donderdag 15 augustus 2013

EU richtlijnen over nederzettingen Israël zijn onjuist en contraproductief (IPI)

 
wallPalestinianflags
 

- Door Tjalling.  -

Er was afgelopen weken veel aandacht in de media voor een reeks nieuwe richtlijnen van de EU betreffende Israël. Israëlische bedrijven die zich in bezet (Palestijns) gebied bevinden of daar actief zijn, zullen vanaf 2014 niet meer kunnen rekenen op financiering vanuit de Europese Unie. De maatregelen houden verband met het EU-standpunt dat de 'nederzettingen' illegaal in bezet gebied staan en tevens hét obstakel van de vrede zouden zijn. Op dit standpunt van de EU valt heel wat af te dingen en de daarmee verband houdende nieuwe richtlijnen voor Israël zullen contraproductief uitpakken.

In onder meer Trouw en de Volkskrant verscheen een bericht waarin werd gemeld dat 'EU-lidstaten op geen enkele wijze financiële steun mogen geven aan bedrijven die de facto de internationaal erkende grenzen van Israël niet respecteren'. Deze beslissing werd afgelopen juni genomen. Ook werd er gespecificeerd dat de 'samenwerking tussen de EU en Israël niet meer van toepassing zal zijn op de gebieden die sinds 1967 door Israël worden bezet'. Hierdoor wordt onderscheid gemaakt tussen de Israëlische staat enerzijds en de Westelijke Jordaanoever, Oost-Jeruzalem, de Gazastrook en de Golanhoogte anderzijds. Door het maken van dit onderscheid eigent de EU zich kennelijk het recht toe te bepalen wat Israëls grenzen zouden moeten zijn, namelijk de zogenoemde Groene Lijn van de wapenstilstand in 1949, die in de verdragen destijds uitdrukkelijk niet als grens gold. Onvermeld blijft dat de grens van de Westbank tot op heden niet officieel is vastgelegd. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft in resolutie 242 weliswaar bepaald dat Israël zich zou moeten terugtrekken uit bezette gebieden, maar erkent tevens het recht op veilige en erkende grenzen. Het was volstrekt niet de bedoeling van deze resolutie om één van de partijen eenzijdig tot stappen te dwingen. De souvereiniteit en onafhankelijkheid van alle staten in de regio moest erkend en gerespecteerd worden. Dat sloeg op het erkennen van Israël door de Arabische buren; van een Palestijnse staat was toen nog geen sprake.

Citaat uit een ingezonden stuk van Tom Struick van Bemmelen aan de redactie van Elsevier:

Een wapenstilstandlijn is nog geen grens. De befaamde resolutie 242 van de Veiligheidsraad uit 1967 stelt uitdrukkelijk dat Israël recht heeft op erkende en veilige grenzen, in ruil voor een gedeeltelijke terugtrekking uit veroverd gebied. De wapenstilstandlijn van 1949 geeft Israël duidelijk geen veilige grenzen. Daarmee is Israël in het midden slechts 15 kilometer breed. Resolutie 242 is het uitgangspunt geweest van de tussen Israël en de Palestijnse Autoriteit gesloten verdragen, zoals de Oslo-akkoorden. Daarin is dan ook uitdrukkelijk vastgelegd dat de definitieve grenzen in onderlinge onderhandelingen zullen worden bepaald.

Ook gaat de EU voorbij aan het feit dat er al vóór 1948 sprake was van Joodse bewoners op de Westoever. In de onafhankelijkheidsoorlog heeft Jordanië de Joden uit de Westelijke Jordaanoever en Oost-Jeruzalem verdreven en deze in 1950 geannexeerd, wat door maar slechts twee landen werd erkend. Op één na werden alle synagogen in Oost Jeruzalem vernield.

In het najaar van 2003 presenteerden oppositieleiders van beide betrokken partijen het informele 'Geneefse Akkoord', waarin beide kanten historische concessies deden om tot een vredesregeling te komen. Er zou een Palestijnse staat komen in bijna geheel de pre-1967 grenzen, met een één-op-één landruil van zo'n 3% voor enkele Israëlische nederzettingenblokken. Of dit allemaal werkelijk kan worden gerealiseerd is natuurlijk de vraag, maar de Europeanen hebben er geen rekening mee gehouden, dat men er bij eerdere vredesbesprekingen vanuit is gegaan, dat grote Joodse blokken nederzettingen in een vredesverdrag bij Israël komen en dat de Palestijnen daarvoor worden gecompenseerd met strategisch minder belangrijke gebieden. Dit akkoord is kennelijk ook ontglipt aan de aandacht van de EU.

De richtlijnen van de EU worden in Israël als dictaat gezien. Netanyahu: "We aanvaarden geen dictaten van buitenaf. Deze knopen kunnen alleen doorgehakt worden in het kader van rechtstreekse onderhandelingen tussen de partijen." Zijn reactie is niet meer dan logisch. De uiteindelijke resultaten zullen inderdaad tot stand moeten komen uit onderhandelingen tussen de direct betrokken partijen. Andere politici in Israël waarschuwen dat de beslissing van Europa nadelig kan zijn voor de inspanningen van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry om opnieuw vredesgesprekken op te starten tussen Israëli's en Palestijnen.

De EU-benadering brengt de vrede dus geen stap dichterbij, integendeel zelfs. Als reactie hierop neemt Israël namelijk vergeldingsmaatregelen tegen de EU door voortaan geen medewerking meer te verlenen aan projecten van de EU in de Palestijnse gebieden die volledig onder Israëlische controle vallen. Bovendien wekken de Palestijnen als het er echt op aankomt de indruk geen vrede met Israël te willen sluiten. Yasser Arafat weigerde in 2000 bijvoorbeeld in te stemmen met het compromisvoorstel van Bill Clinton, en Abbas brak de onderhandelingen met Olmert af en is nauwelijks te bewegen om met Netanyahu rond de tafel te gaan zitten. Daarvoor bestaat bij de Europese Unie alle begrip. Voor het mislukken van vrede krijgt Israël telkens de zwartepiet toegespeeld.

Een woordvoeder van Bondskanselier Merkel noemde de richtlijnen van de EU pure ideologie en symboolpolitiek die de vrede niet bevordert. Volgens mij is dit zeer juist onder woorden gebracht. Bovendien is het werkelijk meten met twee maten door altijd de focus op Israël te leggen terwijl er zoveel andere landen zijn die gebieden zoals Cyprus, Tibet en West Sahara bezet houden en mensenrechten schenden.


Bronnen:

 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen