woensdag 22 mei 2013

Bij 65 jaar Israel alleen aandacht voor 'catastrofe' Palestina (IPI)

 
Hebron 15 mei 2013
 

Door Tjalling.

Afgelopen 14 mei was het precies 65 jaar geleden dat Israël zijn onafhankelijkheid uitriep. In Israël zelf werd haar 65e verjaardag al in april gevierd, conform de Hebreeuwse kalender, maar dat wekte hier vrijwel geen aandacht in de media. Op 15 mei hielden de Palestijnen hun jaarlijke 'Nakba Dag' met enkele demonstraties en kleinere schermutselingen met het Israelische leger. Normaal gesproken niet echt nieuwswaardig, maar toch voor media zoals de Telegraaf, het AD , het Parool , Trouw en het Reformatorisch Dagblad aanleiding om een bericht te plaatsen dat de aandacht weer eens vestigt op het Palestijnse leed dat door de stichting van Israël zou zijn veroorzaakt. Letterlijk meldt het van ANP en andere persbureaus overgenomen bericht: "…toen in 1948 de stichting van Israël ervoor zorgde dat Palestijnen hun huis moesten verlaten en vluchteling werden."

De Palestijnse vluchtelingenstroom was echter al maanden eerder op gang gekomen, en was niet het gevolg van de stichting van Israël maar van een van Arabische zijde gestarte burgeroorlog, en na 15 mei de aanval door een coalitie van de Arabische buurlanden. Beide hadden tot doel de stichting van de Joodse staat te verhinderen.

Als die aanval verkeerd zou hebben uitgepakt voor Israël, dan zouden de gevolgen daarvan desastreus geweest zijn voor de 600.000 Joden die toen al in Palestina woonden. De voorzitter van de Arabische Liga, Abdul Rahman Hassan Azzam, die een week voor de onafhankelijkheidsverklaring aan Britse diplomaten had verklaard 'de Joden de zee in te drijven' zei de dag voor de aanval zelf publiekelijk: "Het zal een oorlog zijn van uitroeiing en van reusachtige slachting, waarover gesproken zal worden zoals over de Mongoolse bloedbaden en de kruistochten." De Moefti van Jeruzalem, Amin al-Hoesseini, tijdens de Tweede Wereldoorlog een bondgenoot van Hitler, deed er nog een schepje bovenop: "Ik verklaar een heilige oorlog, mijn moslim broeders! Vermoordt alle Joden! Vermoordt hen allen!"

De oorlog leidde niet alleen tot de vlucht en verdrijving van ongeveer 711.000 Palestijnen (waarvan er later 30.000 tot 90.000 naar Israël terugkeerden), maar ook tot de verdrijving van alle Joden uit de oude stad van Jeruzalem. Als gevolg van deze oorlog en de Arabische anti-Joodse maatregelen moesten in de jaren erna tevens meer dan 800.000 Joden uit Arabische landen vluchten, meestal met achterlating van al hun bezittingen, waarmee er een einde kwam aan vele eeuwenoude Joodse gemeenschappen.

Israëls onafhankelijkheidsoorlog kostte meer dan 6.000 Joden het leven, waarvan eenderde overlevenden van de Holocaust waren. Dat was minder dan het aantal Arabische doden, maar meer dan het aantal Palestijnse doden (naar schatting 3.000), en naar rato veel meer, namelijk 1% van de toenmalige Joodse bevolking in Israël.

In vrijwel alle berichtgeving naar aanleiding van de onafhankelijkheid van Israël en de daaropvolgende oorlog, ontbreekt deze context en ontbreekt vooral het leed aan Joodse zijde.

Mondiaal Nieuws

In Mondiaal Nieuws verscheen op 15 mei een opinie artikel van Brigitte Herremans, medewerkster Midden-Oosten van Broederlijk Delen en Pax Christi Vlaanderen. Dit zijn twee katholieke Belgische zogenaamde vredes- en ontwikkelingsorganisaties, die evenals de Nederlandse Oxfam Novib en United Civilians for Peace erg pro-Palestijns geörienteerd zijn.

In het artikel, dat slechts oog heeft voor de Palestijnse kant, wordt VN-resolutie 194 genoemd, die onder meer Israël oproept om de vluchtelingen te laten terugkeren. Deze resolutie werd van Arabische zijde decennialang afgewezen, omdat die impliciet Israël erkent en tot een vredesregeling oproept, maar wordt tegenwoordig graag aangehaald omdat hij naar Arabische interpretatie een 'recht op terugkeer' voor de Palestijnse vluchtelingen zou behelsen (wat echter niet het geval is). De resolutie gaat vooral over een destijds ingestelde verzoeningscommissie en roept verder op Jeruzalem onder direct VN-bestuur te plaatsen, een streven waar geen der partijen ooit mee heeft willen instemmen maar die formeel nog steeds het VN-standpunt is.

Broederlijk Delen en Pax Christi benadrukken dat een oplossing voor de Palestijnse vluchtelingenkwestie cruciaal is. Maar waarin die oplossing dan zou moeten worden gezocht en gevonden wordt niet genoemd. Makkelijk zal het zeker niet gaan. Inmiddels is het aantal Palestijnse `vluchtelingen' volgens de Palestijnse vluchtelingen organisatie UNRWA opgelopen tot meer dan 4 miljoen. Het is voor Israël een onmogelijke opgave al deze mensen te moeten huisvesten. Bovendien hanteert de UNRWA een geheel andere definitie voor vluchteling dan de UNHCR, de VN-organisatie voor alle andere vluchtelingen ter wereld. Volgens die algemene definitie zou het aantal Palestijnse vluchtelingen, als direct gevolg van de oorlog in 1948, nog maar 100.000 tot hoogstens 200.000 personen zijn, allen bejaarden. Niet alleen Mondiaal Nieuws, ook de zogenaamde mainstream media leggen dit verschil in definitie van vluchteling tussen de UNHCR en de UNRWA niet uit.

'Israël drijft de Bedoeïen in de hoek', klaagt Herremans enkele alinea's verder. Deze klacht wordt in elk geval ontkracht door een artikel van het Franse persbureau AFP over de hoogste bedoeïenen spoorzoeker in het Israëlische leger, kolonel Magdi Mazarib. Hij zegt daarin helder 'dat in vergelijking met de buurlanden, de status en positie van de Arabieren in Israël beter is'. Het artikel uit het AFP werd trouwens ook doorgegeven door het Arabische persbureau Al Arabya.

Herremans merkt ook op dat de hedendaagse situatie van de Palestijnse burgers in Israël allesbehalve ideaal zou zijn. Zij baseert zich daarbij enkel op Adalah, een organisatie die opkomt voor de belangen van Arabieren in Israel en partnerorganisatie van Broederlijk Delen. Feitelijk heeft ze het steeds over de bedoeïenen in de Negev woestijn, met als voorbeeld Al-Araqib, waar al jaren rechtszaken om worden gevoerd. De staat Israël heeft voor de rechtbank overtuigend aangetoond, onder meer met luchtfoto's, dat vestigingen van de bedoeïenen hier van recente datum zijn en zij geen wettelijke claim om dit gebied kunnen doen gelden, zodat deze nederzetting inmiddels vele malen is ontruimd en door de bedoeïenen weer opgebouwd.

Conclusie

In het verre verleden is wellicht teveel eenzijdige aandacht uitgegaan naar de Israëlische kant van het MO-conflict. Echter de laatste decennia is de balans pas goed uit evenwicht geslagen door vrijwel alleen aan Palestijns leed van vroeger en nu aandacht te schenken. De berichtgeving over, of liever naar aanleiding(!) van 65 jaar onafhankelijkheid van Israël is als gevolg daarvan weer eens onvolledig en eenzijdig. Het artikel van Herremans toont de eenzijdigheid aan bij ideële organisaties die vrede en rechtvaardigheid zeggen na te streven maar alleen oog hebben voor Palestijnse claims. Reguliere media hebben deze tendens helaas grotendeels overgenomen in hun berichtgeving.

 


Bronnen:

 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen