zaterdag 27 augustus 2016

Gaza: 'de dieren mogen weg, wij blijven achter' (IMO)

 
 
 
= IMO Blog =
 
Monique van Hoogstraten heeft een nieuwe tranentrekker gemaakt voor het NOS journaal. Na droog nieuws over de aardbeving in Italië, verkiezingsitems, verzekeringen, koopkracht van ouderen en Colombia was het hoog tijd voor een stukje onvervalste emo-TV. Pak de zakdoeken er maar bij, want Van Hoogstraten zet goed aan in deze reportage van afgelopen donderdag.
 
Het gaat over ‘de meest armzalige dierentuin ter wereld’, die nu helemaal is opgedoekt. De 15 laatste dieren zijn geëvacueerd. Naast een tijger ‘een paar aapjes (eentje zwanger), een pelikaan, twee stekelvarkens, reuzenschildpadden en nog zo wat’. “Laziz was de laatste tijger die Gaza nog had. Nu is ze op weg naar Zuid-Afrika.” Van Hoogstraten gaat verder: “De dierentuin van Khan Younis is leeg. Helemaal leeg. De eigenaar kan het aan het begin van de dag al nauwelijks bevatten”; waarna de eigenaar in beeld komt en zucht dat hij niet meer kan. Arme man. Arme dieren. Arm Gaza.
 
De reportage gaat door op deze kinderlijk-emotionele toon, waarbij steeds duidelijker wordt dat het niet zozeer om de arme dieren gaat, maar om via de arme dieren in hun slechte hokken het verhaal van het arme Gaza en het boze Israel nog eens te vertellen. “De dieren kwamen Gaza illegaal binnen via de smokkeltunnels, de aapjes in een zak met uien”, zo vertelt Van Hoogstraten terwijl ze op de vrachtwagen naast de kratten met dieren zit: “De uittocht is legaal, maar daarmee niet per se minder makkelijk [sic]”. De immense papierwinkel en bureaucratie worden gehekeld en dan komt de uitsmijter, dat waar het Van Hoogstraten eigenlijk om gaat: “Maar toch, zij gaan Gaza uit, op weg naar de vrijheid. Dat is voor de meeste mensen hier een droom”, waarna een Palestijn hetzelfde nog eens herhaalt: “Het is verdrietig. De dieren gaan weg, wij zitten vast”.
 
Een ‘uittocht’ als benaming voor het evacueren van een paar apen, schildpadden, een tijger en een pelikaan lijkt wat overdreven en doelbewust gekozen in dit verband. Ook de slotzin druipt van het effectbejag. Ja ja, lieve kijkers, de arme mensen in Gaza zitten daar nog steeds vast, want Israel houdt de grenzen potdicht. Nee, over de grens met Egypte en de tunnels die Egypte opblies en onder water zette hebben we het niet, en over Hamas al helemaal niet. Of de directeur van de dierentuin zo brandschoon is valt ook te betwijfelen, maar verpest nou niet dit mooie verhaal met deze zo mooie op de emotie spelende vergelijking. En een aap in een zak met uien, want Israel gunt die arme Gazanen natuurlijk geen eigen dierentuin, dat is toch prachtig? Overigens is het onzinnig te beweren dat de dieren hun vrijheid tegemoet gaan, want ze komen gewoon in andere dierentuinen in hokken terecht. Onder stukken betere omstandigheden, maar toch. De enige reden dat dit zo werd gezegd lijkt dan ook te zijn om een contrast te suggereren met de mensen die Gaza niet uit zouden kunnen.
 
Andere onderwerpen worden op een normale, zakelijke toon behandeld, zoals het akkoord van de Colombiaanse regering met de FARC, en politiek nieuws uit Nederland. Opvallend overigens dat in het achtuurjournaal het VN rapport over Jemen onvermeld bleef. In het late journaal kwam dit wel kort aan bod. Als gevolg van de burgeroorlog lijden volgens de VN ruim 7,5 miljoen inwoners aan ondervoeding en zijn drie miljoen mensen uit hun huizen verdreven. Sinds maart vorig jaar zijn bijna 3800 mensen gedood. Dit zijn heel andere cijfers dan we uit Gaza gewend zijn, maar in Jemen zit geen NOS correspondent en worden geen slachtoffers getoond met hun verhaal, het blijft dus bij een kort en afstandelijk item. En over dierentuinen in andere landen in conflictgebieden horen we al helemaal nooit. Ik maak me geen enkele illusies over hoe het er daar uitziet, als ze er al zijn.
 
Het is niet de eerste keer dat de dierentuinen van Gaza (de strook telt er drie of vier) aandacht kregen in de media. De NOS had hier in 2015 ook al verschillende items over, zoals een over de ‘horrortaferelen‘ die in dezelfde dierentuin werden aangetroffen door dierenartsen van de organisatie Four Paws. In een filmpje krijgen we de details te zien. Onder het kopje ‘Wat ging er mis?’ lezen we vervolgens de werkelijke oorzaak: niet wanbeheer van een eigenaar die zonder verstand van dieren, laat staan een vergunning, een dierentuin begon in zijn eigen achtertuin en de dieren illegaal uit Egypte importeerde, nee, de oorzaak ligt natuurlijk bij Israel: “De gevechten tussen Israël en de Palestijnen in de Gazastrook barstten afgelopen zomer weer los. Daarbij vielen meer dan 2200 doden, vooral veel Palestijnen.”
Juist ja. Als Israel zoveel mensen heeft gedood, is het vast ook schuld aan uitgemergelde en verwaarloosde dieren, nietwaar? Never mind dat de NOS hier de cijfers van Palestijnse bronnen gebruikt, die later terecht werden betwist toen onverdachte media als de BBC meldden dat wel erg veel Palestijnse ‘burgerdoden’ jonge mannen waren. Zelfs Monique van Hoogstraten gaf na de oorlog toe dat Hamas propaganda bedreef en journalisten alleen te zien kregen wat men wilde laten zien.
 
Het is een trend om nieuws klein te maken en het verhaal van gewone mensen in beeld te brengen, maar dat mag niet verworden tot propaganda en sentimentaliteit. De ‘arme’ directeur van de dierentuin leek mij niet heel erg begaan met zijn dieren, hij miste vooral de inkomsten van de busladingen kinderen die erheen kwamen in de hoogtijdagen. Verder blonk het item vooral uit in zijn gebrek aan informatie. Wanneer is de dierentuin opgericht, hoeveel mensen werkten er, hadden die verstand van zaken, hoe stonden de Hamas autoriteiten hier tegenover, etc. etc. We komen het in de reportage niet te weten.
 
In een eerder filmpje liet de NOS nog zien hoe een andere dierentuin in Gaza kleine leeuwtjes verkocht aan willekeurige Gazanen, die ze in huis namen tussen hun eigen kinderen. Een trotse vader vertelt dat ze met zijn kinderen samen in huis wonen: “Ze eten en drinken in de kamer en slapen samen op een bed. Ze kunnen ook voetballen”. De directeur vertelt dat hij niet anders kon vanwege de slechte economische situatie. Dit lijkt een wat eerlijker verhaal over hoe men met dieren omgaat, al werd je van dit filmpje ook niet wijzer over de dierentuin en de organisatie ervan. Misschien is het beter als men eerst het grote nieuws op orde heeft en de achtergronden geeft die nodig zijn om een conflict, land en situatie een beetje te begrijpen, voordat men met sentimentele verhalen komt over de verkoop van leeuwtjes of de ‘uittocht’ van een tijger en een paar apen. Het conflict is zo al ingewikkeld genoeg. En als men graag dierenleed in het Midden-Oosten in beeld wil brengen, ligt het meer voor de hand eens aandacht te besteden aan de grote aantallen zwerfhonden en katten of aan de onverdoofde slacht.
 
Ratna Pelle
 

Derk Walters (NRC) en het grote verschil binnen kerkelijke kringen in visies op Israël

 
 
Ontbreken van toelichting maakt Walters’ artikel passend in de recente reeks van negatieve NRC berichten over Israël
 
– door Tjalling –
 
Sinds op afgelopen 16 juni de motie van Kees van der Staaij(SGP), over het beëindigen van financiering van organisaties die zijn aangesloten bij de Israël-boycotbeweging, isaangenomen door de Tweede Kamer, verscheen in NRC Handelsblad een reeks van eenzijdig negatieve artikelen met betrekking tot Israël. Eén daarvan betrof zelfs een kerkelijk item, namelijk de dagelijkse praktijk van Marleen van der Louw, medewerkster van Kerk in Actie die door de Protestantse Kerk uitgezonden is naar Israël en – beoogd – Palestina. Kerk in Actie is een onderdeel van de PK en staat kritisch tegenover vooral de huidige Israëlische overheid en het beleid daarvan. Diezelfde Protestantse Kerk heeft echter ook veel leden en diverse stromingen die sympathiek staan tegenover de Joodse staat. Marleen heeft als heel moeilijke klus om de zeer uiteenlopende visies binnen kerkelijke kringen op Israël, en wat daarmee verband houdt, dichter bijeen te brengen.
 
Belangstelling voor interne kerkelijke zaken door een krant die zichzelf ziet als van liberale signatuur lijkt misschien opvallend, maar de combinatie van werkgever van Marleen, haar huidige werkplek Jeruzalem en de grote verschillen in visie binnen het christendom en de kerken op ‘Israël’, zal hoogstwaarschijnlijk de aandacht van Israël-correspondent Derk Walters hebben getrokken en genoeg aanleiding voor hem zijn geweest om er een artikel over te schrijven. Een goed artikel is het zeker niet geworden. Walters noemt weliswaar het tumult waarmee Marleen te maken heeft en somt een aantal verschillen op, maar laat achterwege om de gevolgen van hèt cruciale verschil in christelijke visies op Israël met betrekking tot de ‘land belofte’ toe te lichten (de belofte van land die God in de Bijbel heeft gedaan aan de Israëlieten). Juist door aan dit enorm grote verschil in visies op die belofte, en de gevolgen daarvan, voorbij te gaan wordt de lezer onvoldoende geïnformeerd.
 
Marleen heeft lang moeten nadenken voordat ze naar Jeruzalem vertrok, maar haar houding is positief: “Ik vind dat je niet aldoor moet denken in termen van een bepaalde theologie of politiek, maar dat je op grond van héél Gods Woord elk mens serieus moet nemen. Je moet naar ze luisteren en voor ze bidden.” Makkelijk is haar werk inderdaad niet. De meningen binnen kerkelijke kringen over werkelijk àlles wat verband houdt met het thema Israël lopen nu eenmaal zeer uiteen.
 
Ik beperk mij in dit commentaar tot maar één ding: het cruciale verschil in visie op de ‘landbelofte’, die Walters zelf ook ziet en waarover hij na zijn inleiding opmerkt: “De één ziet de Westelijke Jordaanoever als land dat door God aan het Joodse volk beloofd is. De ander vindt dat de Palestijnse christenen gesteund moeten worden in hun verzet tegen de Israëlische bezetter. En Marleen van der Louw (43), door de Protestantse Kerk uitgezonden naar Israël en Palestina, heeft als taak die uiteenlopende visies nader tot elkaar te laten komen”. Na een spatie volgt zijn ‘commentaar’ op de taak van Marleen: “Ga er maar aan staan”. Met alleen zo’n zinnetje kan een goede journalist niet wegkomen. Hier nu juist had Derk Walters dieper op in moeten gaan. Sommige visies op de landbelofte zetten het bestaansrecht van Israël immers onder druk.
 
Grofweg kan het verschil in meningen over de landbelofte binnen de kerken worden verdeeld in pro en contra. De mensen die het met die belofte eens zijn, staan ook achter de legitimiteit van de Joodse staat. De aanhangers van het in het artikel zo genoemde bevrijdingstheologische kamp tornen daarentegen juist aan de legitimiteit van de Joodse staat. Het bevrijdingstheologische kamp stelt dat ‘het Nieuwe Testament – in de persoon van Jezus, die opkwam voor gemarginaliseerden – gaat over de strijd tegen onrecht en onderdrukking, en het streven naar vrede en gerechtigheid’. Vrede en gerechtigheid moet in dit verband vooral worden gezien vanuit de positie van de huidige machtsverhouding tussen Israël en de Palestijnen, m.a.w. de strijd van het Nieuwe Testament zou te vergelijken zijn met de strijd van de Palestijnen tegen Israël. Het ‘bevrijdingstheologische’ kamp als geheel zal ongetwijfeld ook goede relaties onderhouden met, of sterk beïnvloed zijn door, Sabeel, een internationaal centrum in Jeruzalem dat de bevrijdingstheologie van Palestijnse theologen steunt. Het gedachtegoed van Sabeel is niet waarheidsgetrouw maar heeft wel een grote betekenis gekregen binnen de PK, waardoor er zelfs weer ruimte komt voor de aloude ‘vervangingstheologie’. Die houdt heel kort gezegd in dat het christendom de plaats van Israël heeft ingenomen. De oprichter van Sabeel, Naim Ateek, is een Palestijns anglicaans geestelijke en theologisch auteur. Hij heeft o.a. het boek ‘Roep om verzoening’ geschreven. Dit boek zou een gelovige visie zijn op de moeilijke situatie van Palestijnse christenen en hun geweldloze verzet tegen de bezetting van de Palestijnse gebieden. De boodschap van ‘Roep om verzoening’ past in elk geval goed bij die van het hele bevrijdingstheologische kamp.
 
Tijdens een bespreking van ‘Roep om verzoening’ wees Ateek er nadrukkelijk op dat Joden die vasthouden aan de landbelofte en de christenzionisten, de boodschap van de Bijbel abusievelijk – gotspe – opvatten en het bestaan van een Joodse staat niet legitiem kan zijn. Duidelijke taal, die ook goed wordt gehoord binnen in elk geval de PK. De PK stelt zich namelijk de zogeheten dubbele loyaliteit met Joden en Palestijnen ten doel. Die dubbele loyaliteit houdt in: het aan de ene kant onopgeefbaar verbonden zijn met het volk Israël en aan de andere kant met de Palestijnse christenen en hun kerken. Het één zou niet ten koste mogen gaan van het ander.
Het accent van de dubbele loyaliteit is inmiddels verschoven. Vooral de Palestijnse christenen moeten worden gehoord en dat is ook de reden dat er alleen al binnen de PK veel mensen zijn die aan het bestaansrecht van een Joodse staat zijn gaan twijfelen of die zelfs ter discussie willen stellen. Dit is voor veel Israëli’s beslist geen geruststellende ontwikkeling en het is dan ook goed te begrijpen dat men in Israël huiverig is voor de toenemende ‘humaan bevlogen’ invloeden vanuit (steeds meer) christelijke kerken waardoor het bevrijdingstheologische kamp inclusief Sabeel sterker wordt.
 
 

zaterdag 13 augustus 2016

Abou Jahjah en de doden van Libanon (IMO)

 

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2016/08/13/abou-jahjah-en-doden-libanon/  

= IMO Blog =

Vervolg op Abou Jahjah en de Palestijnse ruïnes

Hanin

Dit begrip werd nog aangewakkerd door het verhaal over Abou Jahjah’s geboortedorp Hanin. Dit zou, zo beweerde hij, in 1976 zijn verwoest door Israel. Hij zei: “Ons dorp werd 50 dagen omsingeld door Israel, want we weigerden collaborateurs te leveren voor Israels collaboratieleger. Daarna zijn ze binnengevallen en hebben een slachting aangericht. 120 mensen zijn gedood, de rest is verdreven. Het dorp werd dus etnisch gezuiverd en is daarna vernietigd. Wat bij ons gebeurde, gebeurde bij de Palestijnen op nog veel grotere schaal. Palestina is ingenomen door een koloniaal project. Vandaar onze solidariteit.” Daarna begon hij over Sabra en Shatilla.

Op internet kon ik weinig informatie over Abou Jahjahs dorp en deze slachting vinden, een dergelijke grootschalige Israelische slachting wordt nergens vermeld. Wel kwam ik hetzelfde verhaal nog eens tegen op Maroc.nl, dit keer door zijn ouders verteld. Een krantenartikel door Associated Press uit 2000 verhaalt over vluchtelingen die terugkeerden naar hun dorp. Daar staat dat:

Former residents say the Muslim village, three miles north of the border, was deserted after 30 residents were killed in 1976 by “Israel and its agents” and artillery pounded the town. Israel didn’t invade Lebanon until 1978, but Lebanese Christian militias of the 1975-90 civil war began receiving military aid from the Jewish state as early as 1976 to fight Palestinian guerrillas who controlled large parts of southern Lebanon.

Op Wikipedia en andere bronnen lees ik dat Israel pas in 1978 in Libanon aanviel en een deel van het Zuiden bezet hield, in reactie op terroristische aanvallen van de PLO. Wel steunt Israel vanaf 1976 de Maronieten, inclusief de Lebanese Forces, met wapens en militaire adviseurs.

Begin 1976 viel Syrië Libanon binnen, en vocht aanvankelijk met name tegen de Palestijnen, die daar een soort staat in een staat dreigden te vormen in tot de tanden toe bewapende vluchtelingenkampen. De Phalangisten (christenen), Palestijnen en Syrië hebben elk slachtingen aangericht in dorpen en vluchtelingenkampen, zoals Karantina (januari ’76, door het rechtse en grotendeels christelijke Libanese Front, 1000-1500 doden),  en Damour (kort na Karantina, door de PLO, idem 1000-1500 doden), en Tel Zaatar (augustus ’76, Maronitische christenen met behulp van Syrië, ook 1000-1500 doden volgens Wikipedia). Allemaal vreselijke en bloedige slachtingen met veel burgerdoden, maar daarover geen woord tijdens Zomergasten. In de diverse artikelen op Wikipedia over Libanon en de burgeroorlog geen woord over Hanin. Het dorp is waarschijnlijk door de christenen aangevallen (het werd ook door christelijke dorpen omringd), wellicht in reactie op weer een aanval van Palestijnen op christenen, die weer een reactie was op… etc. Maar in Zomergasten beschreef Abou Jahjah het als een op zichzelf staande gruweldaad, die om geen andere reden werd gepleegd dan de wil onschuldige burgers te doden. Daarbij werd aan aanval van landgenoten onterecht toegeschreven aan de Israelische vijand, het zionistische monster, dat immers schuld is aan alle ellende in het Midden-Oosten. De veel grotere rol van Syrië bleef buiten beeld, net als de vele wreedheden die de verschillende facties elkaar aandeden gedurende 15 jaar burgeroorlog. Thomas Erdbrink liet ook dit geheel lopen, en deed niet eens moeite te verduidelijken dat de aanval door Libanezen werd uitgevoerd, met mogelijk deels materieel uit Israel.

Sabra en Shatilla

Het mag niet verbazen dat Abou Jahjah ook uitgebreid inging op het bloedbad in Sabra en Shatilla, aan de hand van een fragment uit de Israelische film Waltz with Bashir. Ook dit werd weer geheel in Israels schoenen geschoven, hoewel uitgevoerd door Phalangisten. Hij zei dat Israel het kamp had omsingeld en vervolgens proxi milities het vuile werk liet opknappen; “zo deden ze dat toen”. Sabra en Shatilla zijn belangrijk voor veel Arabieren, aldus AJJ. Damour, Karantina en Tel Zaatar blijkbaar niet, want he, daar kunnen we Israel niet de schuld van geven. Ook hier sprak Erdbrink Abou Jahjah niet op aan, helaas. Wel zei hij dat het toch goed was dat een Israeli (de filmmaker) zo kritisch naar Israels rol keek, maar dat ‘interesseerde AJJ geen kut’, zo zei hij zelf. Het gaat om de slachtoffers, zei hij streng. Bij een film over de Holocaust zeggen we toch ook niet ‘wat goed dat een Duitser dit erkent?’. Hij vond het schrijnend hoe we weigeren te luisteren naar de slachtoffers. Daarop vroeg Erdbrink of hij Israelische slachtoffers ook erg vindt, en bleef AJJ draaien (ja, ieder slachtoffer is erg, maar daar gaat het niet om). Het gesprek n.a.v. dit item eindigde ermee dat AJJ met iedere Israeli wil samenwerken die de Nakba erkent en het zionisme afwijst als koloniaal en racistisch. Een echte bruggenbouwer.

Het verhaal over Sabra en Shatilla is natuurlijk veel langer en genuanceerder dan dit. Sharon moest erom aftreden als minister van Defensie, Israel nam het hoog op, al kon men niet weten dat de Phalangisten zo tekeer zouden gaan. Israel had toestemming gegeven de Palestijnen in het kamp te ontwapenen, niet om duizend vrouwen en kinderen te doden. De Phalangisten waren kwaad omdat een paar dagen eerder hun nieuw gekozen president Bachir Gemayel was vermoord. Het is allemaal geen excuus waarom Israel niet eerder ingreep, maar enige achtergrond informatie over de aard van de Palestijnse vluchtelingenkampen in Libanon (waar vele bewapende strijders van o.a. de PLO rondliepen en van waaruit verschillende aanvallen werden uitgevoerd) had niet misstaan. De PLO destabiliseerde Libanon en was een grote factor in de Libanese burgeroorlog, de oorlog die Abou Jahjah’s land zo kapot heeft gemaakt. Maar ja, het zijn Palestijnen, en dat zijn per definitie slachtoffers.

Het is, al met al, erg jammer dat zoveel leugens, misleidende info en grove overdrijvingen wat betreft Israels vermeende misdaden zonder enig weerwoord de revue passeerden. Ik had niet anders verwacht, en was zelfs blij verrast dat Erdbrink zich op punten behoorlijk kritisch opstelde. Zodra het echter niet over Joden in het nu ging, of de aanslagen op 9/11 waarover AJJ jubelend schreef in zijn eerdere boek, bleef Erdbrink stil.

Antizionisme wordt steeds meer mainstream, met dank aan radikalen als Abou Jahjah en het valse beeld dat zij van de geschiedenis geven, en de VPRO en andere media die hen een podium daarvoor geven. Niet alles wat Israel deed en doet is fraai, maar het gaat niet aan haar daden te isoleren en uit te vergroten alsof zij alleen het absolute kwaad belichaamt. Laat Abou Jahjah met dit alles niet wegkomen en confronteer hem met de feiten die hij graag weglaat.

Ratna Pelle

 

Abou Jahjah en de Palestijnse ruïnes (IMO)

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2016/08/13/abou-jahjah-en-palestijnse-ruines/  

= IMO Blog =

In Zomergasten beweerde de radikale activist Dyab Abou Jahjah dat hij onderscheid maakt tussen Joden en zionisten, en dat dat ‘ter nuancering’ bedoeld is. Niet alle Joden zijn volgens hem slecht, alleen de zionisten. Dit onderscheid tussen goede en slechte Joden kennen we. Het is een bekende truuk om antisemitisme te verdoezelen. Zelfs het Iraanse regime onder Achmadinejad had tijdens de walgelijke ‘Holocaust cartoon wedstrijd’ een paar excuus-Joden van Neturei Karta uitgenodigd, een radikale orthodox-religieuze groep die meent dat de stichting van Israel in strijd is met Gods wil. Een van hen heeft zelfs als minister onder Arafat gediend. Ook op protestdemonstraties waar Israel met nazi-Duitsland werd vergeleken en Sharon met SS-teken werd geschreven, doken deze mensen op.

Antizionisme

Joods antizionisme is ouder dan het zionisme, maar sinds de stichting en het succes van Israel behoorlijk marginaal geworden. Het argument dat dit een volkomen onrealistische en dus zinloze onderneming is, gaat immers niet meer op. Het argument dat een Joodse staat het nooit zal kunnen volhouden in een vijandige Arabische wereld en binnen de kortste keren onder de voet zal worden gelopen, evenmin. Volgens sceptici was het land niet te ontginnen, men zou er aan nare ziektes en ondervoeding sterven en de paar overgebleven Joden door de Arabieren afgemaakt. Er zou ook nooit steun en erkenning voor zo’n staat komen, en geen Jood zou er naartoe willen verhuizen.

De zionisten hebben overtuigend het ongelijk van deze doemdenkers aangetoond, al zijn er zeker nog genoeg problemen en uitdagingen. Het tegenwoordige Joodse antizionisme gebruikt opvallend genoeg tegengestelde argumenten: ‘Israel is te machtig geworden, wij mogen niet over anderen heersen, wij mogen anderen liefst met geen haar krenken al belagen ze ons wel. Dat hebben we immers geleerd tijdens de Holocaust, dat je geen geweld mag gebruiken tegen anderen om je te verdedigen en ten allen tijde moet voorkomen zelf als dader gezien te worden’. Dit is de Enige Juiste Les uit de Holocaust die de alternatieve Kristallnachtherdenking er sinds enige jaren probeert in te rammen. Het zal mij helemaal niks verbazen als Abou Jahjah daar komend jaar zal spreken, aangemoedigd door Anja Meulenbelt (‘ik doe hetzelfde werk als mijn moeder in het verzet tijdens de oorlog’) en Jaap Hamburger van dat Andere Joodse Geluid. Overigens gebruiken zowel antizionisten als militante zionisten de Holocaust soms op onheuse wijze om hun overtuiging en bepaalde acties te rechtvaardigen en de tegenstander aan te vallen. Van beide kanten zou men daar terughoudender mee moeten zijn. Als er een les getrokken kan worden lijkt mij het echter meer voor de hand liggen dat Joden terecht een veilige plek voor zichzelf opeisen dan dat men altijd de andere wang moet toekeren.

Deir Yassin

Abou Jahjah stelde zionisme gelijk aan racisme, het is volgens hem een koloniale ideologie en verantwoordelijk voor genocide op de Palestijnen. Hij ‘bewees’ dat met een filmfragment over Deir Yassin, waarin dit werd voorgesteld alsof het bewust zo gepland was door de zionisten als waarschuwing voor de Palestijnen, die daarop inderdaad massaal vluchtten. De gruwelen werden verteld, en ‘historicus’ Ilan Pappe (‘feiten zijn ondergeschikt aan ideologie’) vertelde dat er genoeg bewijs was om aan te tonen dat er een bewuste strategie was om alle Palestijnen te verdrijven. Het bloedbad op 9 april 1948 in Deir Yassin zou daar een belangrijke rol in hebben gespeeld.

Mahmoud Darwish, een van de bekendste Palestijnse dichters, vertelde dat Israel was gesticht op de ruïnes van zijn kinderjaren, kibboetsen op de ruïnes van zijn dorpen. Zeer dichterlijk maar ook zeer misleidend. Het verhaal van Israels stichting en de verdrijving en vlucht van zo’n 700.000 Palestijnen, is veel complexer dan dit stuk propaganda, dat totaal kritiekloos passeerde. Hier had gastheer Thomas Erdbrink duidelijk niet op gestudeerd en had hij dus geen kanttekeningen of kritische vragen bij. Geen opmerkingen over het eigen aandeel van de Palestijnen in hun verlies van land en dorpen in 1948, niks over de moefti die met de nazi’s collaboreerde en massa’s Palestijnen tegen de Joden opzette, niks over de even wrede Palestijnse aanvallen op Joodse konvooien, zoals op een medisch konvooi dat spullen naar het ziekenhuis op Mount Scopus wilde brengen. Hierbij kwamen 80 onschuldige mensen, zoals dokters en verpleegsters, om. In de maanden voor Deir Yassin werden Joodse konvooien naar Jeruzalem onophoudelijk aangevallen, en de situatie in de stad was nijpend geworden. Doel was om de 100.000 Joden in Jeruzalem uit te hongeren en/of zich te doen overgeven.

Deir Yassin werd niet door de Haganah, de voorloper van het Israelische leger, aangevallen maar door de radikale Irgun en Lehi. De plannen waren niet bekend bij het zionistische leiderschap in Tel Aviv. Een reden voor de slachting zou zijn geweest dat de Irgun en Lehi ook een succes op hun naam wilden hebben na een paar recente successen van de Haganah rond Jeruzalem. Deir Yassin was een makkelijk doelwit omdat het dorp amper bewapend was en bovendien een vredesverdrag had met een naburig Joods dorp. Het dorp vormde, in tegenstelling tot wat sommige pro-Israelische bronnen zeggen, geen strategisch gevaar voor Joodse gemeenschappen of konvooien. Ami Isseroff schrijft in een uitgebreide studie naar de aanval en de omstandigheden:

Deir Yassin was a village near the entrance to Jerusalem, north west of Givat Shaul. Not wishing to endanger itself, it had concluded a peace pact with Givat Shaul that was approved by Yitzhak Navon, who headed the Arab division of Haganah intelligence. A similar pact was made by the village of Abu Ghosh. There is every indication that Deir Yassin kept to this pact. They had repeatedly and actively resisted alliances and offers of help from irregulars headquartered in Ein Kerem, though it is possible that some Palestinian irregulars were quartered there against the will of the inhabitants. The village was separated from the Jerusalem road by a high ridge, and villagers could only reach the main road through Givat Shaul. There was no possibility of controlling the main road or firing on the main road from the village. Estimates of village population at the time range from 450 to 1,200, including refugees from nearby Romema and Lifta.

De Haganah had voorgesteld dat men een plaats zou aanvallen die strategisch van belang was, maar dat leek de Irgun en Lehi te moeilijk voor hun slecht getrainde troepen. Toch ging de Haganah akkoord met de aanval, en bood zelfs even steun met een mortier toen de aanval leek te stokken. Ami Isseroff:

The dissidents, numbering about 120, competed with the Haganah and Palmach for the favor of the populace, who were hungry, fearful and desperate for action that would save them. After their terrorist activities became clearly counter-productive, the dissidents operations were curtailed by actions of the Haganah. Thus, these organizations were relatively inactive for a long period before April 1948.

Op een gegeven moment tijdens de aanval, nadat de meeste mannen al waren gevlucht, gingen de aanvallers van huis tot huis en schoten de vrouwen en kinderen dood. Dit was geen onderdeel van de geplande aanval zoals die met de Haganah was besproken. Naderhand gaven de Irgun en Lehi een verklaring uit waarin de aanval werd verheerlijkt en geclaimd dat 254 Arabieren waren gedood. De Haganah veroordeelde de aanval nadat men met eigen ogen had gezien wat er was gebeurd. Het aantal van 254 was waarschijnlijk onjuist; men had er belang bij een zo hoog aantal te noemen om zo meer succes te claimen en het afschrikwekkender te laten lijken voor de Arabieren. De Arabieren namen deze cijfers over en hadden er van hun kant eveneens belang bij om de aanval zo groot en wreed mogelijk voor te stellen. Wanneer de aantallen die in verschillende getuigenverslagen worden genoemd worden vergeleken kom je op een aantal van 110-150 doden uit, merendeels onschuldige slachtoffers waaronder veel vrouwen en kinderen.

There were at least two direct reprisals attributed to Deir Yassin. On April 13, Arabs attacked a convoy to Hadassah hospital near Sheikh Jerakh, killing 78 civilian medical personnel and 5 of the convoy defenders. When the Gush Etzion compound surrendered on the eve of Israeli Independence, Arab irregulars machine gunned 50 people after they had surrendered. Witnesses say the attackers were yelling “Deir Yassin, Deir Yassin,” when they entered Gush Etzion.

Ami Isseroff concludeert:

·        The motivation for attacking Deir Yassin had nothing to do with military considerations.

·        The attack was not instigated by the Haganah or desired by the Haganah or part of any specific Haganah plan. David Shaltiel showed poor judgment and moral bankruptcy in permitting the attack, but he could not have known there would be a massacre.

·        There may have been a few foreign or irregular Arab soldiers in Deir Yassin, but they were not there in appreciable numbers on April 9, and there is no real evidence of foreign or irregular Arab soldiers stationed there in force except for the 150 that entered and were asked to leave in March.

Het is opvallend dat Deir Yassin zo ontzettend veel meer aandacht heeft gekregen in de geschiedschrijving over het conflict en ook in de media, dan de diverse aanvallen op Joodse doelen, zoals hierboven genoemd. In de onafhankelijkheidsoorlog hebben beide partijen bewust burgerdoelen aangevallen, en werden ook veel burgers gedood bij aanvallen op strategisch belangrijke doelen. Deir Yassin had een pact met het nabijgelegen Givat Shaul en de Haganah, maar veel dorpen werden wel degelijk gebruikt als basis van waaruit Joodse doelen werden aangevallen. Vooral de dorpen aan de weg naar Jeruzalem waren berucht, er kwam op een gegeven moment geen konvooi meer door. Beide partijen bezaten ook niet het soort wapentuig waarmee dit onderscheid goed te maken is, en het was een strijd op leven en dood. Als de zionisten hadden verloren waren ze waarschijnlijk zelf massaal afgeslacht en verdreven, zoals de moefti en andere Arabische leiders meermaals hadden aangekondigd. In de uitzending van Zomergasten was al deze context niet aanwezig, en werd bovendien zonder meer gesteld dat de aanval van ‘de zionisten’ was en paste binnen hun manier van oorlog voeren. En uiteraard geen enkel woord over de ook niet geheel onschuldige Arabische daden.

Ruïnes

Zo is ook de uitspraak dat Israel op de ruïnes van Palestina is gebouwd misleidend en propagandistisch. Ten eerste zijn veel kibboetsen en andere Joodse gemeenschappen op land gebouwd dat begin 20e eeuw werd aangekocht door het Joods Nationaal Fonds van particuliere Arabieren. Dit land was zelden bewoond, zoals flinke delen van het land leeg waren (er woonden aan het begin van de 20e eeuw zo’n 500.000 Arabieren in Palestina). Met de komst van de zionisten nam de Arabische bevolking ook toe, en trokken zij juist naar de plaatsen waar door de Britten en zionisten economische activiteit ontstond. Ook leefden zij langer en kregen meer kinderen als gevolg van betere gezondheidszorg en infrastructuur. In eerste instantie profiteerden de Arabieren van de komst van de zionisten. Het mag begrijpelijk zijn dat zij de nieuwe Joden wantrouwden, die met een andere insteek naar het land kwamen om het te bebouwen en er een staat te stichten. Het kan de zionisten niet kwalijk worden genomen dat zij een oplossing zochten voor het Arabische geweld dat vanaf de jaren ’20 op steeds grotere schaal voorkwam. Wat begon met wachters die bij de kibboetsen de wacht hielden en diefstal van vee voorkwamen, eindigde bij een goed georganiseerd (ondergronds) leger.

Ten tweede hebben de Arabieren geprobeerd juist dat met de Joden te doen: ze verdrijven en waarschijnlijk erger. Men wees ieder compromis af en wilde niks met de Britten en zionisten te maken hebben, ook niet met groepen die hen tegemoet wilden komen. Eind 1947 werd het zoveelste voorstel afgewezen, het delingsplan van de VN, en begon men met aanvallen op Joodse burgerdoelen. In de burgeroorlog waarin dit uitmondde zijn veel Arabische dorpen vernietigd, de meeste niet zoals Deir Yassin zonder enige militaire reden. (Lees hier meer over de onafhankelijkheidsoorlog en de chronologie ervan.) Maar ook dit bleef onbeantwoord in Zomergasten, en de kijker bleef achter met het gevoel dat het toch wel begrijpelijk is dat Abou Jahjah Israel zo haat en het zionisme als inherent verdorven ziet.

Ratna Pelle

Vervolg: Abou Jahjah en de doden van Libanon

 

woensdag 10 augustus 2016

Olympische gedachte ver weg bij Libanese sportploeg

 

Op de Olympische Spelen in Rio de Janeiro werd vorige week woensdag voor het eerst officieel de dood herdacht van een deel van het Israelische team in 1972 door Palestijnse terroristen in München, iets waar nabestaanden jarenlang voor hebben geijverd.

 

Intussen worden de Israelische sporters nog regelmatig door Arabische collega’s als melaatsen behandeld. Een Saudische judoka liet zondag een wedstrijd schieten om niet tegenover een Israelische judoka te hoeven staan; en afgelopen vrijdag weigerde de Libanese Olympische ploeg zelfs om de Israelische ploeg in dezelfde bus te laten die hen naar de openingsceremonie zou brengen.

 

Wouter

________________

 

As a Lebanese, I demand that Lebanon be banned from the Olympics

AUGUST 8, 2016, 8:50 PM 

http://blogs.timesofisrael.com/as-a-lebanese-i-demand-that-lebanon-be-banned-from-the-olympics/

 

BLOGGER

Fred Maroun is a Canadian of Arab origin who lived in Lebanon until 1984

 

·          

The Lebanese delegation at the Olympics exposed its country’s bigotry when it refused to be on the same bus as Israelis and blocked them entry into the bus. The athletes may or may not be bigoted themselves, but they knew how their country reacts to any sign of “normalization” with Israelis.

 

The Lebanese Olympians knew that Miss Lebanon Saly Greige was demonized in January 2015 for taking a picture with an Israeli contestant, and they knew that they would be hailed as heroes in Lebanon for their act of cowardice.

The Olympic Charter pledges, “To fight against all other forms of discrimination”, but the International Olympic Committee’s response to this blatant incident of discrimination against Israelis was a slap on the wrist of the Lebanese delegation. On the same weekend, Saudi judo athlete Joud Fahmy forfeited a match to avoid facing Israeli Gili Cohen, and the IOC took no action against Saudi Arabia.

 

The IOC is the organization that refused in 2012 to commemorate the eleven Israeli Olympic athletes who were killed by Palestinian terrorists during the Munich Games of 1972, so its credibility in defending Israelis against discrimination is tainted. As a person of Lebanese origin, I want the IOC to know when it fails to uphold the Olympic spirit with regard to Israel, it is failing everyone, including Arabs who oppose terrorism and hatred.

If countries like Lebanon, Saudi Arabia, and others cannot put aside their hatred of Israel, or any other country, at least for the duration of the Olympics, they should not be allowed to compete.

The IOC should ban any country that does not allow its athletes to mingle with all other athletes at the Olympics, and there should be no special arrangements to prevent some countries’ athletes from being transported or lodged together with athletes of some other countries.

Although Lebanon has not won a medal at the Olympics since 1980, being part of the Olympics is still a source of national pride. There is however no pride in being a bigot. A ban from the Olympics would force Lebanon and other nations that hold similar bigoted views to rethink what they really stand for. Do they really want to be known as bigots to the world? Do they value more their bigotry or their athletes?

According to the Olympic Charter, “The Olympic symbol expresses the activity of the Olympic Movement and represents the union of the five continents and the meeting of athletes from throughout the world at the Olympic Games”. It is about time the IOC started taking its own charter seriously.

 

zaterdag 6 augustus 2016

Zomergast Abou Jahjah 2.0 en de Joden (IMO)

 
 
 
= IMO Blog = 
 
Op 10 november 1975 besloot de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties met 72 voorstemmen (35 tegen, 32 onthoudingen) dat zionisme een vorm van racisme en raciale discriminatie is. Deze resolutie verwees onder andere naar eerdere resoluties en verklaringen van organisaties waarin zionisme gelijk werd gesteld met het Apartheidsregime in Zuid-Afrika en waarin zionisme een bedreiging voor de wereldvrede werd genoemd, en alle landen werden opgeroepen deze ‘racistische en imperialistische ideologie’ te bestrijden. In 1991, na het uiteenvallen van de Sovjet Unie en ontmanteling van het Apartheidsregime, werd de resolutie ingetrokken. De gebezigde marxistische retoriek (“international co-operation and peace require the achievement of national liberation and independence, the elimination of colonialism and neo-colonialism, foreign occupation, Zionism, apartheid and racial discrimination in all its forms, as well as the recognition of the dignity of peoples and their right to self-determination”) is in bepaalde kringen echter nog onverminderd populair. Met verwijzing naar de mooiste principes de walgelijkste ideeën verkopen gebeurt ook nog steeds, zoals vorige zondagavond bij de VPRO.
 
Drie uur lang mocht hardcore antizionist Dyab Abou Jahjah daar uitleggen dat hij eigenlijk een bruggenbouwer is en juist oplossingen zoekt voor de problemen van deze tijd. Drie uur lang vertelde hij dat hij een activist is, een radikaal, maar een constructieve radikaal, iemand die kritisch kijkt en zich niks aan laat praten. En meer van dergelijke ronkende maar lege taal. Als klein jongetje weigerde hij al het Libanese volkslied mee te zingen in de klas, want Libanon was een Westerse imperialistische constructie waar hij niet achter kon staan. Abou Jahjah houdt van dergelijke stevige oneliners, en ook van het aktivistiese marxistiese taalgebruik dat tot in de jaren ’80 populair was op sommige universiteiten.
Zo ook de uitspraak dat islamofobie “antisemitisme 2.0” is. Presentator Thomas Erdbrink vroeg hem ernaar, en kreeg een enorme woordenbrij over zich heen. Het kwam erop neer dat beide een vorm van racisme zijn, tegen een groep die in Europa buitenstaander is. Daarbij maakt islamofobie dezelfde evolutie door als antisemitisme en zouden we nu in de jaren ’30 zitten wat dat betreft. Jammer dat Erdbrink het daarbij liet zitten. Hoezo jaren ’30 nu voor moslims? Waar blijkt dat uit? Worden er wetten tegen moslims uitgevaardigd, mogen ze niet meer op bepaalde plaatsen komen, worden ze door de regering via propaganda verdacht gemaakt? Maar hij ging onverstoord verder en verklaarde dat we moeten leren van de geschiedenis. Het was bedoeld als waarschuwing: moet er eerst iets verschrikkelijks gebeuren voordat we het mogen benoemen? Tsja, wat kun je nog op een dergelijke dooddoener zeggen? Wie wil er niet leren van de geschiedenis en voorkomen dat zoiets vreselijks ooit nog zal gebeuren? Dus Erdbrink hield zijn mond en Abou Jahjah had zijn punt gemaakt: moslims zijn de nieuwe Joden en niet antisemitisme, maar islamofobie (wat dat precies inhoudt bleef in de lucht hangen, maar het kan blijkbaar tot massamoord leiden en is dus heel erg fout) is het grote probleem in deze tijd.
 
Op een ander punt gaf Erdbrink niet zo snel op en viel Abou Jahjah door de mand. Dat gebeurde toen Erdbrink hem op de beruchte ‘zionistenpijper’-tweet aansprak. In deze tweet noemde Abou Jahjah Antwerps burgemeester Bart de Wever een zionistenpijper, in reactie op zijn besluit Joodse instellingen extra te beveiligen na de aanslag op het Joodse museum in Brussel op 24 mei 2014, waarbij 4 mensen werden doodgeschoten. Abou Jahjah begon over dubbele maatstaven en dat er kort tevoren een allochtoon was doodgeschoten door een rechtsextremist, maar toen hoorde je de burgemeester niet. Daarna bazelde hij nog wat over de ‘rechtstreekse banden’ die De Wever met ‘een aantal organisaties’ uit Joodse hoek zou hebben, waarop Erdbrink ietwat spottend vroeg of hij daar soms een complot vermoedde, iets wat hij uit Iran maar al te goed kent. En vond hij dan dat Joden niet beveiligd moeten worden, en wat deed het überhaupt met hem dat Joodse instellingen zo beveiligd moeten worden? Dat laatste ontweek Abou Jahjah behendig door te pareren dat het hem pijn doet dat we in een wereld leven met zoveel geweld, waarin die beveiliging nodig is. Geweld dat hij zelf overigens later in de uitzending verdedigde, want bommen in menigtes laten afgaan was nou eenmaal het enige middel van de machteloze tegen zijn onderdrukker.
 
Het werd hier maar al te duidelijk dat hij weinig geeft om Joden. Even tevoren had hij een fragment laten horen waarin Netanyahu de Joden van Frankrijk toesprak na de aanslagen op o.a. een Joodse supermarkt in Parijs op 9 januari 2015. Netanyahu roept de Joden daarin in ietwat hoogdravend taalgebruik op naar Israel te komen, het land van het Joodse volk, van hun voorouders, waar iedere Jood met open armen ontvangen zal worden etc. Een mooie aanleiding voor AJJ om eens lekker los te gaan tegen Israel. Hij beweert dat men het land koloniseert alleen maar omdat dat in een heilig boek staat, en hij is ertegen dat Joden zomaar naar Israel kunnen. Vervolgens ontkent hij dat Joden veiliger zijn in Israel, ‘want daar is ook verzet’. Een verspreking, waarin hij toegeeft terrorisme zowel daar als hier in feite als eenzelfde soort verzet te zien? Hij beweert daarna dat Joden om ideologische redenen naar Israel gaan, die uit Oost Europa ook om economische, maar niet vanwege de veiligheid. Daar hield hij aan vast ondanks tegenwerpingen van Erdbrink.
 
Het is een bekend argument van antizionisten: Joden zijn beter af en veiliger in Europa. Erdbrink maakte handig gebruik van dat gegeven door AJJ te vragen wat hij voor de Joden en hun veiligheid in Europa doet, hij wil immers dat ze hier blijven? Nou, daar was AJJ helemaal niet mee bezig: “Ik ben activist, dat is mijn taak niet om voor hun veiligheid te zorgen, maar mijn idealen wat betreft rechtvaardigheid zijn ook goed voor Joden”, zo praatte hij er omheen. Ammehoela. Zijn idealen wat betreft rechtvaardigheid komen erop neer dat Joden geen volk zijn (hij vermeed dat begrip heel behendig toen hij inging op de overeenkomsten tussen antisemitisme en islamofobie) en daarom geen recht hebben op een staat. Terwijl hij tot 2009 (daarna zou hij ervan terug zijn gekomen) een Arabisch nationalist was, zou Joods nationalisme racisme zijn. Dat wringt ergens. Het is dus rechtvaardig dat er een 22ste Arabische staat bij komt, die heel ‘historisch Palestina’ zal omvatten en dus binnen de kortste keren een Arabische meerderheid heeft, waar Joden volgens hem prima kunnen wonen. In de praktijk zullen ze het er niet lang uithouden gezien het Arabische antisemitisme en het geweld, dat overigens al lang voordat Israel er was aan de gang was, ook al was het bij tijden minder extreem dan in Europa. Op Facebook heeft hij zich in het verleden wat explicieter uitgelaten over het lot van de Joden in Palestina: je koffers pakken of de doodskist.
 
Het argument dat Joden veiliger zijn in Europa is vals. Joden zijn helaas nergens helemaal veilig, omdat er overal waar ze zijn (en soms ook waar ze niet zijn) antisemitisme is. In Europa is dat nooit helemaal weg geweest en de laatste tijd neemt het toe, vaak onder het mom van Israelhaat. Terecht zei Erdbrink (die eigenlijk nog veel te aardig voor hem was maar toch kritischer dan ik had verwacht) dat AJJ met de termen Joden en zionisten strooit en dat zijn aanhang dat onderscheid vaak niet maakt. Dus wanneer de strijd tussen Israel en de Palestijnen zich verhevigt, worden Joden op straat uitgescholden en erger, en vliegen er stenen door de ruiten bij bekende Joden of Joodse instellingen. Veel Joden hebben hun mezoeza al van de deur gehaald en hun kettinkje met davidster afgedaan, want te gevaarlijk. Juist in Israel kunnen Joden zich nu verdedigen tegen antisemitisme en geweld, en dat geeft een enorm gevoel van controle en dus veiligheid. Men kan er openlijk zijn Joods-zijn laten zien en met elkaar beleven, men is geen minderheid die op zijn best wordt getolereerd. Juist Abou Jahjah zou dat moeten begrijpen, daar hij zelf zo tekeer gaat tegen de tweederangspositie die moslims in Europa hebben. Hij droomt openlijk van de dag dat autochtonen niet meer de meerderheid zijn in onze steden, en zegt dat Brussel er alleen maar op vooruit zal gaan wanneer de ‘nare mensen’, de racisten, zijn vertrokken en hun plaats is ingenomen door allochtonen.
 
Voor Joden lijkt de kans ooit een meerderheid (of ook aanzienlijke minderheid) te worden in welke Europese stad dan ook voorgoed verkeken. Met dank aan de Holocaust die Abou Jahjah’s AEL in 2006 nog belachelijk maakte in cartoons, zogenaamd als reactie op de Deense Mohammed cartoons. Zij zullen overal buiten Israel en enkele plaatsen in de VS een kleine, marginale minderheid zijn. AJJ gaf toe dat er geen echte gelijkheid kan zijn in zo’n geval, echte gelijkheid is pas mogelijk wanneer niemand in de meerderheid is. Daar zit wat in, maar dat geldt voor de Arabische landen nog velen malen sterker dan voor Europa met zijn open democratie en vrijheid van godsdienst en meningsuiting.
 
Ratna Pelle
 
(Meer volgt.)
 

donderdag 21 juli 2016

VPRO geeft weer podium aan Israelhaat (IMO)

 

http://www.israel-palestina.info/actueel/2016/07/21/vpro-geeft-weer-podium-aan-israelhaat/

= IMO Blog = 

De protesten tegen Dyab Abou Jahjah als Zomergast bij de VPRO worden al gauw gezien als pleidooi voor censuur, het monddood willen maken van bepaalde (dwarse, sommige onwelgevallige) stemmen. En dat verhoogt zijn status als querulant, als dwarse denker, die het tegen een machtige Israellobby opneemt. Veel antizionisten hebben dit imago dankbaar uitgebuit: Thomas von der Dunk, Dries van Agt, en in een vorig tijdperk Gretta Duisenberg. Lekker zeggen wat van de goegemeente eigenlijk niet mag, of beter gezegd, wat 20 jaar geleden not done was maar nu allang bon ton is.

Het protest tegen Abou Jahjahs optreden roept bij velen de reactie op dat hij het recht heeft te zeggen wat hij vindt, hoe vreselijk dat misschien ook is. In die theorie wordt iedereen monddood gemaakt wiens stukken niet geplaatst worden, of boeken niet gepubliceerd, een onzinnig idee. Zoals ik al schreef hebben media natuurlijk geen verplichting iemand een podium te geven. Toch worden de protesten tegen Abou Jahjah, rapper Appa en Thomas von der Dunk steevast in die hoek geplaatst, niet in de laatste plaats door henzelf. Mij gaat het echter niet zozeer om wat zij zeggen, maar waar zij het zeggen. In achteraf zaaltjes mogen van mij obscure types roepen dat Israel een racistische apartheidsstaat zou zijn die de grootste genocide in deze eeuw heeft uitgevoerd. Als je zo iemand op regelrecht antisemitisme kunt betrappen dan kan de rechter worden ingeschakeld, maar verder doen ze maar. Wanneer iemand dat op de publieke omroep gaat zeggen heb ik daar een groot probleem mee. De publieke omroep zet toch een soort stempel van goedkeuring op de inhoud van programma’s, je weet dan dat het door allerlei kwaliteitscontroles is gegaan. Niet iedere idioot mag bij Pauw aanschuiven, bij DWDD en al helemaal niet in Buitenhof of Nieuwsuur, laat staan in Zomergasten.

De walgelijke schrijfsels op obscure blogjes als Hotel Terminus, Floris Schreve Lult of de altijd weer eenzijdig negatieve schrijfsels van zuurpruim Maarten Jan Hijmans: het valt doorgaans allemaal onder de vrijheid van meningsuiting. Op de site van Stop de Bezetting werden jarenlang met enige regelmaat artikelen uit het Iraanse Press tv overgenomen, een lekker onfrisse bron die de ware aard van SdB goed laat zien. Nog in 2014 werden ze aangeklaagd door het CIDI en MDI voor het plaatsen van antisemitische artikelen over o.a. de grote Joodse invloed op internet en media (de SdB website is vorige maand vernieuwd en lijkt nu geen oude artikelen meer te bevatten). Zolang deze schrijfsels ons niet worden voorgeschoteld als waardevolle stemmen in het debat, en tien- of honderdduizenden mensen die zich verder niet specifiek met Israel-Palestina bezig houden ze ‘toevallig’ onder ogen krijgen en de onzin erin voor betrouwbaar gaan aanzien, is er weinig aan de hand. Het zou ondenkbaar zijn dat zwarte Gretta indertijd ruim 3 uur op tv mocht vertellen over haar favoriete tv programma’s, daarvoor werd ze niet serieus genoeg genomen, zelfs niet door de vooruitstrevende leiders van publieke media en debatcentra.

Maar steeds als je denkt dat we nu wel het hoogtepunt hebben gehad qua misstappen en het legitimiteit verlenen aan rabiate Israelhaat, schijnt het nog erger te kunnen. Drie jaar geleden alweer kwam de VPRO in opspraak vanwege een nogal onkies kolonistenspel dat de jongerenafdeling op haar site had geplaatst. In het spel werden Joodse stereotyperingen (Joodse gierigheid) verwerkt en heel Israel als gekoloniseerd neergezet. Het was allemaal satire uiteraard, maar nadat het Simon Wiesenthal Centrum vragen stelde en het de internationale pers had gehaald, koos de VPRO toch eieren voor haar geld en haalde het spel van de site. Erger nog vond ik de uitzending van Tegenlicht in oktober 2011, waarin Thomas von der Dunk mocht vertellen hoe smerig de Israellobby te werk gaat. Von der Dunk (“Israëlis gedragen zich als een Herrenvolk”), die Israel altijd graag met de nazi’s vergelijkt en als het grootste probleem en kwaad van de eeuw voorstelt. Uit de aankondiging:

Anti-Israël is al snel anti-semiet, ook in Nederland. Tegenlicht onderzoekt met Thomas von der Dunk hoe in Nederland het denken over Israël wordt gemanipuleerd door een machtig samenspel van politiek, geloof en propaganda. Nederland is een trouwe bondgenoot van Israël en die sentimenten zitten diep. Israël blijft dat zorgvuldig koesteren en regisseren zodat op elk gewenst moment de steun van Nederland kan worden ingezet.

Samen met o.a. Ilan Pappe (“Feiten doen er niet toe”) worden een aantal recente kwesties geduid, zo gaat men verder, om te besluiten met: “Slechts een paar voorbeelden van het geraffineerde spel dat de pleitbezorgers voor Israël spelen.” Het ging om zaken als dat de subsidie van ICCO aan Electronic Intifada werd gehekeld, en dat er kritiek was gekomen op de radikale inhoud van Palestijnse schoolboeken. In de uitzending werden vervolgens Amos Oz en Shimon Peres van racisme beticht, omdat zij aan het zionistische idee van een Joodse staat vasthielden. Wat alles zegt over het extremisme van de ‘historici’ Ilan Pappe en Thomas von der Dunk, beiden hardcore antizionisten. En het was natuurlijk helemaal geen geraffineerd spel maar doodnormaal werk van mensen die voor vrede zijn om de opruiende teksten van EI en de Palestijnse schoolboeken te hekelen, maar de uitzending doet het voorkomen alsof dit om machtige en zeer dubieuze groepen gaat.

Door dit soort uitzendingen (VARA’s Zembla had een paar jaar hiervoor een aflevering van precies dezelfde strekking) en andere berichtgeving (o.a. NRC laat niet na te benadrukken hoe invloedrijk het CIDI wel niet is en hoe eenzijdig pro-Israel men wel niet is) is dit idee van een machtige Israellobby een soort gemeengoed geworden en wordt alles wat ten faveure van Israel wordt gezegd of gedaan in dat licht geplaatst. Israel sympathisanten handelen blijkbaar nooit vanuit idealisme en rechtvaardigheidsgevoel en omdat zij voor een letterlijk en figuurlijk onder vuur liggend land willen opkomen, maar het zijn gewiekste lobbyisten. Ook website Joop van de VARA is berucht. Jarenlang was antisemiet Peter Edel er vaste columnist, naast onfrisse figuren als Jan Wijenberg (die het CIDI van knokploegen betichtte) en natuurlijk Dries van Agt. Rechtse mensen (en het CDA is daar rechts) krijgen er normaal gesproken geen podium, behalve natuurlijk als ze net als baas Francisco van Jole ook anti-Israel zijn.

Wat doen dit soort zaken met ons, de consumenten van al dat fraais? Gecombineerd met de vele eenzijdige reportages van Monique van Hoogstraten (en haar voorganger Sander van Hoorn), het nagenoeg negeren van Palestijns geweld, tegen kolonisten en überhaupt (behalve wanneer men kan openen met de Israelische tegenreactie, waarna de oorzaak in een bijzinnetje – “volgens het Israelische leger zou een Palestijn met een mes” etc. – kan worden weggestopt), heeft dit voor een behoorlijke omslag gezorgd. Daar hoor je zelfs iemand als Anja Meulenbelt weleens voorzichtig over jubelen. Het komt erop neer dat zodra Israeli’s enkele Palestijnen doden, en vooral wanneer daar minderjarigen bij zijn (iedere Palestijn onder de 18 is een kind voor veel media), Joodse instellingen extra beveiliging behoeven en Joden extra behoedzaam zijn als ze de deur uitgaan. Het aantal antisemitische incidenten neemt toe, onder ieder artikel over Israel verschijnen antisemitische commentaren, en ik hoor Joden zeggen dat het misschien toch tijd wordt te emigreren.

Vervolgens zien we in het beste geval een bezorgde minister op tv die oproept om Joden en Israel niet door elkaar te halen en kalm te blijven, gevolgd door beelden van de zoveelste anti-Israel demonstratie en een woedende Appa die ‘fuck de Talmoed’ roept en alle ‘zionisten’ van oorlogsmisdaden beticht waarvoor ze zullen boeten. Zijn vuisten in de lucht en een grote schreeuwende en klappende menigte voor hem. Even overschakelen op Pauw dan maar, waar een Marokkaanse baas van een broodjeszaak zegt dat je Israelische toeristen wel in elkaar mag slaan vanwege Israels misdaden. Dan liever een programma over bruggen bouwen opzetten? Wederom Appa in beeld, die vertelt dat hij met iedereen wil verzoenen, maar niet met racisten en zionisten…

En binnenkort kunnen we dus weer ruim drie uur Israelhaat tegemoet zien. Ik wil helemaal niemand de mond snoeren, en ik accepteer alle bagger op internet zolang die binnen de wet valt (wat volgens mij vaak niet zo is, maar dat is weer een ander verhaal). Maar ik kan niet accepteren dat kwaliteitsmedia, de media waarmee ik ben opgegroeid, telkens weer een podium bieden aan rabiate Israel haat en soms nauwelijks verhuld antisemitisme. De publieke media hebben invloed, juist vanwege voornoemd stempel van goedkeuring. Dat men soms ook wat controversiëlere mensen een podium biedt kan ik begrijpen, dat kan goed zijn voor het debat en de meningsvorming, maar waarom steeds met dezelfde strekking, tegen hetzelfde land en dus ook datzelfde volk dat daar zelfbeschikking heeft? En vanwaar die eenzijdigheid? Dat is allang niet meer fris en vernieuwend, het is dezelfde oude prak telkens weer opwarmen en opdienen en erbij zeggen dat dit een nieuw recept is.

Voornoemde Tegenlicht uitzending werd zelfs aangeprezen op het forum van Stormfront. De ‘NVU voorzitter’ schreef daar:

Deze documentaire moet verplicht scholingsmateriaal worden voor alle rechts-radicale, nationalisten, volks-nationalisten en nationaal-socialisten. Zodat men weet hoe en wat over de staat Israël en het Jodendom. Zeer leerzaam en interessant.

Extreemlinks en extreemrechts demonstreren soms gebroederlijk naast elkaar tegen Israel. Het zou zeer te denken moeten geven, en zou een mooie reportage in Tegenlicht of Zembla kunnen opleveren, ware het niet dat zij principieel nooit iets zullen uitzenden waarin het anti-Israel sentiment kritisch wordt bejegend. Volgens een Belgische criminoloog en voormalig veiligheidsadviseur van de premier had een aantal moslimextremisten van Sharia4Belgium hun roots in de AEL. Ook hingen jongens uit het criminele milieu om hem heen. Hij werd in 2002 gearresteerd op verdenking van het aanzetten tot geweld en in eerste instantie veroordeeld tot een jaar cel. Zijn AEL werd in Nederland veroordeeld vanwege een antisemitische cartoon. Tijdens de Tweede Libanon Oorlog in 2006 ging hij ‘het verzet’ helpen, en tot aan de Syrische burgeroorlog werkte hij nauw met Hezbollah samen. Ik heb eerder al diverse citaten gegeven waaruit zijn extremistische gedachtengoed blijkt.

Ik geloof niet dat de VPRO deze ideeën aanhangt, maar men is wel stekeblind voor het extremisme en het gevaar dat daarvan uitgaat, in een tijd waarin de emoties rond Israel zo makkelijk grote hoogten bereiken en Joden zich steeds onveiliger voelen. Een tijd waarin moslims en Arabieren steeds mondiger worden en openlijker hun afkeer van Israel laten blijken. Voor alles zijn nu echte bruggenbouwers nodig, mensen zoals aan Joodse zijde een Natascha van Weezel of Hanna Luden, die proberen beide kanten te begrijpen, die de dialoog willen aangaan ook met hen die er anders over denken. Mensen die kritisch naar de eigen gemeenschap zijn zonder die zwart te maken, mensen die bereid zijn te luisteren naar de ander.

Ratna Pelle