe zit deze anti-Israellobby eigenlijk in elkaar, wat zijn haar doelen, en hoe gaat zij te werk?

Maar wacht even, daar hadden we het niet over. Het ging over het zeer moedige en zwaar onder vuur liggende onderzoekswerk van enkele journalisten bij de NRC. Met gevaar zelf op de zwarte lijst te komen staan van de meedogenloos te werk gaande Israel lobby, heeft men het volgende weten te onthullen:

Rechtse Israëliërs saboteren de internetstemming voor een mensenrechtenprijs van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken. Dit blijkt uit Facebookposts, waarin onder anderen een politicus van de ultrarechtse partij Het Joodse Huis oproept om de linkse Israëlische mensenrechtenorganisatie B’Tselem buiten de topdrie te houden.

Zoals gezegd chapeau voor dit staaltje onderzoeksjournalistiek! Goed dat de NRC haar functie van waakhond zo goed vervult en de facebookactiviteiten van Israelische politici in de gaten houdt. Het gaat om deze post van Ronen Shoval, Knessetlid voor Yisrael Beiteinu. NRC noemt dit ook direct maar even een ‘ultrarechtse partij’ want dat klinkt zo lekker akelig, je ziet de bruinhemden als het ware al voor je.

Uiteraard riep Betselem zelf, en haar sympathisanten, op om juist wel op deze organisatie te stemmen. Je goed recht als je meedoet aan een stemming, maar ik ben wel een beetje verbaasd om naast voor mij onbekende eenlingen die in landen waar je voor het minste of geringste jaren in de bak kunt belanden, een dergelijke bekende en ook goed gesubsidieerde organisatie aan te treffen. Een organisatie die legaal is in het land waar zij opereert, ook al strijdt ze fel tegen het regeringsbeleid, en volgens velen ook tegen de staat zelf. Leden van Betselem hoeven niet te vrezen zomaar te worden opgepakt en te worden gemarteld in de gevangenis, ze kunnen openlijk hun doelen bepleiten en zij wordt door buitenlandse donors waaronder de EU royaal van middelen voorzien. Je kunt je dan ook afvragen of juist zij in aanmerking moet komen voor de mensenrechtentulp, een prijs waaraan 100.000 Euro is verbonden (!).

De actie van Shoval komt misschien onsympathiek over, maar is natuurlijk volkomen legaal. Het is geen actie van ‘de regering’, maar van een individu die zich stoort aan de overmatige aandacht voor en bewieroking van de strijd tegen de bezetting van de Westelijke Jordaanoever. NRC Handelsblad draagt haar steentje bij aan die kritiekloze houding:

B’Tselem, dat misstanden in bezet Palestijns gebied documenteert, zegt dat het “een genot zal zijn om mensen die voor de bezetting zijn, te zien stemmen op genomineerden die de waarden bevorderen die zij verachten”.

Betselem is een politieke belangenorganisatie die vooral ten doel heeft de Israelische aanwezigheid op de Westbank te beëindigen. Zelf ben ik ook geen voorstander van deze aanwezigheid, maar ik denk dat er wel duidelijke voorwaarden mogen worden gesteld aan Israels vertrek en het ontmantelen van nederzettingen. Israelische concessies zonder duidelijke tegenconcessies leiden helaas niet tot vrede, zo is al vaker gebleken. Betselem gaat behoorlijk eenzijdig te werk bij het ‘documenteren’ van misstanden. Palestijns geweld wordt vaak over het hoofd gezien, wat Palestijnse getuigen zeggen klakkeloos aangenomen en Palestijnse slachtoffers als burgers aangemerkt ook als later overduidelijk blijkt dat ze dat niet zijn (op het weblog van Elder of Ziyon zijn daarvan diverse voorbeelden te vinden). Er staan overigens nog twee pro-Palestijnse organisaties op de lijst, die beide ook al buitenlandse subsidie krijgen. Je kunt je afvragen waarom het nodig is op een lijst van 30 kandidaten liefst drie organisaties te plaatsen die de Palestijnen helpen? Palestijnse organisaties ontvangen daarbij al meer internationaal hulpgeld dan wie dan ook.

Niet alleen mensen die ‘voor de bezetting zijn’ stemden op een andere kandidaat dan Betselem. Veel mensen zijn de overdreven aandacht voor eenzijdige Israelkritische organisaties zat en vinden dat een organisatie als Betselem niet echt thuishoort op deze lijst. Ze gunnen de prijs aan iemand die vecht voor vrije journalistiek en de rechten van minderheden in Iran, of een studentenleider uit Birma die voor de tweede keer in de gevangenis zit en tot 9 jaar is veroordeeld voor het leiden van vreedzame demonstraties voor meer toegankelijk onderwijs, of een mensenrechtenactivist in Bangladesh, die door de regering wordt vervolgd. Je kunt het natuurlijk prima oneens zijn met het werk van Betselem, maar wel dat van mensenrechtenactivisten of studentenleiders of bloggers elders steunen. De suggestie van Betselem, overgenomen door NRC, dat de waarden van mensen die ‘voor de bezetting zijn’ haaks staan op die van de genomineerden op deze lijst, is te zot voor woorden. Alsof de bezetting het morele ijkpunt is waarop kan worden getoetst of iemand überhaupt wel enige moraal en een geweten heeft. Het is duidelijk dat steeds meer mensen (en media) dat wel zo zien, waarbij je dus automatisch aan de verkeerde kant van de morele streep belandt als je niet eenduidig tegen de bezetting bent en vraagtekens zet bij de doorgeslagen Israel kritiek.

Als deze actie iets laat zien is het vooral het arbitraire karakter van internetstemmingen, waaraan ook nog eens burgers van over de hele wereld kunnen deelnemen. Organisaties die goed georganiseerd zijn maken meer kans dan individuen zonder enige middelen. Via sociale media zijn snel grote groepen mensen te mobiliseren die verder weinig feeling met de zaak hebben. Chinezen, Turken of Arabieren kunnen massaal ergens voor of tegen gaan stemmen, moslims zijn makkelijk te mobiliseren tegen vermeende vijanden van hun geloof, etc. Zelfs als de stemming tot Nederland zou worden beperkt (hoe doe je dat?) hou je dit probleem in zekere mate. En hoe kan iemand op grond van de summiere beschrijvingen zich überhaupt een goed beeld vormen van wie het meest vernieuwend bezig is en met het geld echt iets voor de mensenrechten kan doen? Het lijkt me beter dat een paar deskundigen de prijs uitreiken aan een persoon of organisatie zonder middelen maar met veel potentie om veranderingen af te dwingen in een repressief land. Maar dat trekt natuurlijk minder aandacht dan een publieke stemming.

Ratna Pelle

 

Themakatern voor VWO onderwijs geeft vertekend beeld van ontstaan Israël (IPI)

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2015/09/16/themakatern-voor-vwo-onderwijs-geeft-vertekend-beeld-van-ontstaan-israel/  

– Door Tjalling. –  

ThiemeMeulenhoff, een uitgever van leermiddelen in Nederland, heeft onlangs de aandacht getrokken vanwege ontstane ophef over het themakatern `Het Midden Oosten’, wat bestemd is voor het vak geschiedenis voor scholieren op het VWO. Van een uitgever van leermiddelen mag worden verwacht dat die van te voren zorgvuldig afgewogen en kritisch kijkt naar wat hij zoal aan leerstof uitgeeft. Echter bij de uitgave van dit katern is dit zeker niet gebeurd. Het katern zet volgens critici aan tot antisemitisme, wat wettelijk niet is toegestaan.

Volgens het CIDI bevat het katern met betrekking tot Israël onjuistheden en ook tendentieus taalgebruik. Naar aanleiding van dit katern en ook van het al eerder verschenen schoolboek “Geschiedeniswerkplaats” voor 4 VMBO – waarover ook op IMO is gepubliceerd – roept het CIDI in een brief aan de staatssecretaris van Onderwijs op, om kwaliteitscriteria in te stellen voor schoolboeken.

Niet alleen het CIDI, ook Likoed Nederland heeft actie ondernomen tegen het misleidende katern. In een uitgebreide lijst benoemt Likoed maar liefst 41 punten, waarvan drie beweringen antisemitisch, die een feitelijk onjuist beeld zouden scheppen over Israël. Het voert te ver om hier bij alle 41 punten stil te staan, vandaar dat ik slechts de eerste drie noem die tegelijk ook antisemitisch zijn, om daarmee de heel negatieve teneur jegens het ontstaan en de geschiedenis van Israël te illustreren. (Onder dit artikel staat ook een link naar een artikel op de site van Likoed Nederland waarin alle 41 punten uitvoerig worden toegelicht.)

1: Volgens de auteurs van het katern, Jan van Oudheusden en Robert Boonstra, kon Israël gesticht worden `omdat Joodse bankiers (tijdens WW1, Tj.T) de Britten zouden chanteren met het verstrekken van geldleningen’. Hier stuiten we natuurlijk op de Balfourverklaring uit 1917. Aan die verklaring gingen twaalf maanden van intensieve onderhandelingen vooraf tussen vertegenwoordigers van de zionistische beweging in Engeland en functionarissen van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Verschillende belangrijke betrokkenen in de hoogste Britse kringen hadden naast politieke overwegingen overigens ook religieuze motieven om behulpzaam te zijn bij een terugkeer van Joden naar het Bijbelse Palestina.

Als je de Balfourverklaring dan toch héél kritisch, of politiek correct net zo je het wil noemen, verder wilt toelichten, dan kan worden gesteld dat `de Engelsen toen bezig waren hun koloniale belangen veilig te stellen in het Midden-Oosten’. Zij zochten ook steun bij Joodse organisaties (dus niet expliciet bankiers) in de oorlog tegen de Duitsers en het Ottomaanse Rijk. Natuurlijk kunnen onjuistheden niet worden goedgepraat, maar desondanks is het op z’n minst te begrijpen dat een land in oorlog zijn -strategische- belangen veilig wil stellen. De Balfourverklaring is gericht aan Lionel Walter Rothschild, een voormalig Joods Brits parlementslid en actief zionist, die zich inzette voor een Joodse staat in Palestina. Hoe dan ook, niets duidt erop dat de Britten zouden zijn gechanteerd door Joodse bankiers. Bovendien is er volgens Likoed Nederland ook niets bekend over een lijst van Joodse bankiershuizen, die de geallieerde oorlogsinspanning alleen maar zouden hebben willen financieren na de Balfourverklaring en met welke bedragen zij er daarna pas toe over gingen.

2: Volgens de auteurs zou Israël gegrondvest zijn op onrecht. Waarom steeds weer een dergelijke opmerking maken als het om Israël gaat? Bij elke stichting van welke staat dan ook treden er immers ernstige fouten op. Een voorbeeld hiervan is Amerika. De Indianen waren de oorspronkelijke inwoners van dit continent. Echter dit terzijde. Terugkomend op het z.g. onrecht waarop Israël zou zijn gegrondvest: In 1947 was er Resolutie 181 van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, beter bekend als het verdelingsplan van Palestina, dat poogde de tegenstrijdige belangen en wensen van beide partijen zo evenwichtig mogelijk tegemoet te komen. Die resolutie werd aangenomen. Dit betekent dat naar aanleiding van een resolutie, die door de meerderheid van de lidstaten van de VN werd aangenomen, Israël definitief kon worden gesticht. Makkelijk was het stichten van de Joodse staat overigens niet. De Arabieren verwierpen het verdelingsplan en de Joden die al in het gebied woonden wat hen werd toegewezen, werden meteen daarna door Arabische groeperingen aangevallen. Op basis van deze feiten kan dus niet worden gesteld dat Israël zou zijn gegrondvest op onrecht. Als je dat wel doet, dan wordt zo het recht op zelfbeschikking voor Joden ter discussie gesteld. Waarom de auteurs wel beweren dat Israël is gegrondvest op onrecht zal misschien liggen aan het feit dat de Arabieren zich tekort gedaan voelen door de ontwikkelingen tijdens de vorige eeuw. Dit hebben ze dan ook duidelijk laten weten tot op de dag van vandaag toe, met alle onrecht die daarmee gepaard gaat jegens Israël. Aan dit laatste wordt echter geen aandacht besteed in het katern.

3: Volgens de auteurs zouden de Arabieren in Israël wettelijk gediscrimineerd worden. Deze bewering is de facto onjuist. Volgens de Israëlische wet heeft elke burger van Israël, Joods, Arabisch en anderszins gelijke rechten. Natuurlijk is er ook in de Israëlische samenleving sprake van discriminatie, maar die valt eerder te vergelijken met de discriminatie die er bijvoorbeeld ook in ons land is. Wettelijk gezien is er in Israël beslist geen sprake van Apartheid.

 

Het is een heel bedenkelijke zaak dat zo’n katern kan verschijnen. ThiemeMeulenhoff distantieert zich echter verregaand van de kritiek van Likoed: “Wij zijn van mening dat we met de gehele tekst een feitelijke en eerlijke weergave van de werkelijkheid geven die gebaseerd is op wetenschappelijk historische studies en bronnen. We schetsen dus geen eenzijdig en foutief beeld zoals aangegeven”, aldus de uitgeverij.

Een feitelijke en eerlijke weergave van de werkelijkheid zoals de uitgever stelt? Dat is zeer de vraag! Na lang zoeken kon ik nergens informatie vinden over Joodse bankiers die de Britten tijdens WW1 zouden hebben gechanteerd. Het begrip `eerlijk’ is aan subjectieve interpretatie onderhevig en wordt daarom heel verschillend aangevoeld en uitgelegd. Voor de auteurs van het katern geldt dit ook. Wat zij als eerlijk beschouwen, komt in elk geval niet overeen met de feiten. ThiemeMeulenhoff bleek uiteindelijk toch enigszins tegemoet te komen aan de kritiek van Likoed. De uitgever gaf aan bereid te zijn om de tekst op 4 punten te wijzigen en ook om een onafhankelijke meelezer in te schakelen, die deze maand nog zijn bevindingen zal terugkoppelen naar de uitgever. ThiemeMeulenhoff: “Mochten de beoordeling en conclusie van de onafhankelijke meelezer aanleiding geven tot aanpassing van de inhoud dan zullen wij dat bij de eerstvolgende mogelijkheid realiseren.”

Deze tegemoetkoming is voor Likoed echter onvoldoende. Het inschakelen van een onafhankelijke meelezer is door Likoed om inhoudelijke en procedurele redenen afgewezen. Men heeft geen vertrouwen meer in ThiemeMeulenhoff, omdat deze niet bereid bleek om `zelfs de onzinnige klassieke antisemitische aantijgingen over Joodse bankiers en Joodse wereldheerschappij te schrappen’.

ThiemeMeulenhoff schrijft dat de uitgever en ook de auteurs zich de kritiek van Likoed zeer hebben aangetrokken, maar lijkt onwillig daar consequenties aan te verbinden. Reactie ThiemeMeulenhoff: “De chantage van de Joodse bankiershuizen is inderdaad niet waar. Er bestond helemaal geen joodse wereldmacht of complot! Maar de Joodse macht werd destijds door sommigen wel overschat, dus misschien waren er mensen destijds die dachten dat het wel waar was. Tekst wordt niet aangepast.”

Neemt de uitgever de kritiek niet serieus genoeg? Het lijkt er sterk op. Echter, het laatste woord is hierover nog niet gezegd en bovendien is de reactie van de staatssecretaris op de brief van het CIDI op dit moment nog niet bekend. Het is te hopen dat dit gewraakte katern zal worden teruggenomen of grondig wordt aangepast. Het ontstaan en de geschiedenis van Israël wordt daarin op dit moment zeer onjuist gebracht en dat zet de scholieren op een vals spoor.


Externe links:

·         http://likud.nl/2015/09/antisemitisch-schoolboek-in-nederlands-onderwijs/

·         https://www.thiememeulenhoff.nl/navigatie-over-thiememeulenhoff/actueel/reactie-katern-het-midden-oosten

·         https://www.eo.nl/geloven/nieuws/item/likoed-antisemitische-teksten-in-nederlands-schoolboek/

·         http://historiek.net/balfour-verklaring-1917/5601/

 

zondag 6 september 2015

Pallywood of Israelische blunder? (IMO)

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2015/09/06/pallywood-of-israelische-blunder/  

= IMO Blog =  

Afgelopen week doken overal filmpjes op van een Israelische soldaat die wordt belaagd door Palestijnse vrouwen en een meisje terwijl hij een jongen probeert te arresteren. Geen fraaie beelden voor Israel. De jongen heeft een arm in een zwachtel en in het gips, en is pas ca. 12 jaar. Hij (en anderen) hebben met stenen gegooid, zoals elke week bij de demonstratie in het dorp Nabih Saleh. In het filmpje zien we hoe de soldaat de jongen vastpakt, aan hem sjort, zijn hoofd tegen een steen duwt terwijl de jongen onophoudelijk schreeuwt en een Palestijnse vrouw met camera de soldaat af en toe even duwt. Daarna komen de zus en de moeder van de jongen met nog een vrouw op het toneel en belagen de soldaat. Het meisje bijt hem zelfs even in de hand. Je vraagt je af waarom de soldaat niet sneller wegliep met de jongen, en of hij de anderen niet aan zag komen. Ook is moeilijk te begrijpen dat hij de vrouwen niet beter van het lijf kon houden, en er geen andere soldaten in de buurt waren. Op het laatst, na meer dan 3 minuten, komt een andere soldaat hem te hulp. Zonder de jongen te arresteren maar na nog een traangas granaat naar de groep te gooien gaan ze weg.

Een journalist van The Times of Israel beschrijft de wekelijkse demonstratie, die hij voor het eerst live verslaat, als volgt:

NABI SALEH, West Bank — Their faces covered in bandanas, a group of adolescent Palestinian boys led the march from the West Bank Palestinian village of Nabi Saleh toward the neighboring Jewish settlement of Halamish. Behind them was a large crowd of villagers – some older and some younger – activists and members of the media. Some were waving Palestinian flags; some were holding gas masks; many had cameras.

Down the road, Israeli Defense Forces soldiers awaited them, as they do every Friday, in an effort to prevent the demonstration from reaching Halamish and the main road.

Deze demonstraties vinden al jaren plaats, en leiden geregeld tot incidenten. Activisten filmen deze incidenten en plaatsen die online. De stenengooiende jongen, het meisje dat de soldaat in de hand beet en de moeder die de soldaat van achteren greep zijn allemaal leden van de bekende activistische Tamimi familie. Met name het meisje Ahed, in pro-Israelische kringen ook Shirley Temper genoemd, is mediageniek. Na eerdere confrontaties met het leger in 2012 werden zij en haar familie door president Abbas ontvangen en geëerd. Ahed kreeg zelfs een Turkse onderscheiding: President Erdogan overhandigde haar in Istanbul de Handala ‘Award for Courage’. Ook na het recente media-gebeuren was de familie Tamimi daags later te gast bij Machmoud Abbas.

Links naast Abbas Muhammed en rechts Ahed Tamimi

In dit filmpje is te zien hoe Ahed Tamimi en andere meisjes Israelische soldaten minutenlang uitschelden, duwen, wijzen, op ze af lopen en met ze meelopen en naar ze uithalen. De soldaten staan er zwijgend bij, lopen weg, een enkele keer lachen ze een beetje schaapachtig. Ze hebben geleerd om niet op dergelijke provocaties in te gaan, ze weten dat alles wat ze doen op camera wordt vastgelegd en de volgende dag op CNN te zien kan zijn. Wat opvalt is dat de meisjes echt totaal niet bang zijn, en dat hen geen haar wordt gekrenkt. Kun je je Koerdische meisjes voorstellen die Turkse soldaten op een dergelijke manier lopen te pesten en provoceren zonder dat er iets gebeurt?

Vader en moeder Tamimi zetten hun kinderen welbewust aan tot het provoceren van de soldaten. De vader staat er soms zelf met een camera bij. Een oom heeft zelfs een mediabedrijf. Beide ouders zijn overigens al diverse keren door Israel gearresteerd, o.a. voor het gooien van stenen. Volgens weblog Israellycool is ‘Shirley’ aan een nieuwe film aan het werken. De aantijgingen van pro-Israel zijde dat de zaak in scene was gezet, zijn dus niet zomaar uit de lucht gegrepen. Bij het zien van het filmpje bekroop me inderdaad het gevoel dat ik naar een vooropgezet en uitgedacht script was aan het kijken, waarin Shirley en de vrouwen een eindje verderop stonden te wachten en een seintje kregen wanneer ze op moesten komen. Na afloop wordt er een overwinningslied gezongen en nog gezellig nagepraat. The Times:

The Red Crescent worker then showed the boy pictures he took of the incident. “Good job,” he told the child. He then got up to talk with other activists and journalists about getting to Ramallah and disseminating the photos and video.

“We got them,” he said.

Er is een foto opgedoken waarbij het gips van de jongen (Muhammed Tamimi) om zijn andere arm zat dan in het filmpje dat ‘viral’ ging. Sommigen proberen daarmee aan te tonen dat de gipsarm nep is, maar die foto blijkt al van mei 2014 te zijn, en of het echt om dezelfde jongen gaat is ook onzeker.

In het filmpje schreeuwt Muhammed onophoudelijk, zodat moeilijk is te zeggen of en wanneer hij echt pijn lijdt, hij vooral bang is of ook acteert. De beste films benaderen de werkelijkheid zo dicht dat kijkers soms niet meer weten wat echt en wat fictie is.

Volgens de instructies van het Israelische leger mocht de soldaat in dit geval niet zijn vuurwapen richten op zijn belagers, omdat hij niet in levensgevaar was. Hierop kwam kritiek vanwege dit incident, omdat het de soldaten met hun handen op de rug zou binden. Een Israelische leraar die met de demonstratie meedeed en bij het incident aanwezig was en de soldaat niet hielp, hield zich de woede van de ouders van zijn leerlingen op de hals. Van de andere kant zijn de Palestijnen en hun sympathisanten boos dat de soldaat de jongen zo hardhandig behandelde.

Het filmpje riep in eerste instantie sympathie op voor de Palestijnen bij de media, maar nadat duidelijk werd dat Shirley en de anderen geen willekeurige demonstranten waren maar al jaren dit soort activisme bedrijven, veranderde de toon. Goed dus dat dit is opgepakt, al blijft de teneur vaak, bijvoorbeeld bij NRC Handelsblad, toch weer vooral Israel kritisch.

De demonstraties bij Nabih Saleh zijn al jarenlang een probleem voor Israel, en niet alleen daar. Ook bij Ni’lin wordt al jarenlang iedere vrijdag tegen de afscheidingsbarriere en de uitbreiding(splannen) van de nabijgelegen nederzetting gedemonstreerd. De beelden van die demonstraties verschenen in diverse Israelkritische documentaires en reportages, waarbij de usual suspects zoals Gideon Levy en Uri Avnery hun voorspelbare commentaar geven. Nee, de bezetting ziet er op zulke momenten niet fraai uit en dat weten de tegenstanders goed neer te zetten. Israel zou er dan ook goed aan doen om te leren uit dergelijke pr rampen en de frictie met de Palestijnen te verminderen. Het is inmiddels genoegzaam bekend dat overal de camera’s draaien en men wacht op dat ene moment voor de gouden foto die meer voor de Palestijnen doet dan 10 speeches van Abbas.

Israel mag dan militair gezien superieur zijn aan de Palestijnen, deze oorlog wordt uiteindelijk niet via wapens beslecht maar via de media en de internationale politiek. En nee, er weer een dure hasbara campagne tegenaan gooien helpt niet; dergelijke campagnes, of alleen al de plannen daartoe, slaan als een boemerang terug. ‘Israel wil imago opvijzelen met gelikte pr campagne’, koppen de kranten en verklaren de commentatoren, ook in Israel zelf. Het wordt tijd dat men met een goed antwoord komt op de Palestijnse ‘hasbara’, op Pallywood, op het handig uitbuiten van de slachtofferstatus en het strategisch inzetten van vrouwen en kinderen, wetende dat die veel verder kunnen gaan en Israel voor moeilijke dilemma’s plaatsen.

Israel loopt voorop waar het technologie en medicijnen betreft, heeft de meeste Nobelprijswinnaars omgerekend naar bevolking, goede universiteiten en onderzoeksinstituten. Een land dus van bollebozen en slimmeriken. Misschien moeten die hun capaciteit eens inzetten op het vinden van oplossingen voor dit soort problemen, en het vertellen van een eerlijk en geloofwaardig verhaal over hun land. Een land met fouten en stommiteiten, maar ook een land dat het, gezien de conflictsituatie en de dreigingen waarmee het vanaf zijn ontstaan te maken heeft, moreel bepaald niet slecht doet. Een land ook dat de wereld veel biedt, een land kortom dat een eerlijker beoordeling door de wereldgemeenschap verdient.

Ratna Pelle

 

dinsdag 1 september 2015

Gazastrook krijgt allerhande medische steun van Israel

 

Een aardig stukje Hasbara: ondanks belegering, blokkade en open-lucht-gevangenis Gaza is er, vooral op medisch gebied, de nodige steun voor de Gazanen vanuit Israel, en is de grens behoorlijk poreus.

 

Wouter

____________

 

Gaza medical professionals crossed into Israel 1300 times this year for seminars

http://elderofziyon.blogspot.nl/2015/08/gaza-medical-professionals-crossed-into.html

Just another story from "concentration camp Gaza" that you won't read in the media...

Between January and June, 1,300 medical professionals entered into Israel to take educational seminars.


This is besides the professional seminars Israel holds for Gaza farmers and others.

For some reason, these thousands of people are unwilling to adhere to the boycott demands of "Palestinian civil society." Perhaps they are not as civil as the rock throwers and firebombers who are supported by the BDS movement.

 

zaterdag 29 augustus 2015

BDS fail: Joodse zanger Matisyahu toch op Spaans reggae festival (IMO)

 
 
= IMO Blog =  
De BDS beweging bewerkt regelmatig muzikanten, theatermakers en andere kunstenaars die in Israel willen optreden, en zet hen onder druk om dit niet te doen. In 2013 werd de saxofonist Yuri Honing naar eigen zeggen lastig gevallen met o.a. nachtelijke telefoontjes met een intimiderend karakter om vooral niet op het Red Sea Jazz Festival in Eilat op te treden. Soms gaat men nog een stap verder en worden concerten of voorstellingen verstoord enkel omdat een van de uitvoerders Israelisch blijkt te zijn. Zo werd vorig jaar een optreden van de hoogbejaarde actrice Lia Koenig verstoord door BDS activisten die leuzen scandeerden. Eerder werd een voorstelling van een kindertheatergroep uit Rishon le Zion verstoord door schreeuwende BDS activisten. In Engeland werd een klassiek concert verstoord omdat de muzikanten uit Israel kwamen.
Rototom rumoer
Soms ook worden de organisatoren bewerkt en onder druk gezet om een Joodse of Israelische spreker of zanger af te zeggen. Het laatste voorbeeld is het Spaanse festival Rototom Sunsplash, dat de Joodse reggaezanger Matisyahu op het allerlaatst afzegde omdat hij zich in het verleden pro-Israelisch had uitgelaten, volgens de organisatoren onder druk van de BDS beweging. BDS is niet antisemitisch, zo zegt men zelf, want wanneer Joden antizionistisch zijn en de Palestijnse strijd steunen, is er niks aan de hand. Wat betreft Israeli’s ligt dat iets ingewikkelder. Zij blijven in de ogen van veel BDS’ers toch vertegenwoordigers van een verdorven regime en illegale staat, ook wanneer zij die staat zelf fel bekritiseren. Vandaar dat bij bijvoorbeeld de academische boycot juist helemaal niet gekeken wordt naar hoe iemand tegenover de nederzettingenpolitiek staat; alle Israeli’s dienen te worden geweerd van internationale congressen en ook hun bijdragen aan wetenschappelijke tijdschriften zijn niet welkom. Een aantal universiteiten heeft anti-Israelische resoluties aangenomen die uitwisselingen en samenwerking met Israelische universiteiten onmogelijk maken, ondanks de vaak zeer kritische houding tegenover Israels beleid en geschiedenis op die universiteiten.
Maar Matisyahu is Joods, niet Israelisch, en dus kreeg hij nog een kans. Als hij een verklaring zou ondertekenen waarin hij een Palestijnse staat steunt en het Israelische geweld tijdens de Gaza oorlog afkeurt, mocht hij optreden zoals gepland. Dat wist de lokale BDS groep van Valencia voor elkaar te krijgen bij de organisatie, die later zelf sprak van een ‘campaign of pressure, coercion and threats employed by the BDS País Valencià’. Matisyahu weigerde, en schreef op zijn facebookpagina:
“The festival organizers contacted me because they were getting pressure from the BDS movement. They wanted me to write a letter, or make a video, stating my positions on Zionism and the Israeli-Palestinian conflict to pacify the BDS people. I support peace and compassion for all people. My music speaks for itself, and I do not insert politics into my music. Music has the power to transcend the intellect, ideas, and politics, and it can unite people in the process. The festival kept insisting that I clarify my personal views; which felt like clear pressure to agree with the BDS political agenda. Honestly it was appalling and offensive, that as the one publicly Jewish-American artist scheduled for the festival they were trying to coerce me into political statements. Were any of the other artists scheduled to perform asked to make political statements in order to perform?
Nee, dit werd van geen andere artiest gevraagd. Alleen Matisyahu moest zich, vanwege zijn Joods zijn en eerdere uitspraken waarin hij Israel steunde, nu solidair verklaren met de Palestijnen. Terecht riep dit veel verontwaardiging op, zelfs de Spaanse regering (die dit festival mede subsidieert) uitte haar ongenoegen, waarop de organisatie op haar besluit terugkwam en haar verontschuldigingen aanbood. Terecht wordt dit gezien als overwinning op de BDS beweging met haar intimidaties, maar het laat bij mij wel een ongemakkelijk gevoel achter. Hoe kan het dat we inmiddels zover zijn dat organisaties dit van Joden durven te vragen? En dat er nog mensen zijn die met droge ogen beweren dat het allemaal heel terecht is, want ja, dan had hij Israel maar niet moeten steunen. De Tilburgse anarchist Peter Storm schrijft op zijn weblog:
Kortom: óf je vraagt elke artiest op een festival om een verklaring over de Palestijnse zaak. Of je doet dat met geen van de artiesten. Een joods artiest wel en een niet-joods artiest er niet naar vragen, enkel vanwege die verschillende herkomst, is een onrechtvaardig onderscheid maken op basis van afkomst. Racisme, dus. Nogmaals: áls de weergave van de Volkskrant klopt, is de boycot van Matisyahu een verwerpelijke antisemitische actie, en het terugdraaien ervan een goede zaak. Als…
Maar de weergave klopt dus niet, en ik ben daar niet verbaasd over. Deze zanger Matisyahu is helemaal niet de onschuldige apolitieke artiest die hij volgens de Volkskrant beweert te zijn. Hij heeft een lange carrière van fel pro-zionistische en anti-Palestijnse stellingnames. Geheel los van zijn herkomst hadden organisatoren van het festival hele legitieme redenen om hem een paar lastige vragen daarover te stellen.
Het is een raar onderscheid dat veel antizionisten maken: iemand enkel om zijn joods zijn anders behandelen mag niet, iemand om zijn Israel visie anders behandelen wel. Maar ook als het verhaal over Matisyahu’s zionistische activiteiten klopt (hierover dadelijk meer) dan blijft het vreemd dat a.) alleen een Joodse zanger hierover een verklaring moet afleggen, en niet de Israelvisie van alle optredende artiesten is onderzocht, en b.) dat de visie op Israel en de Palestijnen blijkbaar zo’n centrale rol speelt, en niet die op pakweg homo’s, de bezetting van Tibet, de Iran deal, de klimaatverandering, het eten van vlees, de doodstraf, of welke andere sociale en maatschappelijke kwestie dan ook.
De BDS beweging verwijst naar de doelstelling van Rototom, dat vrede en respect tussen culturen wil bevorderen, waarmee een pro-Israel visie in tegenspraak zou zijn. Het is echter juist een militant pro-Palestijnse visie (waarin Palestijns geweld tegen Israelische burgers wordt vergoelijkt of zelfs gepropageerd) die hiermee op gespannen voet staat. De BDS beweging wijst projecten gericht op verzoening tussen Joden en Palestijnen juist af; men heeft initiatieven op dat gebied van bijvoorbeeld de vredesbeweging One Voice in het verleden verstoord. Men is tegen vrede en een compromis, en tegen Israels bestaansrecht. De doelstelling van Rototom past dan ook beter bij de visie van Matisyahu dan van de BDS beweging zelf.
Peter Storm verwijst naar het ‘zeer neutrale en betrouwbare’ Electronic Intifada, waar de ‘helemaal niet radikaal antizionistische’ Ali Abunimah een beeld neerzet van Matisyahu als een extreme en militante zionist. Een zionist is bij hem sowieso al gelijk aan een nazi, en wie nodigt er nou een nazi uit om op zijn festival te komen optreden, vooral als dit festival ook nog eens voor vrede en verzoening is? Terecht dus, die ‘lastige vragen aan Matisyahu’. Uit de bronnen die Abunimah aanhaalt komt echter een ander beeld naar voren. Matisyahu voelt zich verbonden met Israel, met de Joden en met de Joodse religie en gebruikt ook veel religieuze elementen in zijn muziek. En Joden, Israel en het jodendom zijn natuurlijk met elkaar verbonden. Antizionisten ontkennen dat verband graag, om zo vol te kunnen houden dat hun strijd tegen en afkeer van Israel niks met Joden te maken heeft, maar veel Joden voelen een natuurlijke band met het land waar altijd Joden hebben gewoond, de religie haar wortels heeft en het Joodse leven na de verschrikkingen van de Holocaust opnieuw tot bloei kwam. Dus wanneer Matisyahu zegt dat hij een ‘strong supporter’ van Israel is volgt daar geen havikachtige tirade tegen de Arabieren op, maar zegt hij:
“I’ve recorded in Israel. I have tons of friends and musicians that live there. To me, it’s one of the most, probably the most, beautiful place in the world. And it’s very, very fraught with conflict, sort of like the history of the Jewish people.”
De rest van het interview gaat over zijn muziek en religieuze connecties. Op een gegeven moment zegt hij:
“I’m a singer, and I’m not a politician, and I have no answers for how to make world peace. All I know is that music – at least in my life – is the most powerful tool for making connections and breaking down barriers between people that feel that they don’t have an understanding of each other.”
Waarna hij vertelt dat hij veel moslim fans heeft en daar blij mee is. Ook in een ander interview dat Abunimah aanhaalt als bewijs van Matisyahu’s verderfelijke hardline posities, komt dit beeld van een niet door politiek maar door muziek en spiritualiteit gedreven man naar voren. Hij zegt o.a.:
No, I don’t vote. I don’t really believe in politicians. I don’t know what they’re really offering, though that could just be my own ignorance. I’ve never voted. I’ve been asked that question before, but I’ve never felt the desire to vote. 
Op de vraag waar hij staat in het Israelisch-Palestijns conflict zegt hij:
Well, as far as I understand, there was never a country called Palestine. There was the British occupation, but there was never a government. Palestine was a creation that was created within Israel, as Israel had already come about. That’s my understanding, but again, I’m not going to claim that I have the answer or the truth or the right knowledge. (…) But I have no answers as to who’s right and who’s wrong, and how we should deal with such huge issues that go back so far. All I know is that I have devout Muslim followers that love my music. To me, that’s what it’s about with modern people now, getting past who killed who, and knowing that God created this world in mercy. And if we could emulate that quality of mercy, we would be godly people.
Niet bepaald de woorden van een extreemrechtse militante zionist die het liefst alle Arabieren uit het land verdrijft. Abunimah wijst vervolgens op een uitspraak van Matisyahu dat Israel in zijn territoriale wateren schepen mag tegenhouden en controleren, en op optredens voor bijeenkomsten van o.a. AIPAC en ‘Friends of the IDF’. Voor antizionisten zijn dat natuurlijk allemaal vreselijke zaken. Het Israelische leger, dat al die etnische zuiveringen dagelijks uitvoert en massaal baby’s doodt, het is voor sommigen het symbool van het kwaad. Matisyahu dacht wellicht een organisatie te steunen die de soldaten, 18 jarigen die net van school komen, helpt en dat het legitiem is dat Israel, zoals ieder land, een leger heeft dat ervoor zorgt dat haar burgers veilig zijn en de grenzen bewaakt. Voor AIPAC trad hij overigens op samen met de Israelische artiest David Broza, die volgens Jeffrey Goldberg nauw verbonden is met Peace Now en optreedt bij vredes- en verzoeningsbijeenkomsten tussen Israeli’s en Palestijnen, dus dat moet ook een zeer militante happening zijn geweest.
Dan is er nog de klacht dat Matisyahu verkeerde vrienden heeft, specifiek zou het gaan om iemand die hij zijn spirituele leider heeft genoemd en -oh schande- in een nederzetting woont, Hebron nog wel. Abu Pessoptimist, die in een eerdere blog nog op voor zijn doen zeer gematigde toon schreef ‘de opsomming (van de BDS’ers tegen Matisyahu, RP) niet vreselijk overtuigend’ te vinden, waaruit ‘Matisyahu als een tamelijk zwevend persoon, die niet veel kaas heeft gegeten van politiek’ naar voren komt, doet nu volop mee met deze guilt by association. Vriend Ephraim Rosenstein haalt namelijk geld op voor een foute pro-kolonisten organisatie, dus dat maakt Matisyahu ook schuldig. De BDS maakt ervan dat Matisyahu “has praised Israeli settlers stealing Palestinian land in the occupied West Bank and making the lives of Palestinians a living hell.” Wat is er aan de hand? Goldberg laat zien dat het om een artikel gaat waarin Matisyahu schrijft:
“Eventually I met an anti-establishment renegade Russian therapist/original thinker/Chassidic and Kabalistic creative wiz with a heart of gold and no fingers. They were shot off at point-blank range at his home in Hebron, where he lived with his family surrounded by Arabs in a trailer with no locks on the doors and bullet holes in the walls. Fearless and fuckin’ cool as shit! He came to Crown Heights every other week and we started intensive therapy and became close friends. I had found my teacher and friend and I began to heal.”
Ook hier blijkt weer het apolitieke karakter van wat Matisyahu zegt. Hij is helemaal niet bezig met de kolonisten, met de strijd om Hebron en wie er nou het meeste recht op heeft. Hij vindt het een toffe vent omdat hij wars is van conventies, moed heeft, risico’s neemt, originele ideeën heeft en tegendraads is. Iemand die blijkbaar spiritueel op dezelfde golflengte zit, maar waarmee hij het niet veel over politiek lijkt te hebben gehad.
In het kleine wereldje van de BDS’ers en antizionisten is iedereen die niet anti-Israel is een extreme kolonist die Palestijnen haat. Mensen als Matisyahu, die niet politiek opereren, daar inderdaad misschien niet zoveel kaas van hebben gegeten, maar op een menselijk niveau grenzen slechten en mensen bij elkaar brengen, zijn daarin niet in te passen.
Jeffrey Goldberg schrijft over zijn politieke visie:
As for Matisyahu’s views, the political ones seem to have been offered rarely, and in response to direct questions by interviewers. The ones he asks to be judged by are the ones he puts out intentionally, in his music. The one that’s essential to our present conversation is the observation that forms the refrain and spine of his stunningly personal confessional in “Hard Way”: “I know nothing, it seems, until it’s way too late. I’m learning this the hard way.” Yup.
De lijst van de BDS’ers, waar Abu Pessoptimist zich nu 100% achter lijkt te scharen, is inderdaad niet erg overtuigend. Tot slot het argument dat iemand met uitgesproken politieke visies daarop mag worden aangesproken, of in de woorden van Peter Storm:
Anders gezegd: deze zanger heeft een kant gekozen: die van de anti-Palestijnse onderdrukker. Dát – en niet zijn joodse achtergrond – is een volstrekt legitieme reden om hem te boycotten en te weren van een festival dat volgens Electronic Intifada zaken als “vrede, gelijkheid, mensenrechten en sociale gerechtigheid” in haar vaandel voert.
Ten eerste blijkt dat Matisyahu helemaal niet zulke uitgesproken politieke visies heeft, en het beeld van de grote zionist en propagandist nogal bij elkaar geraapt en gezocht is.
En dan Electronic Intifada dat het heeft over vrede, gelijkheid en mensenrechten. De site die niks anders doet dan ophitsen tegen Israel, waar Israels bestaansrecht niet wordt erkend en geweld tegen de Joodse inwoners van Israel (zionisten in het jargon van EI) openlijk gesteund, haalt de woorden ‘vrede, gelijkheid, mensenrechten en sociale gerechtigheid’ aan om iemand die oprecht verbinding zoekt met anderen te isoleren. Wat Storm, en Pessoptimist, en de BDS beweging, in feite zeggen is: als je onze politieke visie op het conflict niet deelt, als je begrip toont voor of zelfs je steun uitspreekt voor zaken die wij afkeuren, dan hoor je geïsoleerd te worden. Dan hoor je niet op te treden op een festival, dan horen je spullen niet gekocht te worden, dan ben je niet welkom op wetenschappelijke congressen, dan ben je een paria. En waar men nog erkent dat wanneer dit enkel gebeurt op grond van afkomst je je bezondigt aan discriminatie, is het helemaal prima iemand om zijn politieke visie uit te sluiten. Misschien is inderdaad geen sprake van antisemitisme in dit geval, maar of het minder ernstig is, waag ik te betwijfelen. Zoals Elma Drayer afgelopen week in de Volkskrant schreef:
Kunstenaars voorschrijven wat ze wel en niet mogen doen – totalitaire regimes zijn er dol op. Doorgaans is het de eerste daad waartoe ze overgaan zodra ze aan de macht komen. Schrijvers krijgen te maken met censuur, musici en acteurs moeten hun loyaliteit betuigen, filmmakers mogen alleen draaien als hun werk de welgevallige boodschap uitdraagt.
Het valt te prijzen dat de festivalorganisatie op haar besluit is teruggekomen, maar het is jammer dat daar zoveel ophef voor nodig was, en volgens sommigen zelfs een verkapt dreigement van de regering om de subsidie voor het festival in te trekken. Iets wat in de ogen van Pessoptimist nogal dubieus was, en terug te voeren op de militante en goed geoliede pro-Israellobby, die de Spaanse regering (en die van alle andere landen, en de banken, en de media) om haar vingers windt. Het is inderdaad dubieus dat dergelijke ophef of druk nodig was om te voorkomen dat een kunstenaar in een vrij land de mond werd gesnoerd en een loyaliteitsverklaring moest afleggen.
Ratna Pelle